Een rolmodel: geen macho, wel effectief

Over de nieuwe burgemeester van Groningen vallen veel positieve kwalificaties te noteren: aardig, gevoelig en de ideale schoonzoon. ‘Maar hij weet verdraaid goed wat hij wil.’..

De spanning liep hoog op bij Antoon en Bettie Rehwinkel in het Drentse Gasselte. Om zeven uur zou de nieuwe burgemeester van Groningen bekend worden. Hun zoon Peter had gesolliciteerd. Zijn naam zoemde hardnekkig rond in de Martinistad.

Kwart over zeven. Half acht. Geen nieuws. Vader Antoon (69): ‘Dan krijg je het benauwd hoor.’

Even na achten ging de telefoon: ‘U spreekt met de nieuwe burgemeester van Groningen!’ En toen? ‘Trots natuurlijk. Enorm opgelucht. En meteen daarna dacht ik: Yes! Ze komen terug naar het Noorden!’

‘Ze’, dat zijn Peter Rehwinkel en zijn echtgenoot Michel Zeegelaar. Inderdaad, ‘terug’, want Peter werd geboren in Groningen. Hij groeide op in het Oldambt (Oost-Groningen) en studeerde en promoveerde aan de Rijksuniversiteit.

Begin jaren negentig werd hij persoonlijk assistent van onderwijsminister Jo Ritzen in Den Haag. Vervolgens kwam hij in de Tweede Kamer. Zijn kennis van het koningshuis bracht hem landelijke bekendheid. Na de Tweede Kamer werd hij burgemeester in Naarden. En nu Groningen. Hij moet nog worden benoemd; de vertrouwenscommissie was unaniem.

Uit gesprekken met zijn naasten ontstaat het beeld van een aardige, attente man die dingen goed kan verwoorden, trouw in het onderhouden van vriendschappen. Gevoelig, gek op zijn familie, opgelucht dat hij Den Haag Vandaag eindelijk mocht overslaan toen hij uit de Tweede Kamer was. Maar die goede eigenschappen zijn ook mogelijke valkuilen. Zijn gevoeligheid maakt dat hij snel gekwetst is. Hij stapte uit de Kamer toen hij op een onverkiesbare plek stond, het raakte hem dat Wim Kok hem niet eens een kaartje stuurde – na acht jaar samenwerking, en nadat hij in de affaire rond de Argentijnse vader van Máxima Koks kastanjes uit het vuur had gehaald. Een beetje naïef zou hij ook zijn. Hij wil graag aardig worden gevonden, maar is ook standvastig. Geen watje.

Jo Ritzen ziet Jacques Wallage nog zo aankomen met een brief van de net gepromoveerde Peter Rehwinkel. Of hij iets kon doen op het ministerie. Het was 1991.

Zijn proefschrift over de staatsrechtelijke positie van de premier trok Ritzens aandacht. ‘Zeer gedegen en tegelijk heel scherp. Typisch Peter. Dat sprak me erg aan.’

Ritzen zag een opvallende tegenstelling in Rehwinkel. ‘Zijn aardigheid stond in contrast met die scherpe geest, die maakte dat ik hem een beetje riskant vond. Later pas zag ik hoe waardevol die combinatie is.’

Rehwinkel had het niet gemakkelijk op het ministerie. Het werk kostte hem veel energie en hij kreeg maar weinig steun van het departement. Klopt, zegt Rien Meijerink, destijds secretaris-generaal.

‘De assistent vormt een schakel tussen de minister en het onderwijs enerzijds, en tussen de minister en het departement anderzijds. Daar zit een enorm spanningsveld. Het departement zit echt niet op zo’n assistent te wachten. Ook zelf vond ik het een nogal overbodige functie. Los van de persoon Peter Rehwinkel, want met hem kon ik van meet af aan goed opschieten.’

‘Peter merkte hoe moeilijk het is op zo’n lastig departement als buitenstaander iets klaar te maken. Hij kreeg vaak het lid op de neus.’

Zijn onbevangenheid bleek zijn kracht. Meijerink: ‘Hij bracht gevoel in onze organisatie. Ambtenaren zijn gewend regels en wet voorop te stellen. Peter kende die cultuur niet – gelukkig – en ging met gevoel te werk. Niet met de nadruk op regels, maar op mensen die ergens moesten uitkomen met elkaar.’

Gevoel lijkt zijn Leitmotiv, al werd hij weerbaarder in Den Haag. Hij leerde er relativeren. ‘Politici zien zichzelf vaak als het centrum van alles, viel hem daar op. Terwijl andere dingen zo veel belangrijker zijn. De liefde bijvoorbeeld. Familie.

Zijn oma – boegbeeld van rechtschapenheid en doorzettingsvermogen – is een van zijn grootste voorbeelden, en toen zijn nichtje haar spreekbeurt hield over burgemeesters, ging hij mee de klas in. Geen familiereünie of Sinterklaasfeest slaat hij over. Als er iets is waarvan hij vermoedt dat zijn ouders het leuk vinden, dan zijn de kaarten al besteld. Zijn ze bij hem als hij verplichtingen heeft? Hij neemt hen gewoon mee.

Ook voor vrienden is hij trouw, vertelt Maarten Sielcken, al bijna 25 jaar zijn beste vriend. ‘Lief en leed, hij is er altijd. En als hij vindt dat je er slecht uitziet, spreekt hij je straf toe.’

Zijn geheim? Sielcken: ‘Hij geeft mensen échte aandacht. Hij luistert en onthoudt wat ze zeggen. Een volgende keer komt hij daar op terug. Hij maakt geen onderscheid, op een feestje praat hij met iedereen. Mijn moeder is dol op hem. Hij is de ideale schoonzoon.’

Die betrokkenheid heeft hij ook in het werk. Zo reisde hij naar Marokko om meer te leren over de achtergrond van de Marokkaanse gemeenschap in Naarden. Fractievoorzitter Ruud van Zijtvelt (VVD): ‘En voor de raadsvergadering geeft hij iedereen persoonlijk een hand.’

In de stad waar hij burgemeester is, Naarden, spelen lastige problemen. Een paar maanden geleden stapte de PvdA uit de coalitie, na een vertrouwensbreuk met de VVD. Ook de voorgenomen fusie met drie gemeenten loopt niet echt soepel. Van Zijtvelt vindt het jammer dat Rehwinkel vertrekt. ‘Voor ons is het ongunstig. Maar we gunnen het hem van harte.’

Peter Rehwinkel groeide op in een hecht gezin, met zijn ouders en zijn vier jaar jongere broer Gertjan. Vader Antoon was vestigingsmanager bij een elektrotechnische groothandel. Moeder Bettie (nu 67) wachtte thuis met kopje thee en biscuitje tot de jongens uit school kwamen.

Peter was ijverig, gek op lezen. De politieke belangstelling zat er al vroeg in. Piloot of brandweerman? Peter niet. Minister-president wilde hij worden. En, vertelt Antoon: toen hij meedeed aan het radiospel Kruip in de huid van met Frits Spits, deed hij dat als Joop den Uyl. ‘Alles klopte, tot de stem aan toe. Hij was een jaar of twaalf.’

Tijdens de troonswisseling zat de jonge Peter aan de buis gekluisterd. Misschien begon toen zijn koningshuisfascinatie, die hem landelijke bekendheid bracht en hem een vreemde eend maakt in de republikeinse PvdA.

Zo was er de affaire rond Zorreguita, Máxima’s vader, waarbij Rehwinkel in de Kamer het woord voerde. Later, inmiddels uit de Kamer, volgde de kwestie rond het nichtje van de koningin, Margarita. Wie zoekt naar geruchtmakende politieke wapenfeiten in Den Haag en Naarden, krijgt het deksel op de neus. Behalve koningshuiszaken is er weinig te vinden.

Kapitaalvernietiging, noemt oud-fractiegenoot Rob Oudkerk die koningshuiskennis dan ook. ‘Het leidt af van alle andere dingen die hij ook kan. Wat dat betreft heeft hij pech gehad in de Kamer. En hij is ook geen haantje, blijft liever op de achtergrond.’ Jacques Wallage, Rehwinkels voorganger in Groningen, is het met hem eens. ‘Royaltywatching doet de serieusheid van zijn kennis teniet. Hij weet verschrikkelijk veel van staatsrecht en heeft veel belangstelling voor historische ontwikkeling.’

Staatsrecht is zijn grootste liefde. ‘Hij had een mooi proefschrift’, herinnert promotor Douwe Jan Elzinga zich. De passie waarmee hij praat over zijn stokpaardje maakte indruk op Ferd Crone, voormalig fractiegenoot, nu burgemeester van Leeuwarden. ‘Hij is heel beheerst, maar als het om rechtvaardigheid of rechtsstatelijkheid gaat, kan hij geëmotioneerd raken.’ Toen hij samen met collega’s van GroenLinks en D66 een wetswijziging indiende voor het stemrecht voor allochtonen bij de Provinciale Statenverkiezingen bijvoorbeeld.

Na de Kamer richtte hij het Nederlands Centrum voor Staatsrecht en Politiek op, ging lezingen geven en werd vaste royaltycommentator bij het KRO-programma Nederland Komt Thuis. Hij vond het leuk om zijn kennis te delen met het grote publiek.

Dat doet hij goed, zeggen mensen vaak tegen Antoon en Bettie: hij zegt de dingen zoals ze zijn. Vader Antoon denkt dat de media hem daarom snel in beeld hadden. ‘Misschien is het wel iets noordelijks. Niet te moeilijk doen.’

Is er dan niks mis met Peter Rehwinkel? Aardigheid kan ook een valkuil zijn. Mensen kunnen over je heen lopen. En iedereen te vriend houden kan niet in het openbaar bestuur.

Zijn vader zei het altijd al. ‘Ik geloof niet dat hij aardig wil zijn. Hij is het gewoon. Hij treedt wel eens buiten zijn paden en dat zal straks ook moeten. Maar het zit niet in zijn aard. Den Haag was wat dat betreft een goede leerschool.’

‘Onderschat hem niet’, waarschuwt Rien Meijerink. ‘Hij weet verdraaid goed wat hij wil. Hij heeft genoeg standvastigheid om de gevoeligheid te compenseren.’ Rob Oudkerk: ‘Hij zegt niet ineens de volgende dag iets anders.’

Standvastigheid, én een feilloos gevoel voor politiek, weet Maarten Sielcken. ‘Hij ziet van een kilometer aankomen of iets een issue wordt. En omdat hij dingen zo goed aanvoelt, wordt hij er niet snel tussengenomen. Hij is zeker niet zachtaardig, nooit te beroerd om je de waarheid te vertellen.’

Jo Ritzen noemt hem een rolmodel voor mannen. ‘Hij is ontzettend lief én erg competent; hij kan scherp analyseren en moeilijke beslissingen nemen. Hij is beslist geen watje. Veel mannen denken dat je een macho moet zijn om effectief te zijn. Hij bewijst het tegendeel.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden