Een tuin of paleis op elke prent vormt nog geen tentoonstelling

Het kleinste prentje is de grootste tour de force van 'Lusthoven en Paleizen', de keuze uit de eigen collectie grafiek die het Teylers Museum laat zien....

Dorien Tamis

Het spiegelende water van de Hofvijver weerkaatst het licht in Van de Veldes tafereeltje, dat afkomstig is van de volle maan. Langzaam, alsof je ogen aan het donker moeten wennen, laat dat beetje licht je toe om steeds meer vormen te onderscheiden: wolken, bomen, de gebouwen van het Binnenhof en de borstwering aan de voorzijde van de vijver. Dat daar een man en een vrouw over het water uitkijken, zie je alleen maar omdat de contouren van hun lichamen door de maan worden verlicht.

Tussen de bomen, waar het nachtzwart het diepst is, laat een elegant gezelschap zich begeleiden door twee jongetjes met fakkels. Hier ontstaat het grootste contrast tussen licht en donker, met een bleekgekleurde hond die zich net buiten de lichtkring begeeft.

Zo veel gradaties van duisternis vereisen evenveel variatie van lijnvoering en arcering. Dat het effect overtuigend is, is geen geringe prestatie op zo'n klein oppervlak. Bovendien vraagt een dergelijke onderwerp, een zogenaamd nachtstuk, als het ware een omgekeerde manier van werken van de prentmaker. Hier zijn het niet de donkere lijnen waarmee de compositie in de eerste plaats is opgebouwd, maar juist de lichte, de opengelaten omtrekken van hetgeen Van de Velde afbeeldde.

Prachtig, maar wat heeft Van de Veldes etsje te maken met, om maar een greep te doen, de overweldigende prenten die Piranesi van ruïnes in het achttiende-eeuwse Rome maakte, het tuinontwerp volgens menselijke proporties dat de secretaris van stadhouder Frederik Hendrik, Constantijn Huygens, liet graveren voor zijn buitenhuis bij Voorburg, of de litho van het rond 1850 gebouwde Chinese paviljoentje, een folly die toen overigens al lang uit de mode was, van een buitenhuis bij Sassenheim waarvan de eigenaar grof geld moest betalen om het in de serie 'Bijzondere Gezichten op. . .' opgenomen te krijgen u

Met nog eens zo'n vijfenveertig andere prenten, maken die ook deel uit van de tentoonstelling. Zeker, al het werk is afkomstig uit de eigen verzameling van het Teylers, en op elke prent is op één of andere manier een paleis, een buitenhuis, een tuin, of een aanverwant onderwerp afgebeeld. Maar daarmee houden de overeenkomsten op. Engeland, Frankrijk, Italië, Duitsland en Nederland: de tentoongestelde stukken lijken lukraak uit twee eeuwen Europese grafische geschiedenis te zijn gekozen. Sommige prenten werden in opdracht van de bouwheer vervaardigd om voor een groot publiek met zijn bezit te kunnen pronken, andere gezichten dienden als souvenir of werden in series over een bepaalde landstreek uitgegeven. Ook de artistieke kwaliteit is uiteenlopend, van schitterend tot verdienstelijk.

'Lusthoven en paleizen' - het thema is niet veel meer dan een excuus om mooie, bijzondere of interessante prenten weer eens uit de donkere depots naar boven te kunnen halen. Daar is niets mis mee, maar het is jammer dat er niet meer moeite is besteed aan de begeleiding van de tentoonstelling. De grote verbanden, de levendige verhalen, de relevantie van de selectie, het is er allemaal wel, maar er is weinig van terug te vinden op de tekstbordjes. En dat is een gemiste kans, want het is maar voor maar weinigen dat kunstwerken als deze, en in zo'n los verband, vanzelf spreken.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden