Een verstandshuwelijk met de trombone

Fred Wesley vond de trombone eerst vreselijk, maar werd van lieverlee een van de grote bespelers van het koperen instrument. Welke muziek inspireerde hem?

Jazz-trombonist Fred Wesley Beeld
Jazz-trombonist Fred WesleyBeeld

Als James Brown drie vingers in de lucht stak, gaf de trombonist met de blazerssectie drie ferme stoten. Als Brown door de funky geest werd bevangen, leverde hij dat warme koperen geluid waarover the hardest working man in showbusiness over het podium gleed. Trombonist Fred Wesley stond jarenlang met saxofonist Maceo Parker achter Soulbrother Number One en bood het tegenwicht voor een superstrakke ritmesectie, gegeseld door een vinnig slaggitaartje, met hooks als uitroeptekens en solo's als meanderende bijzinnen.

'Eerlijk gezegd deden Maceo en ik destijds gewoon wat James aan ons vroeg, op een nogal nonchalante manier. James, die geen instrument kon bespelen, had iemand nodig die de blazerspartijen die hij bedacht, voor hem opschreef. Destijds hadden we er geen benul van dat die nummers klassiekers zouden worden. Pas later ben ik dat werk op waarde gaan schatten.'

Aan de telefoon vertelt Wesley (72) dat het niet eens de reputatie van James Brown was die hem deed besluiten in de band te komen spelen. 'James was simpelweg mijn ticket uit het gehucht dat Mobile, Alabama is.'

Dat terwijl zijn verhouding met de trombone in het begin niet meer was dan een verstandshuwelijk. Wesleys vader was leider van een plaatselijke bigband. 'En ik had al les gehad op diverse instrumenten toen hij op een dag thuiskwam met een trombone. Hij hield hem als een worst voor en zei: 'Als je hierop kunt spelen, mag je in de band.'

Na Brown en diens 'satellietacts' volgde een carrière bij de psychedelische funktroepen van George Clinton en daarna zo'n beetje bij iedereen in de muziekwereld die een tegelijk soepel en afgemeten trombonegeluid kon gebruiken. Wesley speelde bij onder anderen Ray Charles, Count Basie, Lionel Hampton, Van Morrison, Cameo en De La Soul. Maar nooit bij Stevie Wonder. Had hij wel gewild.

'Ik was aanwezig bij een opnamesessie van Stevie waarvoor hij zwaar blazersgeschut had opgetrommeld: vier trompetten, vier tenorsaxofoons. Vroeg-ie achteraf, met die bekende grijns van hem, wat ik ervan vond. Zei ik: 'Er zou wel wat trombone bij mogen.'

J.J. Johnson Quintet - J Is for Jazz (1956)

'Voordat ik zelf trombone speelde, had ik er altijd die koddige associatie bij. Je weet wel: pwaa-hááááp.' Over de telefoonlijn klinkt het audio-equivalent van circusclown-glijdt-over-bananenschil. 'Vond ik he-le-maal niks. Maar toen ik voor het eerst jazztrombonist J.J. Johnson hoorde spelen, dacht ik: 'Zo kan het ook.' Volgt over de lijn, ter illustratie, een reeks afgemeten huppelende padá padá padáms. 'In plaats van dat typische glijdende van de trombone, speelde Johnson juist heel gearticuleerd en blies geïsoleerde noten. Ik heb hem uitentreuren bestudeerd.'

null Beeld
Beeld

Curtis Fuller Jazztet with Benny Golson - Curtis Fuller Jazztet with Benny Golson (1959)

'Cole Porters It's All Right With Me op dat album klinkt zo onopgesmukt, zo straight en zo snel! Eerst hoorde ik Johnson en toen Fuller. En net zoals ik als Johnson wilde fraseren, wilde ik zo snel zijn als Fuller. Je hoort op It's All Right With Me een sextet op een achteloos soepele manier door een muzikaal landschap cruisen; relaxed in de vierde versnelling. Net als Johnson heeft Fuller als trombonist dat gearticuleerde waarbij hij zelfs octaafsprongen kon maken zonder dat de noten in elkaar overliepen. En dan die waanzinnig creatieve solo's...'

null Beeld
Beeld

Ahmad Jamal - Poinciana (1963)

'Nog zo'n standard. Ik heb altijd iets met pianisten gehad. Misschien omdat ik als trombonist zo geobsedeerd was door zo afgemeten mogelijk spelen. Dat ligt een beetje besloten in een instrument als een piano, hè? Ik bedoel: je kunt op een piano niet per ongeluk noten spelen die tussen de toetsen liggen zoals je dat bij een viool of trombone wel kunt. En daarbij heeft Jamal, die veel minder met snelheid heeft dan die bebopjongens vóór hem, een geweldig gevoel voor spanning en daarbij een prachtige lichte toets.'

null Beeld
Beeld

Ray Charles - Ray Charles Presents David 'Fathead' Newman (1960)

'David Newman heeft op dit album zo'n beetje de leidersrol in Ray Charles' sextet en wisselt tenor- en altsaxofoon af. Het was de start voor Newman als solist. De muziek is vooral bebop. Maar bijzonder aan Newman is dat hij er ook een behoorlijk portie soul in stopt. En dan met name Bill for Bennie.' Volgt aan de telefoon weer een snelle reeks badebedabeda's, die lichtvoetig toonladders op- en afsnellen. 'Het is techniek én gevoel en weer dat soepele. Ik heb ooit eens arrangementen geschreven voor Charles, maar die hebben nooit een album gehaald.'

null Beeld
Beeld

John Coltrane - Giant Steps (1959)

'Daar luister ik nog geregeld naar omdat ik die plaat nog steeds niet helemaal begrijp. Het is haast niet te bevatten dat een persoon zo'n vaardigheid, zo'n scherpte, zo'n creativiteit kan hebben in het bespelen van zijn instrument. Wat Coltrane doet is tegelijk vreselijk moeilijk en vreselijk mooi. Ik hoorde Giant Steps voor het eerst toen ik net bij James ging spelen. De hectiek van het toeren betekende haast automatisch dat je geen tijd en geen energie meer had om jezelf te verder bekwamen in je spel. Jammer, maar die periode heeft me ook veel goeds gebracht.'

Fred Wesley speelt met zijn Generations Trio 22/1 in de North Sea Jazz Club (Amsterdam).

null Beeld
Beeld

Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden