REPORTAGE

Een plantje om te overleven

Ondanks de 'War on Drugs' floreert de cocateelt in Peru. Kwekers denken er niet aan over te stappen op een ander gewas en drugslabs worden net zo snel opgebouwd als opgedoekt. Op pad met cocaboer Antonio en dealer Fidel.

Marjolein van de Water
Dochter Anais (4) werkt ook mee. Ze steekt jonge cocaplantjes in de grond. Beeld Sebastian Liste
Dochter Anais (4) werkt ook mee. Ze steekt jonge cocaplantjes in de grond.Beeld Sebastian Liste

De pick-uptruck hobbelt moeizaam door de diepe kuilen in het modderige bergpad. 'Hier wachten', zegt Fidel kortaf. De 32-jarige drugshandelaar stapt uit de auto, belt met iemand en kijkt schichtig om zich heen. Dan wenkt hij ons, en verdwijnt in de dichte begroeiing van de Peruaanse Amazone.

Fidel loopt in snel tempo dwars door de struiken, steil naar beneden. Door de vele regen is de bodem bedekt met een glibberige laag bladeren. Lianen en boomstammen bieden wat houvast, dikke spinnewebben blijven kleven in het gezicht. Na een kwartier afdalen, dringt een penetrante chemicaliënlucht de neusgaten binnen. 'We zijn er', zegt Fidel.

We staan op een geïmproviseerde binnenplaats, midden in de jungle. De 'poza de coca', cocavijver, is een van houten planken getimmerde bak van zo'n 3 bij 5 meter. Stinkend zwart water vol blaadjes komt tot halverwege de rand. Eromheen staan jerrycans benzine en flessen chemicaliën.

Special

Bekijk hier de fotoreeks over de Peruaanse coca productie in het hoger gelegen bergachtige deel van de Amazone.

Cocapasta

Hier maken Fidel en zijn medewerkers cocapasta, een meelachtig wit poeder. De drug is populair in Zuid-Amerikaanse landen, waar het bekendstaat als paco, bazooka of oxi. De pasta vormt ook de basis voor de duurdere cocaïne en crack. 'Wil je een beetje proeven?', vraagt Fidel, die de plek pas wilde laten zien na betaling van 200 euro. 'Ik verkoop het voor 850 dollar per kilo.'

Peru is wereldleider in de productie van cocablaadjes en cocaïne. Volgens een gezamenlijk rapport van de Verenigde Naties en de Peruaanse overheid telde het land in 2013 bijna 50 duizend hectare cocaplantages, goed voor ruim 121 duizend ton blaadjes.

Traditioneel gebruik is legaal in Peru, net als in buurlanden Colombia en Bolivia. Andesvolken kauwen er al sinds mensenheugenis op cocablaadjes. Het heeft een stimulerend effect, vergelijkbaar met cafeïne. De Peruaanse regering koopt ongeveer 8 procent van de cocaproductie, om de door de overheid gecontroleerde legale markt te bedienen.

Cocabladeren worden verzameld op een groot zeil. Beeld Sebastián Liste
Cocabladeren worden verzameld op een groot zeil.Beeld Sebastián Liste
null Beeld Sebastián Liste
Beeld Sebastián Liste

Zwarte markt

De rest gaat naar de zwarte markt. Er zijn geen officiële cijfers over de hoeveelheid cocapasta en cocaïne die daaruit voortkomt, maar uit een onderzoek van de Amerikaanse Drugs Enforcement Administration (DEA) bleek dat voor een kilo cocaïne ongeveer 375 kilo gedroogde cocablaadjes nodig is. Dat zou met de huidige cocaproductie neerkomen op jaarlijks 300 ton pure cocaïne, of 430 ton pasta.

Meer dan de helft van de Peruaanse cocaproductie vindt plaats in de VRAEM (Vallei van de Rivieren Apurimac, Ene en Mantaro), in het hoger gelegen bergachtige deel van de Amazone. Niets doet vermoeden dat hier de basis ligt voor de miljardenindustrie. Integendeel, de dorpjes ademen armoede, met gammele huizen opgetrokken uit houten planken.

Antonio Guillen (50) is in het bezit van 3 hectares grond in Santa Rosa. Er staan wat bananenbomen en koffieplanten, maar hij verbouwt voornamelijk coca. Dat levert tussen de 2,25 en 3 euro per kilo op, meer dan koffie (1,50 euro) of cacao (2 euro).

null Beeld Sebastián Liste/NOOR
Beeld Sebastián Liste/NOOR

Het is zeven uur 's ochtend, het getjilp van krekels trekt als een echo door het dal. Met een puntig gemaakte eucalyptustak boort Guillen gaatjes in de grond, waarin zijn 4-jarige dochter Anais jonge cocaplantjes steekt. De ochtendwolken trekken langzaam op, de zon doet de felgroene akkers op de heuvels oplichten. 'Vroeger was dat allemaal maagdelijk bos', zegt Guillen. 'Nu heeft het regenwoud plaatsgemaakt voor coca.'

Guillens vrouw Jenny Vargas (43) loopt achter haar dochter aan en vult de gaatjes op met aarde. 'Het gaat niet alleen om de kiloprijs', zegt ze. 'Coca kun je vier keer per jaar oogsten, andere gewassen slechts een keer. Bijkomend voordeel is dat we geen transportkosten hebben. Koffie moet naar de markt, coca komen ze aan de deur ophalen.'

De vrouw heeft haar oranje sokken over haar kapotte trainingsbroek getrokken om zich te beschermen tegen insectenbeten. Haar magere handen werken razendsnel, af en toe spoort ze ook haar dochtertje aan door te werken. 'Ik weet dat het gebruikt wordt om drugs te maken', zegt ze. 'Maar de zwarte markt betaalt beter dan de regering. En ze nemen ook de lelijke blaadjes mee.'

Huurmoordenaars

Coca verbouwen is niet illegaal, de oogst op de zwarte markt verkopen is dat wel, evenals het verwerken van de blaadjes tot pasta en cocaïne. Sinds de Verenigde Staten in 1971 de 'War on Drugs' uitriepen, voert ook Peru een repressief bewind. De regering ontvangt jaarlijks 95 miljoen dollar van de VS om drugshandel te bestrijden. De gevangenissen puilen uit met drugsrunners en bolletjesslikkers, en de VRAEM is volledig gemilitariseerd.

Zwaarbewapende soldaten rijden rond in pick-uptrucks, op zoek naar cocavijvers en cocaïnelaboratoria. De herrie van laag overvliegende helikopters doet de geel-zwarte papegaaien verschrikt opvliegen. Af en toe klinkt een luide knal. Dynamiet, waarmee de geïmproviseerde landingsbanen van cocaïne-exporteurs worden opgeblazen.

In Colombia worden cocaplantages vanuit vliegtuigen besproeid met het kankerverwekkende landbouwgif glyfosaat. De Peruanen vinden dat te ver gaan en vernietigen in sommige regio's de cocaplanten handmatig. In de VRAEM gebeurt zelfs dat niet. 'Het risico van gewelddadig sociaal protest is hier te groot', aldus Flavio Mirella, hoofd van het VN-kantoor voor Drugs en Misdaad in Peru. 'Coca is vrijwel de enige bron van inkomsten, de boeren zullen het tot op de dood verdedigen.'

Cocabladeren. Beeld Sebastián Liste
Cocabladeren.Beeld Sebastián Liste

Dood en verderf

In de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw zaaide guerrillabeweging Lichtend Pad dood en verderf in de regio. De autodefensas, door de lokale bevolking opgerichte zelfverdedigingsgroepen, gingen succesvol de strijd aan met de maoïsten. Beide groepen zijn nog steeds actief, bewapend en betrokken bij de drugshandel. De regio is een bom met een heel kort lontje.

De regering probeert de boeren daarom te bewegen vrijwillig over te stappen op andere gewassen. Vooralsnog zonder enig succes. Ook Guillen peinst er niet over mee te doen aan een dergelijk programma. 'In het begin krijg je zaadjes, technische steun en bestrijdingsmiddel', vertelt de boer. 'Maar er is geen prijsgarantie of verzekerde afzetmarkt. Het risico is te groot.'

De VRAEM is een gewelddadig gebied. Er zijn regelmatig afrekeningen bij mislukte deals, de aanwezigheid van huurmoordenaars neemt toe. Ook zijn er gewapende overvallen. Dieven houden zich op in de scherpe bochten in de bergwegen, azend op auto's die dollars of drugs vervoeren. Vaak vermoorden ze de inzittenden.

Pure cocaïne. Beeld Sebastián Liste
Pure cocaïne.Beeld Sebastián Liste

Maar vergeleken met andere landen waar de drugsoorlog woedt, kent Peru weinig geweld. Het moordcijfer van 6,6 doden per 100 duizend inwoners behoort zelfs tot de laagsten van Latijns-Amerika. Volgens Ricardo Soberón, advocaat en directeur van het Peruaanse Onderzoeksinstituut Drugs en Mensenrech- ten, komt dat door de fragmentatie van de keten.

'De productie van coca en pasta is in handen van boeren', aldus Soberón, die al twintig jaar onderzoek doet naar drugs in de Andesregio. 'De cocaïnelaboratoria en het transport worden gecontroleerd door zo'n 150 familieclans. Er is genoeg werk voor iedereen en dus weinig territoriumstrijd.' Ook corruptie speelt volgens Soberón een rol. 'Militairen en lokale autoriteiten laten zich betalen door die families om een oogje toe te knijpen. In andere landen heerst een bloedige strijd tussen drugsbendes en autoriteiten.'

Die strijd kost jaarlijks tienduizenden doden in landen als Colombia, Brazilië en Mexico. De resultaten zijn bovendien twijfelachtig. Het gebruik van cocaïne in de VS is sinds 2006 afgenomen, maar dat wordt gecompenseerd door de toegenomen consumptie in Latijns-Amerika. Aangezien de smokkel naar de VS moeilijker wordt, gaan drugsbendes actief op zoek naar lokale afzetmarkten. Wereldwijd blijft het gebruik van cocaïne redelijk stabiel.

Schoolgeld

Er gaan in Latijns-Amerika dan ook steeds meer stemmen op voor een ander, minder repressief, beleid. Sommige presidenten opperen voorzichtig de legalisering of decriminalisering van drugs. De Verenigde Staten zijn daar niet happig op, dus de oorlog duurt voort.

'Ze zoeken de cocavijvers met helikopters en sturen er vervolgens grondtroepen op af', vertelt Julio (45), een van de medewerkers van drugsdealer Fidel. 'We kunnen altijd makkelijk ontsnappen want wij kennen het terrein veel beter dan die soldaten', zegt hij met een brede lach. 'Daarna bouwen we gewoon ergens anders een nieuwe vijver.'

Julio laat zien hoe het maakproces in zijn werk gaat. 'We bouwen de vijver nabij een waterbron zodat we het bassin met water kunnen vullen', legt hij uit. 'Er gaat zo'n 2.400 kilo blaadjes in, aangevuld met een flinke hoeveelheid zout en bleekmiddel. Met een man of tien stampen we een dag lang door de bak om de blaadjes te pletten en de werkzame stof eruit te persen.'

Op de achtergrond is te zien hoe ook vrouw Jenny en dochter Anais (4) betrokken zijn bij de productie. Beeld Sebastián Liste
Op de achtergrond is te zien hoe ook vrouw Jenny en dochter Anais (4) betrokken zijn bij de productie.Beeld Sebastián Liste

Vervolgens gaat het naar een kleiner bassin. 'Eigenlijk is het het beste om kerosine te gebruiken', zegt Julio terwijl hij een jerrycan benzine leegt in de bak. 'Maar dat is moeilijk te smokkelen. Dus gebruiken we benzine, te koop bij de pomp.' Hij gooit er wat kalk bij, roert langdurig, en na een tijdje komt een drekkige substantie bovendrijven. Die schept hij in een regenton, hij gooit er zwavelzuur bij waarna een pasta ontstaat. Na zuiveren en drogen is het spul klaar. Het afvalwater gaat regelrecht het regenwoud in.

Het proces om cocaïne te maken van de pasta is ingewikkelder en er zijn duurdere en moeilijk verkrijgbare chemicaliën voor nodig. 'Dat doen anderen', zegt Julio. 'Wel smokkel ik soms de chemicaliën, dat verdient ook goed.' Julio, die als boer een kleine akker heeft, laat zich graag inhuren. 'Fidel betaalt me 100 dollar voor drie dagen werk', zegt hij. 'Met dat geld kan ik mijn kinderen naar een fatsoenlijke school sturen.'

Gouden tand

Handelaars als Fidel zijn kleine jongens die gezamenlijk produceren voor grote afnemers. Echt rijk worden ze er niet van, ook omdat ze regelmatig worden beroofd door diezelfde afnemers. Fidel woont in een simpel houten huisje. Zijn enige zichtbare uitspattingen van luxe zijn een bovengemiddeld grote koelkast en een gouden tand. Hij heeft geen idee wat de eindwaarde is van zijn product. '6.000 dollar per kilo coke?'

Vanuit de VRAEM gaan de drugs via de Amazone naar Brazilië, via de kust naar Midden-Amerika en Mexico, of zuidwaarts richting Bolivia en Argentinië. Volgens Mirella van de VN is de aanwezigheid van buitenlandse bendes in Peru beperkt. 'In het begin kwamen hier Mexicanen en Colombianen om de lokale bevolking te leren hoe ze de drugs moeten bereiden', zegt hij. 'Nu houden de grote kartels zich alleen nog bezig met de grote deals en de export.'

null Beeld Bier en Brood
Beeld Bier en Brood

Mocht cocaïne ooit gelegaliseerd worden, dan zal dat niet per definitie leiden tot meer productie in de VRAEM. Dat hangt helemaal af van de prijzen van de verschillende gewassen op de wereldmarkt. 'Het is een puur economische afweging', aldus boer Guillen. 'De Peruaanse media zetten ons weg als drugsterroristen', zegt hij met woede in zijn stem. 'Maar ik verbouw een plant om te kunnen overleven. Het zijn anderen die hier rijk van worden.'

De boer wist niet dat cocaïne in Amsterdam zo'n 40 euro per gram kost. 'Betalen mensen dat ook echt?', zegt hij met grote verbazing. 'Dan willen ze het wel heel graag gebruiken.' Hij denkt even na en besluit het dan van de positieve kant te zien. 'Ik ben blij dat rijke mensen zoveel cocaïne kopen. Want als de vraag stokt, ben ik mijn inkomen kwijt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden