EEN VERLOREN GENERATIE

Al bijna twintig jaar duurt de guerrilla-oorlog tegen het Ugandese bewind. Het rebellenleger bestaat vooral uit kindsoldaten, ontvoerd en gehersenspoeld om soldaat te worden, of seksslavin voor de rebellen....

Hij ziet eruit als acteur Samuel L. Jackson en rijst in zijn prachtige lichte kostuum met witte muts met gouden rand hoog boven zijn volk uit in het warme namiddaglicht.

Jesse Odens heeft de leiding over het Anyara-vluchtelingenkamp in het Kaberamaido-district in Noord-Uganda. Vandaag is het gehele kampement, vele duizenden mensen, toegestroomd om in de schaduw van de grote bomen in het midden van het kamp over de vele problemen te komen praten.

Na het zingen van het Ugandese volkslied komt een hele waslijst op tafel. Odens somt op: er is in Anyara gebrek aan schoon drinkwater, er is voedseltekort, zodat zelfs die ene maaltijd per dag in gevaar komt, er is nauwelijks gezondheidszorg, onderwijs is er slechts mondjesmaat, en wie beschermt toch onze kinderen? Niemand!

Zoals Anyara zijn er vele kampen in Noord-Uganda. Ze heten Obalanga of Pabbo, en ze liggen rond steden als Lira, Kitgum en Soroti. Meer dan anderhalf miljoen Ugandezen wonen in deze kampen, die ogen als 'gewone' dorpen. Ronde hutten met rieten daken, gesitueerd rond oude, vervallen stenen handelsposten, waar ooit Aziaten hun nering dreven. Maar de Aziaten zijn weg, in de jaren zeventig verdreven door Idi Amin.

Nu hokken vluchtelingen rond de trading posts , bang als ze zijn om in hun geïsoleerde dorpjes te blijven. Velen van hen wonen al meer dan vijftien jaar in de kampen. Gevlucht in eigen land voor de rebellen van het Weerstandsleger van de Heer (LRA), dat al sinds 1986 vanuit Sudan een guerrilla-oorlog voert tegen het bewind van president Yoweri Museveni in Kampala.

Het is een van die vele, in het Westen vergeten oorlogjes waarvan Afrika er zo'n treurigmakend groot aantal kent. Het LRA van Joseph Kony, een man die zichzelf als Messias ziet en die de Tien Geboden als een vage leidraad gebruikt, bestaat vooral uit kindsoldaten. Al zeker twintigduizend zijn er door Kony - er bestaan slechts vage beelden van hem: rastakapsel, cowboyhoed en zonnebril - de afgelopen decennia ontvoerd, om gehersenspoeld te worden tot soldaat, of seksslavin voor de rebellen.

Met hun kalasjnikovs en scherpe panga's houden de kinderen-diegeen-kinderen-meer-mogen-zijn onder leiding van de oudere rebellen vervolgens huis in de streek waar ze zelf oorspronkelijk vandaan komen. Niet zelden worden ze gedwongen hun eigen familieleden te doden of te verminken. De bevolking vluchtte sinds 1986 massaal naar de kampen, en hoewel het Ugandese leger nu wat meer werk lijkt te maken van de strijd tegen de LRA, is het nog steeds verre van veilig in Noord-Uganda. Bizar beeld: 's middags, als de zon laag boven het goudgekleurde Afrikaanse land staat, lopen grote groepen kinderen van het platteland naar steden als Gulu en Kitgum om daar 's avonds, in de betrekkelijke veiligheid van de stad, op de balkons te slapen. 's Ochtends lopen ze weer terug, naar hun dorpen, scholen en veldjes. Elke middag opnieuw vindt die trek naar de stad plaats.

In Soroti, waar een jaar geleden de kinderen ook nog op de stoepen sliepen maar waar het nu betrekkelijk veilig is, wijst Richard Ochen, de Ugandese manager van de hulporganisatie Healthneed, op een kaart van Noord-Uganda. De kaart is bevlekt met rode driehoekjes, de locaties van de vluchtelingenkampen.

'In juni 2003 kwam de LRA weer in de buurt van Soroti. Ze hebben toen massaal mensen doodgeknuppeld, honderden kinderen ontvoerd. Mensen stroomden met tienduizenden van het platteland de stad in. Het Ugandese leger deed de eerste maanden niets, we vormden onze eigen milities, de Arrow-boys, die de rebellen probeerden te bestrijden.'

Pas halverwege 2004 reageerde het Ugandese leger, mede onder buitenlandse druk. Waarom niet eerder werd opgetreden, is een raadsel. Het leger is sterk genoeg. Uganda, ten zuiden van de Nijl, rond de hoofdstad Kampala, is een tamelijk welvarend land, waar de economie jaarlijks vele procenten groeit, met vele reclame-uitingen van modern leven langs de goed geasfalteerde wegen.

Het noorden echter is een ander land. Vol uitzichtloze armoede en vluchtelingenkampen waar verbitterd gepraat wordt over president Museveni. 'Hij heeft president Bush militaire hulp aangeboden in Irak. Hij vecht in Congo, wil troepen aanbieden aan de Afrikaanse Unie om in Somalië de vrede te handhaven', schampert kampleider John Patrick in Obalanga, dat na een urenlange tocht over een rood zandpad vanaf Soroti bereikt wordt.

Maar de oorlog in eigen land, tegen slecht bewapende kindsoldaten, kan of wil hij niet beëindigen. 'Met zijn moderne leger, met helikopters en tanks, zou hij Kony met diens oude kalasjnikovs en machetes toch binnen een dag kunnen uitschakelen, desnoods met hulp van Britten of Amerikanen? Worden sommige mensen in Kampala soms beter van deze aanhoudende oorlog? Wat is dit voor een land waarin wij leven?'

Ook Obalanga houdt vandaag een volksbijeenkomst onder de grote bomen. Buiten de grote cirkel lopen de Arrow-boys, de eigen militie van het kamp, met kalasjnikovs. Een paar mannen graven verderop diepe kuilen. Hier moet een massagraf komen voor de mensen die de afgelopen maanden door de rebellen gedood werden, en die nu nog verspreid begraven liggen.

In Obalango zijn de klachten dezelfde als in Anyara: gebrek aan voedsel, schoon drinkwater, angst voor de rebellen, aids, ontvoering en verkrachting. John Patrick: 'We hebben ook gespecialiseerde hulp nodig om de trauma's van de kinderen die door het leger van het LRA zijn gekidnapt, te behandelen.' Van de tienduizenden kinderen die Kony in de afgelopen jaren ontvoerd heeft, zijn er inmiddels duizenden terug - gevlucht, of bevrijd door het leger.

Dan volgt een ontluisterend moment. Patrick klapt in zijn handen en roept dat 'alle kinderen die ooit door het LRA zijn ontvoerd' onder een andere boom, op honderd meter afstand, moeten plaatsnemen. Hier wordt een gruwelijk probleem eenvoudig zichtbaar. Honderden kinderen, maar ook jong-volwassenen, die jaren in gevangenschap hebben doorgebracht, zitten even later onder de boom. Veel van de meisjes hebben een baby aan de borst - verwekt door een rebel. Veel van de kinderen missen een of meerdere ledematen, met hun doffe ogen staren ze voor zich uit.

De voormalige kindsoldaten hebben vaak gedragsstoornissen, zegt Joan Aja, die werkt in Rehabilitatiecentrum Rachele in Lira. 'Sommigen van hen kunnen niet meer in een hut slapen, ze willen in de bush slapen. Er zijn teruggekeerde kinderen die hun ouders hebben vermoord.'

In huize Rachele - in 2003 door de Belgische regering betaald na publicaties van de journaliste Els de Temmerman over kindsoldaten - worden de bevrijde of gevluchte kindsoldaten weer voorbereid op een 'gewoon' leven. Een bijkans onmogelijke taak, beaamt Aja. Er zijn kinderen die op 5-jarige leeftijd werden ontvoerd en die pas vele jaren later weer vrij waren. 'Wat moet je met een kind, dat zestien jaar rebel was? Ze kennen het verschil tussen goed en kwaad niet. Er is hier sprake van een hele generatie kinderen die geen kind mochten zijn. Een lost generation, ja.'

De kinderen krijgen in het tehuis les, ze maken muziek, spelen met elkaar en worden aangespoord over hun gruwelijke ervaringen te praten. Aja: 'Sommigen blijven echter lang zwijgen.' Huize Rachele is een paradijsje te midden van chaos. De kinderen worden een tijdje opgevangen, maar moeten vroeg of laat toch terug naar hun familie, die vaak uit angst nog steeds in vluchtelingenkampen verblijft. Want de LRA-dreiging is verre van voorbij.

Hard optreden tegen het LRA valt ook niet altijd in goede aarde. 'Elke keer als de krant meldt dat er tien rebellen zijn gedood bij bombardementen, houden de ouders van gekidnapte kinderen hun adem in. Bij die doden kunnen immers ook ónze kinderen zijn', zegt Robert Ogural van de Onywal Okok Parent's Support Group, die de belangen van ouders van ontvoerde kinderen behartigt.

Ogural is vooralsnog geen voorstander van het vervolgen van de LRA door het Internationaal Gerechtshof, dat arrestatiebevelen tegen Kony en trawanten wil. 'Zolang die dreiging boven hun hoofd hangt, komen Kony en zijn commandanten nooit het bos uit. En komen ook onze kinderen niet vrij.'

Terwijl hij zijn verhaal vertelt, rennen kleine kinderen rond met van bamboe gemaakte speelgoedgeweertjes. Ze spelen soldaat en rebel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden