Een steentje van kosmische herkomst

Het is niet voor het eerst dit jaar dat ik op een internationale schrijversbijeenkomst zo vroom hoor praten over taalminderheden en culturele diversiteit....

Barber van de Pol

We zijn met velen in Tromsord-Noorwegen. Een Togoos, schrijver van An African in Greenland, vertelt over zijn vader en diens acht bruiden, alle acht met een eigen taal die ze aan hun kinderen doorgaven. Al legde de vader zijn meute als een ware kolonisator z taal, het mina, op, de spraakverwarring was enorm.

Is dit een pleidooi voor de instandhouding van zoveel mogelijk talen en dialecten, of juist niet?

Ze zijn er wel, de duidelijke antigeluiden. Een Sloveen wijst op het gevaar van separatisme en fanatisme bij te veel eerbied voor minderheden; hij weet er als ex-Joegoslaaf alles van. Ook voor archaring of fossilisatie en een zeker messianisme waarschuwt hij. Voor hem is iedere schrijver zijn eigen minderheid. Je uit je om te beginnen anders dan de buitenwereld.

Amin Maalouf is er ook, de in Parijs wonende Libanees die schrijft in het Frans. Ik ken hem als aanklager van het gebrek aan Verlichting in de islamitische wereld. Voor hem is het Frans met z'n krap vierhonderd miljoen sprekers zowaar ook een minderheidstaal, maar hier is het een van de voertalen. Nog wel. Maalouf trekt een dramatische parallel tussen het uitsterven van kleine talen en dat van de panda of neushoorn, een 'aanslag op de menselijke rijkdom', maar daarna wordt hij abstracter. Een volk is zijn taal, een land kan wel zonder religie, niet zonder taal, die stijl.

Ik vraag hem naar het oude ideaal van de lingua franca, een wereldwijde taal voor intellectuelen, zoals het Latijn dat ooit was. Dat moet hem als erasmiaan toch aanspreken? Zijn antwoord verrast niet; hij heeft hierover uitgebreid op papier bespiegeld. Iedereen zou, van hogerhand opgelegd, drie talen moeten kennen:

1) zijn moedertaal, 2) de taal van zijn hart en 3) het Engels; in die volgorde. Het is daarborg voor debat en begrip. Voor een Nederlander klinkt het vrij gewoon, maar in het overgrote deel van de wereld is het een utopie.

Later, tijdens een tafelrede, benadert Maalouf het onderwerp feller. Vroeger had je twee blokken: de ideologie en de filosofie, stelt hij. Niet ideaal, maar er was tenminste debat. Nu heb je identiteiten zonder interesse over en weer. Wie dat toejuicht als diversiteit is in de war.

'Ik geloof soms dat de koppigheid waarmee mensen aan tradities vasthouden, voldoende is om iedere hoop op te geven dat de mensheid door rationele maatregelen gelukkiger zal worden.' Dat laat W.F. Hermans zijn personage Arne zeggen in Nooit meer slapen (1966), en je mag aannemen dat hij het zelf ook vond.

Hier, boven de poolcirkel, wonen behalve Noren duizenden Sami's die geen Lappen meer willen heten en geen Noren willen zijn. Iedere nieuwe Sami is winst, zegt iemand, maar hoezo? In Nooit meer slapen, waar ze nog wel Lappen heten, gaat het hier ook even over, in negatieve zin. 'De meeste mensen baseren hun zelfrespect op een of ander gebrek aan comfort', zegt dezelfde Arne van zonet.

Het is onmogelijk niet aan Hermans te denken in Tromsak bezuiden de Noordkaap. Precies hier is zijn roman gesitueerd over de weifelmoedige, jonge geoloog Alfred Issendorf. Voor de souvenirwinkel staat de opgezette ijsbeer die hij aaide. Hier begon zijn zoektocht naar een 'steentje van kosmische herkomst', de meteoriet. Deze luchten, deze bergen vol korstmossen, deze fjorden en felle regenbogen, soms twee achter elkaar, heeft hij gezien, zij het eerder in het jaar.

Morgen veel te vroeg vlieg ik terug. Slapen gaat niet, maar dat geeft niet voor een keer. Het bed deugt, niemand in mijn buurt snurkt, het regent niet in, er is geen mug te bekennen en buiten is het naar behoren donker. Ik zal deze doorwaakte uren in bescheiden euforie doorbrengen. Dat ik morgen gebroken zal zijn doet er nog niet toe.

Straks wacht de culturele diversiteit zoals je die alleen op vliegvelden aantreft. Ook de lingua franca is er min of meer een feit. Op vliegvelden spelen we onze rol als wereldburger het best.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden