Een poldermodel voor de aarde

Volgens hoogleraar Jeroen van den Bergh is duurzame ontwikkeling alleen mogelijk wanneer we ons rekenschap geven van de toenemende globalisering....

Begin twintig was Jeroen van den Bergh toen hij op het punt stond als kersvers econometrist aan de Vrije Universiteit Amsterdam in een onderzoeksbaan te stappen, maar hij twijfelde. Wilde hij wel een carrière in de besliskunde? Hij wikte, woog en wachtte. Totdat het beroemd geworden rapport Our Common Future van Gro Harlem Brundtland in 1987 uitkwam. Van den Bergh koos voor een baan als onderzoeker in opleiding (oio) in de milieu-economie.

Het Brundtland-rapport introduceerde het toentertijd verfrissende concept van duurzame ontwikkeling, waarbij economische groei en spaarzaam omgaan met milieufactoren hand in hand moesten gaan. Aan de VU werd Van den Bergh direct in het diepe gegooid. Hij moest modellen ontwikkelen om het concept van de duurzame ontwikkeling uit te werken.

Het klikte. Nu, vijftien jaar later, is hij wereldwijd bekend onder milieu-economen, vermaard om baanbrekende ideeën, een 'evolutionaire economie' die beoogt een brug te slaan tussen natuurwetenschappen en gedrags- en sociale onderzoeksdisciplines.

Intussen is dr. Jeroen van den Bergh, inmiddels 37 jaar, tweemaal hoogleraar, zowel bij de economische faculteit als bij het Instituut voor Milieuvraagstukken (IVM). Sinds deze week is hij bovendien honderdduizend euro rijker. Van den Bergh kreeg donderdag de Koninklijke/Shell Prijs uitgereikt. De jury looft zijn onderzoek met betrekking tot duurzame ontwikkeling en energie, onder meer om de 'wetenschappelijke originaliteit en de internationale uitstraling'.

Maar wat is milieu-economie? Dat is toch een verzameling goedbedoelde, maar zelden in de praktijk gerealiseerde pogingen om aan milieuvervuiling een prijskaartje te hangen? Of om te komen tot heffingen en belastigen? En van de nimmer aflatende, hopeloze discussies over rekeningrijden, ecotax en statiegeld op blikjes? Klopt', glimlacht Van den Bergh. 'Maar iets wat in de praktijk niet snel wordt overgenomen, hoeft daarom wetenschappelijk gesproken nog niet interessant te zijn. Bovendien is dat niet míjn milieu-economie.

'Ik beweeg me op een hoger abstractieniveau. Ik concentreer me op de fysieke kant van de economie, dat wil zeggen dat ik probeer de dynamiek van materiaalstromen door het gehele economisch systeem te doorgronden.'

Door alle materiaalstromen - bijvoorbeeld energie, kunstmest, staal - van Nederland in 1990 in kaart te brengen en te vergelijken met die van 1997, ziet Van den Bergh subtiele verschuivingen in export, import, arbeid, kapitaal en grondstofverbruik. 'Door deze veranderingen te analyseren, kunnen we aangrijpingspunten vinden waar duurzame ontwikkeling op kan aanhaken.'

Deze nieuwe manier van analyseren levert namelijk klip en klaar sectoren op die bijvoorbeeld een sterke volumegroei noteerden, maar waar tegelijkertijd de milieuvervuiling per eenheid product sterk afnam, zoals de vervoerssector, maar ook sectoren waar minder succes is geboekt. 'Overheid en politiek kunnen aan de hand daarvan beleid ontwikkelen om verdere duurzame ontwikkeling te bevorderen.'

Toch is deze manier van werken ontoereikend om uiteindelijk de overgang naar een duurzame economie te bewerkstelligen, meent Van den Bergh. 'De economie anno 2002 omspant de gehele wereld. Duurzame ontwikkeling moet zich daarom meer rekenschap geven van het proces van globalisering.' Daarbij heeft het volgens hem weinig zin te hameren op het Rio-protocol.

'Duurzame ontwikkeling is op dit moment kansloos omdat veel internationale verdragen door andere, soortgelijke internationale protocollen worden tegengewerkt', zegt Van den Bergh. 'Uitruil van standpunten vindt er niet plaats. Dat gebeurt wel op nationaal niveau, binnen regeringen en parlementen of in het thans verguisde poldermodel.'

Een voorbeeldje. 'Door de wereldhandelsorganisatie is het verboden producten te discrimineren op grond van de productieprocessen waar zij uit voortkomen. De regering die het waagt milieuvriendelijke productieprocessen elders te stimuleren via importbeperkende maatregelen, krijgt het aan de stok met de EU of met de WTO? Daarom moet je onconventioneel optreden, betoogt Van den Bergh.

Van Bergh: 'Neem 11 september. Er is een probleem met internationaal terrorisme. Vooral de Verenigde Staten maken zich daar zorgen over. Europa ziet de problemen ook wel, maar is toch genuanceerder. Het omgekeerde is het geval met het klimaatverdrag. Amerika wil geen energiebesparing en substitutie van energie, Europa wel. Voel je 'm? Europa helpt de Verenigde Staten met terrorismebestrijding als de VS het Kyoto-protocol ratificeren.'

Volgens Van den Bergh is een dergelijk niveau van compromisvorming op wereldschaal, zeg maar een poldermodel voor de aarde, noodzakelijk wil het vlotten met duurzame ontwikkeling.

Om de economie beter te sturen, moeten we meer kijken naar de evolutie, zo luidt de centrale stelling in het werk van Van den Bergh. 'De evolutietheorie', zegt hij, 'is als enige theorie in staat gebleken om een verklaring te bieden voor structurele veranderingen, ongeacht de context. Evolutie, zowel genetisch als cultureel heeft uiteindelijk zeer complexe systemen voortgebracht.'

'Kernpunt is dat mensen zich zonder beleidsmakers gaan organiseren. En dat gebeurt in de economie. We werden van jagers/verzamelaars met een nulgroei in de economie en zeeën van vrije tijd, plotseling landbouwers met een totaal andere verhouding tot de natuur. Misschien is daar wel sprake geweest van een samengaan van genetische en culturele evolutie, wat maakte dat bepaalde mensen voldoening haalden uit een geldingsdrang en dat die zich vervolgens ook beter voortplantten.'

Of neem de Industriële Revolutie, ook zo'n cesuur in de geschiedenis van de economie waar lessen uit te trekken zijn. Van den Bergh: 'Om tegemoet te komen aan het houttekort, kwam steenkool in zicht. Na ontginning van de oppervlakkige lagen moest men de diepte in.

'Juist in Engeland waren er voldoende ingenieurs en natuurkundigen, die ook nog eens met elkaar communiceerden. Door deze kritische massa aan intellect kon de eerste effectieve toepassing van de stoommachine ontstaan, namelijk voor het wegpompen van grondwater.'

Je kunt hiervan leren, om een complex systeem als de globalisering te begrijpen. 'Dankzij internet is er nu sprake van een global brain. Een briljant idee dat in een toptijdschrift wordt gepubliceerd, wordt in no time opgepakt. Er is sprake van een enorme diffusie. Duurzame ontwikkeling moet daar op inspelen.'

Hoe, waar en wat precies; dat zijn vragen die nog even te vroeg komen voor Van den Bergh. Vast staat echter dat bestudering van evolutionaire processen hulp kan bieden om met de economie uit de verstikkende insluiting door de fossiele brandstoffen te breken.

We hebben volgens Van den Bergh - en Shell is het blijkbaar niet met hem oneens - behoefte aan een diversiteit aan energiebronnen. Het oliemonopolie moet worden doorbroken door inschakelen van waterstofbronnen, zonne-energie en biomassa. Conform de evolutie: opties openhouden en competitie tussen alternatieven stimuleren.

De diversiteit vraagt tenslotte ook om andere manier van data verzamelen. 'Ik ben ervan overtuigd', stelt Van den Bergh, 'dat het CPB, het CBS en het RIVM over vijftien jaar op een totaal andere manier gegevens weergeven. Indeling in sectoren als landbouw, nijverheid en diensten schiet te kort. We moeten naar populaties toe, waarvan de samenstelling in de loop der tijd verandert. Dat heeft enorme repercussies voor de toekomst.

'We willen weten welke bedrijven innovatief zijn, concepten hebben die anderen willen kopiëren. We willen weten hoe de generatie zeer materialistisch en consumptief ingestelde jongeren zich ontwikkelt en voor welke factoren ze gevoelig zijn. We willen precies weten hoe de nu vergrijzende populatie van babyboomers eruit ziet.

'Net als in de biologie moeten we studeren aan soorten en populaties. Maar waar een bioloog een experiment in veld of lab doet, experimenteren wij met modellen achter een krachtige pc.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden