Een topklasje voor ballettalent

Het Nationale Ballet en de Nationale Balletacademie gaan samen jonge dansers opleiden. Deze zomer start de Junior Company waarin twaalf talenten worden klaargestoomd voor het grote podium.

AMSTERDAM - De Junior Company wordt ondergebracht bij Het Nationale Ballet in Amsterdam. Daarnaast krijgen studenten in de laatste fase van hun opleiding les van docenten van Het Nationale Ballet, en trainen ze mee met de lessen van het gezelschap. Het Nationale Ballet is voortaan nog nauwer betrokken bij de werving en scouting van talent. Ted Brandsen, directeur van Het Nationale Ballet, wordt artistiek adviseur van de Nationale Balletacademie.


Doel van de samenwerking is de verbetering van de kwaliteit van het Nederlands balletonderwijs. Ook moet het aandeel van in Nederland opgeleide dansers bij Nederlandse dansgezelschappen omhoog. Een en ander is vastgelegd in een convenant dat Het Nationale Ballet en de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten (waarvan de Nationale Balletacademie onderdeel is) onlangs tekenden. De afspraken gelden voorlopig voor drie jaar.


Helemaal nieuw is de samenwerking tussen de Nationale Balletacademie en Het Nationale Ballet niet. Leerlingen van de academie dansen al langer mee in producties van het gezelschap, en dansers van Het Nationale Ballet geven les op school. Ook tekenen beide organisaties sinds 2011 voor de Amsterdam International Summer School voor jonge getalenteerde dansers uit binnen- en buitenland.


Of dat onvoldoende was voor de benodigde kwaliteitsimpuls van het balletonderwijs, zo zou Ernst Meisner, danser en choreograaf bij Het Nationale Ballet en vanaf augustus artistiek coördinator van de Junior Company, het niet willen formuleren. 'Sinds Christopher Powney in 2010 de leiding overnam op de academie is er veel veranderd. Ik was vorige week bij de eindvoorstellingen; daar hing een hele goede energie en de kwaliteit was zichtbaar omhooggegaan.


'Met de Junior Company hopen we nu ook een brug te slaan tussen opleiding en praktijk, want zelfs voor heel getalenteerde dansers is het moeilijk om hun plaats te vinden in een dansgezelschap. Ze studeren op hun zeventiende, achttiende af, blijven vaak jaren achteraan hangen, of in de tweede bezetting dansen. In de Junior Company gaan ze vlieguren maken.'


De Junior Company is een tweejarig opleidingstraject voor twaalf dansers. In het eerste jaar lopen zij stage bij Het Nationale Ballet, in het tweede jaar zijn ze bij het gezelschap in dienst. Ze krijgen workshops en individuele begeleiding en gaan met een eigen programma op tournee langs kleine zalen. Het komende seizoen dansen ze onder andere Santarello in een choreografie van Meisner en de pas de deux uit Het Zwanenmeer in een choreografie van Rudi van Dantzig.


Voor de eerste jaargang zijn vier studenten van de Nationale Balletacademie geselecteerd, de rest is internationaal gescout. In de toekomst moet het aandeel Nederlandse studenten van de Nationale Balletacademie worden vergroot. Meisner: 'Daar is de Junior Company immers voor opgezet: om Nederlandse dansers meer kansen te geven.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden