REPORTAGE

Een tweede leven in de Bourgogne

Het is hard werken voor een veel lager inkomen dan ze gewend waren. Toch stijgt het aantal Nederlanders dat een nieuwe leven begint in de Bourgogne. En Frankrijk is er blij mee.

Agnes Roeleveld in haar kaaswinkel in Moulins-Engilbert.Beeld Hans Heus

'In Nederland is het altijd moeten, moeten, moeten. Hier is het leven simpel: je staat op, je gaat aan het werk, je geniet van de natuur. Ik verdien nog geen kwart van wat ik in Nederland verdien, maar ik geniet hier van de joie de vivre.'

Sylvie Jonckheer (59) drijft een maison de la presse, een winkeltje met kranten, tijdschriften en kantoorspullen in Lormes, een dorpje van 1.400 inwoners in de Bourgogne. Robuuste grijze huizen tussen de groene heuvels, een paar cafés, een goed restaurant, gedreven door een ouder echtpaar waar je voor 17 euro een driegangenlunch bestelt.

In Nederland had Jonckheer een leidinggevende functie bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Bij de zoveelste reorganisatie verdween haar baan. Ze keek naar andere functies bij de overheid, maar dacht al snel: wil ik tot mijn pensioen blijven meedraaien in deze ambtelijke molen? 'Ik wilde iets totaal anders, minder abstract. En vooral geen baas meer, daar was ik al mijn hele leven tegen aangelopen.'

Het aantal Nederlanders in de Bourgogne steeg van 1.700 in 2006 naar ruim 2.300 in 2011, het laatste jaar waarvoor cijfers beschikbaar zijn. Van deze groep is 60 procent gepensioneerd, 18 procent in loondienst en 16 procent zelfstandig ondernemer. De niet-gepensioneerde Nederlanders werken vaak hard voor minder geld dan ze gewend zijn, blijkt uit een onderzoek dat onlangs werd gepresenteerd. Maar ze voelen zich verlost van de vervreemdende discipline van het Nederlandse arbeidsleven, met zijn vergadercircuit, steeds weer terugkerende reorganisaties en telkens opnieuw vastgestelde targets. De Bourgogne is aantrekkelijk, omdat de streek relatief dicht bij Nederland ligt en toch heel anders is: heuvelachtig en dun bevolkt.

De regio kan de Nederlanders bovendien goed gebruiken. Na de Tweede Wereldoorlog liep de streek leeg, omdat jongeren naar de steden trokken voor studie en werk. Die uittocht van het platteland is nu gestopt. Sinds 2000 heeft Nièvre, een van de departementen van de Bourgogne, een positief migratiesaldo. Fransen ontvluchten drukke steden als Parijs en Lyon, buitenlanders zoeken er de Franse douceur de vivre. De nieuwkomers zijn hard nodig om scholen, winkels en andere publieke diensten overeind te houden.

(Tekst loopt door onder de foto)

Het dorpje Saint Père in de Morvan, gezien vanuit Vézelay.Beeld Elliott; Julian/Arcaid/Corbis

Middenstand

Nièvre heeft zelfs een Nederlandse consultant ingehuurd, Lonneke Grobben, die Nederlanders en andere buitenlanders probeert te interesseren voor het overnemen van winkels, restaurants en andere bedrijven. 'De middenstand is belangrijk voor de leefbaarheid van de dorpen', zegt Grobben. Veel Fransen zijn niet zo geïnteresseerd in een bestaan als kleine zelfstandige: keihard werken voor relatief weinig geld.

Nederlanders koesteren het ideaal van une vie à la française, dat minder draait om professioneel en materieel succes en meer is gericht op menselijke relaties, constateert onderzoeker Elie Guérault. Maar juist op sociaal vlak worden ze vaak teleurgesteld, zegt hij. 'Veel Nederlanders vinden het moeilijk aansluiting te vinden bij de lokale bevolking, al doen ze nog zo hun best', zegt hij. 'Dat is geen specifiek Nederlands probleem. Ook Parijzenaars lopen er tegen aan. De meeste nieuwe plattelandsbewoners zijn hoog opgeleid en komen uit een stedelijke omgeving. Dan is het soms moeilijk gemeenschappelijke interesses te vinden met een laag opgeleide boerenbevolking.'

'Zelf hebben we daar geen last van', zegt Agnes Roeleveld (46), die met haar man Eric een kaashandel drijft in het dorp Moulins-Engilbert. 'Ik zit in de ondernemersvereniging en het bestuur van het office du tourisme.'

Hun Fromagerie Champs Fleuris staat op markten en verkoopt kaas via internet. Ze hebben ook een winkel, l'Amuse Bouche, aan een plein in Moulins-Engilbert, een dorp van 1.700 inwoners. Het ligt misschien niet zo voor de hand, Gouda en Edammer verkopen op een plek waarvan president De Gaulle zei: 'Hoe kun je een land regeren waar ze 246 soorten kaas maken?' Maar Nederlandse kaas loopt goed, zegt Roeleveld, mits van hoge kwaliteit en niet verpakt in een supermarktcellofaantje. De Fromagerie heeft een 'heimweehoekje' met stroopwafels, advocaat en jenever, maar verkoopt ook Franse kaas, olijven en tapas.

Drukkerij

In Nederland was Roeleveld customer relations manager bij het Nederlands Vaccinatie Instituut, haar man zat in de grafische wereld. 'We zeiden altijd: we willen een keer naar het buitenland. Toen ze bij ons allebei op het werk gingen reorganiseren, zeiden we: nu moeten we het doen.'

Ze namen een drukkerij over, maar gingen na anderhalf jaar failliet. 'Toch wilden we niet terug. We konden de handel van een vriend overnemen, die met kaas op markten stond', zegt Roeleveld. Daarna vroeg de burgemeester van Moulins-Engilbert, die het dorp nieuw leven wilde inblazen, of ze geen kaaswinkel konden beginnen.

Net als Sylvie Jonckheer heeft Roeleveld flink aan inkomen moeten inleveren. 'In Nederland hadden we allebei een goede baan, nu zitten we rond het minimum. Dat zal wel beter worden, hopen we, maar we hebben flink moeten investeren.'

Het voordeel is dat je in Frankrijk goedkoop kunt leven, zegt ze. 'Nederland is heel materialistisch. Ik kocht wel vijf keer zo veel kleren als hier.' Wie door de dorpsstraat van Moulins-Engilbert flaneert, komt toch minder snel op het idee dat het absoluut noodzakelijk is de laatste mode te volgen.

Het is een beetje back to basics, een bevrijdend gevoel. 'Hier hebben we rust, ruimte en vrijheid', zegt Roeleveld. 'In Baarn woonden we onder de aanvliegroute van Schiphol, terwijl we altijd de A1 hoorden. Hier heb je een ander leven, met meer kwaliteit. Ik ga elke dag met plezier naar mijn werk, ook omdat het van mezelf is. Dat was in Nederland wel anders.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden