Een veilige wereld

Regisseur Steven de Jong zoekt in 'De schippers van de Kameleon' een sfeer die lijnrecht tegen de huidige, 'opgefokte' tijdgeest ingaat....

Gerben, de geinponem van het dorp Lenten, wil met de tweeling Hielke en Sietse Klinkhamer best een weddenschap afsluiten. Als ze met de polsstok over de sloot weten te springen, krijgen ze een gulden. Een hele gulden! Gerben spreekt het uit alsof het een bijzondere code betreft. En dat is de gulden in zekere zin ook. Gerbens weddenschap heeft een onderliggende boodschap: in De schippers van de Kameleon is voor de euro geen plaats.

Op de première, afgelopen zondag in de Amsterdamse Pathé Arena, vierde het nostalgische sentiment hoogtij. De catering - jongens in blauwe overalls en dames in zondagse jurken - serveerde geen sushi of crostini, maar boterhammen met pindakaas, krentenbollen en glaasjes prik. Voor de echte mannen was er Beerenburger - net als vroeger, na de kerkdienst.

De schippers van de Kameleon is niet zomaar een boekverfilming van de schelmenverhalen van Hotze de Roos over de zonen van smid Klinkhamer. De film, geregisseerd door Steven de Jong, brengt een ode aan de vervlogen tijd. Aan de jaren waarin er nog herrie uitbrak omdat iemand op zondag de was buiten hing, of omdat twee nozems er met de portemonnee van de ijscoman vandoor waren. Een pikanterie? Esther, de leukst deerne uit het dorp, zoent de tweeling aan het slot van de film op de mond. Ze houdt daarbij de lippen stijf op elkaar - maar toch.

'Ik wilde per se trouw blijven aan het gevoel dat tijdens het lezen van de boeken opstijgt', zegt regisseur Steven de Jong. 'De film moest niet te snel worden, niet te clip-achtig. Er moest een sfeer in zitten van: ik kom iemand toevallig tegen en daar ga ik eens rustig een half uur slap mee lullen. Een sfeer die lijnrecht staat tegen de opgefoktheid van nu. De eenvoud, de overzichtelijkheid, die heb ik gezocht.'

De Jongs heimwee naar een geordende, verzuilde wereld staat niet op zich. De kunsten - de film voorop - staan bol van herinneringen aan de vorige eeuw. De musical The Sound of Music was het afgelopen jaar een kassucces, de theaters liepen vol voor 't Schaep met de 5 pooten, de Annie M.G. Schmidt-verfilming Ja Zuster Nee Zuster werd een hype en de filmversie van Chris van Abkoudes Kruimeltje, deels opgenomen in het Enkhuizer Zuiderzee Museum, is met 1,3 miljoen bezoekers een van de best bezochte producties uit de Nederlandse filmgeschiedenis.

Nostalgie is een collectieve neurose geworden. De voortschrijdende ontwikkeling van de technologie doet blijkbaar verlangen naar de kolenkit, veldwachters en de bakelieten telefoon. Een verlangen dat door filmmakers gretig wordt opgepikt; de opnamen van de filmvariant op de tv-serie Floris beginnen deze zomer, en Pipo en de P-P-Parelridder (royaal gesteund door het Filmfonds) wordt, als entertainmentbedrijf Endemol zijn zin krijgt, de kersthit van 2003. Pipo's concurrent heet overigens Pietje Bell 2.

'De wereld wordt steeds kleiner, en tegelijk steeds onoverzichtelijker', stelt creative director Peter Römer van Endemol, die meeschreef aan Pipo en de P-P-Parelridder. 'Mensen grijpen terug naar het verleden, en kleuren de herinnering aan die tijd in. De oorlog was een vreselijke tijd. Maar achteraf, in de verhalen, lijkt het de mooiste tijd van hun leven. Een soortgelijk mechanisme vindt nu in het groot plaats. Er heerst onvrede, dus wordt er teruggegrepen naar oude verhalen. Die doen het, in een gefabuleerde versie, altijd goed. Als een soort vlucht.'

Toen hij aan Pipo begon te werken, vroeg Römer zich af wat er eigenlijk zo bijzonder was aan de tv-serie over de clown, zijn 'circusvrouwtje' Mamaloe, Dikke Deur en de indiaan Klukkluk. 'Het is achteraf gezien tv uit de préhistorie. Knutselen met karton. Wat is blijven hangen, zijn de simpele karakters. Een wereld die veilig is.' In de film maakt acteur Rudi Falkenhagen ('m-mooie parels, f-fijne parels') zijn comeback als Snuf, de helft van het boevenduo Snuf & Snuitje. Römer: 'Dat vonden we een mooi gebaar. Hij brengt de twee tijdsvakken, die twee totaal verschillende werelden, bij elkaar.'

Behalve met terugzucht heeft de recycling van oude jeugdhelden te maken met een wisseling van de generaties, stelt Johan Nijenhuis van NL Film, de producent van Floris. 'Niemand kijkt op van een boekverfilming. Dat was de afgelopen jaren de standaard. Nu is er een generatie makers bijgekomen die is grootgebracht met beelden. Met televisie en film. Dat is hun referentiekader.' De keuze voor een bekende tv-serie heeft dezelfde voordelen als de keuze van een succesvolle roman. 'Het is bekend. Het leeft. Dat is prettig.' Over ideeënarmoede wil Nijenhuis niets horen. 'Dat vind ik onzin. Er is toch ook niemand die klaagt als Hamlet voor de zoveelste keer uit de kast wordt getrokken?'

De opmars van de nostalgische helden past in het beeld van Nederland als een natie die, door een jarenlange nadruk op zelfontplooiing, een gevoel van gemeenschap ontbeert. Het is niet toevallig dat het pleidooi voor het Oranjegevoel - het stokpaardje van minister-president Balkenende, die zo uit De schippers van de Kameleon lijkt weggelopen - samengaat met verwijzingen naar de 'normen en waarden' van zo'n vijftig jaar geleden, toen alle straten net zo schoongepoetst waren als de Primulastraat uit Ja Zuster Nee Zuster. Floris en Pipo moeten het verlangen naar gemeenschapszin inlossen. De bioscoop, kortom, als therapeut van een volk.

Burny Bos, momenteel werkend aan Pluk van de Petteflet: 'Het individualisme, door computers en internet extra gevoed, begint zich te wreken. Ik merk dat bij mijn eigen kinderen. Die vinden het heerlijk om met zijn allen een bordspel te spelen.'

De knusheid was een van de pijlers van Minoes (840 duizend bezoekers). Killendoorn, waar Minoes en de journalist Tibbe iets moois beleven, toont Nederland zoals het kort na de oorlog was: keurig in hokjes ingedeeld. De boosdoener is op kilometers afstand te herkennen, de burgemeester waait met alle winden mee, op het plein eet de enige neger van het dorp op zijn Hollands een haring. Tibbe had wél een schootcomputer, die door Minoes werd voorzien van een programma dat ouderwetse typemachine-geluiden maakte tijdens het werken op het toetsenbord.

Bos: 'Die opleving van typisch nationale producties vindt ook in andere Europese landen plaats. De lokale film wint terrein op de internationale studioproductie. Het publiek is op zoek naar houvast. Na de eenwording voelt zelfs Europa te groot aan.'

Voor Steven de Jong is het lonken met het verleden meer een kwestie van smaak. De schippers van de Kameleon rekent af met het 'hedendaagse gedoe'. 'Mijn film moest romantisch zijn. Met aandacht voor de natuur. Dat kun je ouderwets of kinderachtig noemen. Ik zie het als een alternatief voor de agressiviteit die zowel in films als in het gewone leven de boventoon voert.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden