één snauw en daar is de thee

Smullen bij de Chinees: runderpees, eendentong, varkensbloed. En hoe krijgen die Chi nezen hun kindertjes zo lief en stil?..

Toen Liang Wai klein was, hield ze niet van Chinees. Nu spreekt ze het. En als we met haar Chinees eten, hoeven we voor de thee niet te betalen. Ze komt uit Singapore, woont in Nederland en studeert Chinees aan de universiteit van Leiden. Het klinkt als een snauw en kortaf, als ze bij de ober die langskomt een pot thee bestelt. Maar de taal is ons zo vreemd dat we geen nuance horen, misschien vroeg ze het juist heel vriendelijk.

We waren in Rotterdam en het was nog november. Koude soep uit een warme Albert Heijn joeg ons naar de Chinezen. We belandden in een groot restaurant, De Chinese Muur, dat op een doordeweekse middag stampvol zat. We moesten wachten tot twee Chinezen uitgegeten waren voor wij aan tafel konden. We bleven de hele middag de enige Europeanen in het Rotterdamse eethuis. En wij aten anders dan alle anderen. Wij aten van de kaart met plaatjes waarop we een eend hadden aangewezen. Zij aten van een stenciltje waarop honderden gerechten stonden, in Chinese karakters beschreven. Zij hadden het nog veel leuker dan wij. Hele gezelschappen waren het, uitbundig aan het feestvieren. Kinderen in alle leeftijden zaten mee aan tafel en kregen ook wat uit de mooie mandjes waarin een keur van gestoomde hapjes werd opgediend. Chinese kindjes maken geen lawaai uit eten, stelden we vast, ook jaloers meteen. In een Europees restaurant moet men oordoppen mee uit eten nemen als er ook kinderen binnen mogen. Maar Liang Wai weet zo net nog niet of het verschil tussen Aziatische en Europese kleintjes wel zo groot is. Ze kent een truc.

We hadden verzucht dat we niet weten hoe aan die mooie hapjes te komen, we kunnen ze moeilijk alle honderdveertig bestellen en kijken wat ervan komt. Nadat ons verslag in het Volkskrant Magazine was verschenen, kregen we hulp aangeboden per e-mail. 'N.a.v. het artikel van De Boer en De Cocq (...) willen we een voorstel doen. Omdat De Boer en de Cocq zich voorgenomen hebben om nog een keer echt Chinees te gaan eten, willen we ons aanbieden om bij de keuze van de diverse gerechtjes behulpzaam te zijn. Als jullie interesse hebben, kunnen jullie via dit e-mailadres contact met ons nemen, liefhebbers van het Chinees eten, Su sann & Liang Wai.'

Susann komt uit de voormalige ddr. Ook zij studeert (bijna af) Chinees in Leiden. De vrouwen kennen veel Chinese eethuizen en zijn van mening dat ze in Rotterdam beter zijn dan in Amsterdam en vooral ook vriendelijker. Ze nemen ons mee naar Grand Pala ce, aan het Schouwburgplein in Rot ter dam. Omdat, zeggen ze, hier het eten minder zout is dan dat van De Chinese Muur waar ons, toen we er eend aten, dat zout niet was opgevallen. Aan de gevel van een Chinees restaurant is niet te zien wat men er binnen zo'n beetje verwachten kan. Dat verraadt de gevel van Europese eethuizen ook niet altijd, maar als het chic is binnen jaagt de buitenkant ons al weg, zo verfijnd maar intimiderend is de entree ingericht. Grand Palace heeft een entree als alle andere Chinezen en naast de deur hangen honderd fotootjes van schotels die binnen te bestellen zijn. En als bij zoveel andere Chinezen, lijken de kleurenfoto's in de jaren vijftig te zijn opgehangen en nooit meer vervangen. De voorbijganger zou kunnen denken dat men er hier allang niet meer zelf in gelooft.

Maar opnieuw vallen we van verbazing van onze stoelen, nog voor we een tafel gewezen krijgen. Liang Wai had gereserveerd en dat was niet overbodig. Helemaal vol. Door deweekse dag, geen Europeaan te bekennen, hele gezinnen, vrolijke boel weer en leuk zeg, die kleine kinderen die nog niet onder de leerplichtwet vallen. Rustig trekken ze wat draden mie uit de schalen naar zich toe. Geen kik geven ze, geen kind is aan het janken.

Liang Wai lacht als we zeggen dat we de Chineesjes zo lief en zo stil vinden. Ze zitten misschien al vol met hamburgers, zegt ze. En ze vertelt over vroeger, over Singapore, waar haar ouders ook graag eens uit eten gingen, bij de Chinees. Liang Wai moest er als kind niets van hebben, ze hield niet van dat vreemde eten. Haar ouders gingen daarom eerst met haar naar een hamburgerhuis om haar vol te stoppen. Liefst ook een milkshake er nog bij, zodat ze bij de Chinees geen pap meer zeggen kon.

We zitten nog maar nauwelijks of er staat een grote roestvrijstalen theekan op tafel. We drinken thee en de dames leggen uit dat die gratis is omdat zij Chinees spreken. Als Nederlanders een pot thee bestellen, moeten ze ervoor betalen. Chinezen zouden dat niet pikken. Ze zouden het restaurant op stelten zetten en niet meer terugkomen. Overal in Azië wordt thee bij het eten geserveerd, het is ondenkbaar dat men ervoor zou moeten betalen. Maar wie van die cultuur niet weet, wordt behandeld zoals hij in het Westen gewend is. Betalen!

We laten het bestellen van gerechtjes eerst over aan onze gidsen. Ze strepen wat aan op een enorme lijst kleine gerechtjes. Dim Sum en wat soep. We krijgen les. De dikke soep, of dunne rijstpap, is typisch een Chinees ontbijt, dat wil zeggen, we zitten hier te eten zoals men in het zuiden van China eet. Het noorden eet vetter. De gestoomde hapjes, of gefrituurde, eet men overdag. Maar deze Rotterdamse Chinees serveert ze tot diep in de nacht en is daarmee een uitzondering. Achter de Chinese karakters op lijst van meer dan honderdveertig kleine gerechten, staat een summiere Nederlandse omschrijving. Die maakt niet altijd wijs. Ha Kau? En wat is een bonenvelrol? Flensjes gevuld met deeg? Soepravioli? En runderpees, zou dat een stierenpenis zijn? De dames wagen zich er niet aan. We moeten ingrijpen en bestellen gerechten die zij nooit eerder hebben genomen. Zo leert men nog eens iets van ons. Een den pootjes met oestersaus. Ge kruide runderkuitspier. Een den tongen. En varkensbloed. Zo staat het op de kaart, niet om floerst omschreven, maar gewoon wat het is, bloed.

De eendenpoten zijn ook precies wat ze waren toen ze nog lopen konden, en zwemmen. Het zijn de voeten met de zwemvliezen er nog tussen. We kluiven de zwemvliezen van de tengere botjes af, wonderlijk, we zijn het niet gewend, maar lekker. Ook de tongetjes smaken dankzij een sausje goed, er zit wel een stukje kraakbeen in. De dames moeten zichzelf overwinnen, het lukt, er gaan wat onderdeeltjes eend hun mondjes binnen. Maar een plakje runderkuitspier bevalt ze beter. We denken dat het schenkel is. Het doet in biefstukkenland wellicht wonderlijk aan, het eten van deze onderdelen. En mogelijk geeft het te denken dat het barbaren zijn, uit het verre buitenland. Maar het is juist vreemd dat wij een beest doodmaken om alleen de bil ervan te kunnen bakken. Het varkensbloed wordt niet opgediend in een kom, maar op een schaal. Het zijn kleine donkerbruine slappe puddinkjes. Niet vies, niet lekker. Chinezen beschouwen het als bijzondere delicatesse, zegt Leiden, en het is een gerecht om bloedarmoede mee te bestrijden. Nee, de dames hebben daar absoluut geen last van en als ze het hadden, was het op slag over bij de aanblik van de schotel geronnen bloed.

We bestellen nog een pot thee om te leren hoe dat moet. Men doet de deksel van de pot open. Als de ober hem ziet openstaan, brengt hij nieuwe thee. Maar onze ober ziet het niet, of hij kijkt de verkeerde kant op en ziet alleen maar twee sukkels van Euro peanen aan tafel met een lege theepot. Dan is een korte snauw van Liang Wai genoeg. Een volle pot staat zo op tafel.

We willen als besluit van een leerzame middag onze gastvrouwen, die ons een grote Chinese supermarkt inloodsen, een flesje vogelnestjeslimonade aanbieden. Liang Wai zegt dat het zwaluwenspuug is.

Ze bedankt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden