Een rode roos

Peter van Warmerdam bleef tot vlak voor zijn dood - tegen doktersadvies in - stiekem decors bouwen...

Peter van Warmerdam, op 84-jarige leeftijd in IJmuiden overleden, was een toneelmeester zonder stofjas, decorontwerper, aquarellist, tekenaar en nudist. Hij streed voor betere arbeidsvoorwaarden voor toneeltechnici, pleitte voor een erkende vakopleiding en was oprichter van het Witte Theater; met als eerste bespeler Hauser Orkater, het gezelschap van zijn zonen Alex, Marc en Vincent. Zijn twee dochters Liesbeth en Anne-Marie werden grafisch vormgever. Hij was een grote man van lange monologen en uitgesproken meningen. Hij had een tomeloze energie en zocht met Thea, zijn vrouw, rust op een afgedankte motorboot van de havenpolitie. De Gratias, te oud om nog mee te varen, is eens van Piet Bakker, de schrijver van Ciske de Rat, geweest; zij ligt verborgen in het Zijkanaal B bij Spaarndam, zijn geboortedorp.

Zijn vader was huis- en letterschilder. Trots vertelde Peter de lagere school, bij de nonnen in Haarlemmerliede, niet te hebben afgemaakt. Hij werd er weggestuurd, ging nog even in Haarlem naar school en werd bakkersknecht. Met de bakkersfiets bracht hij brood rond, naar de rijken in Heemstede en Aerdenhout. Toen hij eens een kadetje te weinig had en het alsnog moest halen, wrong hij het razend door de brievenbus. Zijn afkeer van het grootkapitaal is nooit verdwenen. Tijdens de oorlog moest hij onderduiken en stal onder de ogen van Duitse soldaten telefoondraden en bielzen. Na de oorlog vond hij een baan als toneelknecht bij de Haarlemse schouwburg. Hij werd verliefd op Thea, die in een operette zong. Hij wierp vanuit de coulissen een rode roos op het toneel. Zij trouwden in 1951.

Al vanaf zijn jonge jaren was hij lid van het Spaarndammer toneel, zij speelden op het biljart in het plaatselijk café, Peter maakte de decors. Hij kreeg ook naam als voetballer, zeiler en schaatser. Maar in de loop der jaren ontpopte Peter zich vooral als decorontwerper voor alle amateurgezelschappen in de wijde omgeving. In het decor lag voor hem de essentie van het toneel.

In 1961 werd hij toneelmeester in Den Bosch. Hij viel van zijn geloof en kreeg de pest aan Toon Hermans die vaak in Den Bosch repeteerde en hem geen blik waardig achtte. Toch moest hij altijd om hem lachen.

Na vijf jaar kwam hij terug naar het westen, naar IJmuiden. Hij kreeg de dienstwoning boven de schouwburg, waar acteurs, vrienden en kunstenaars kind aan huis waren. In die rumoerige jaren zestig bedacht hij het witte theaterplan: spelers en publiek bij elkaar op het toneel achter het brandscherm. Later verhuisde het Witte Theater naar een hal in de PEN-centrale. Peter schakelde zijn kinderen in, zij brachten affiches rond, boden acteurs bloemen aan, sjouwden met zetstukken, namen vriendjes mee en speelden zelf. Hij was altijd bezig, spoot de stoep schoon en als een stuk felle reacties opriep organiseerde hij 'nabetrachtingen'.

Hij weigerde de geijkte stofjas voor toneelmeesters te dragen, werd onderscheiden met de zilveren krommer, de erepenning voor toneeltechnici en ontving op de Gratias aanstaande schoonkinderen in zijn blootje. De afgelopen jaren was hij lichamelijk verzwakt en mocht hij geen decors meer maken. Maar stiekem deed hij het toch, op zijn boot.

Op 6 en 7 april speelt het IJmuider gezelschap Eigenwijs de musical Honk in 'zijn' schouwburg. De decors heeft Peter de afgelopen maanden ontworpen, zonder dat thuis iemand ervan wist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden