Een pianostemmer is net een arts

Dokter wilde hij worden, geen schrijver. Toen hij, na een studieonderzoek in het buitenland, plaatsnam achter de tekstverwerker, was dat om zijn ervaringen in Zuidoost-Azië op een rijtje te zetten....

'IK HEB nog wel een tijdje te gaan. Na vier jaar biologie aan Harvard zit ik nu in mijn derde jaar medicijnen aan de University of California in San Francisco. Als ik volgend jaar afstudeer, moet ik nog drie jaar praktijktraining volgen voordat ik bevoegd arts ben. Maar omdat ik nogal geïnteresseerd ben in besmettelijke ziekten, is de kans groot dat ik daarna ga studeren voor specialist. Dat klinkt allemaal erger dan het is. Ik ben de bibliotheekfase voorbij. De rest van mijn studie is een combinatie van studeren en werken in de praktijk. En dat laatste, daar was het mij toch om te doen. In combinatie met schrijven, dat wel.'

Aan energie en ambitie ontbreekt het Daniel Mason (1976) niet. In de aanloop naar zijn medische opleiding deed hij na zijn Harvard-tijd een jaar lang studie naar malaria in het grensgebied van Thailand en Myanmar (Birma). Die ervaring zou uiteindelijk leiden tot zijn debuutroman The Piano Tuner (De pianostemmer). Mason: 'Ik was gevestigd in een Thais dorpje aan de Salweenrivier, die daar ook de grens met Birma vormt. We gingen met grote regelmaat de grens over: 95 procent van onze patiënten waren Birmezen. De natuurlijke omgeving was schitterend; de geuren, de geluiden, de kleuren. Het was een heel indrukwekkende ervaring om een jaar lang in zo'n totaal andere wereld te verkeren, en vervolgens buitengewoon vreemd om dan door een vliegtuig weer terug in de wereld van San Francisco te worden neergezet. Eenmaal terug voelt het bijna alsof je nooit bent weggeweest, of het niet waar was. Om te voorkomen dat ik die ervaringen zou vergeten, en ook om te voorkomen dat ik tot vervelens toe tegen mijn omgeving over mijn Thais-Birmese ervaringen zou beginnen, ben ik dingen gaan opschrijven.'

Op een gegeven moment las Mason een anekdote over een Amerikaanse botanicus die altijd een badkuip meenam, waar hij ook heen ging. Vermoedelijk hierdoor nestelde zich in zijn geest het beeld van een piano die om een nog nader te bepalen reden de jungle van Birma wordt binnengevoerd.

Met dat uitgangspunt begon Mason een boek te schrijven dat veel meer werd dan een verwerking van zijn eigen ervaringen. Want het beeld van dit typisch westerse instrument, geplaatst in een omgeving waar het totaal niet thuishoort (en op termijn niet kan overleven), is zowel een krachtig symbool van kolonialisme en imperialisme, als de uiteindelijk gedoemde mislukking ervan. Tegelijk is de piano zinnebeeld van verbroedering-door-kunst, want voor dat doel wordt hij aangewend. Maar die verbroedering dient vervolgens wel weer een kolonialistisch doel.

Het verhaal van De pianostemmer is eenvoudig. Het is 1886. In een uithoek van het Britse koloniale rijk - de Shan-staten in oostelijk Birma - is arts-majoor Anthony Carroll gelegerd. Hij vraagt de militaire top hem een Franse vleugelpiano van het merk Erard te zenden. Normaliter zou een dergelijke krankzinnige wens worden genegeerd, maar wegens de bijzondere verdiensten van de majoor, die de Shan-staten ondanks Franse en Siamese druk voor de Britten heeft weten te behouden, krijgt hij zijn zin. Maar het Birmese klimaat en een militaire schermutseling doen de piano geen goed, en na enige tijd verzoekt de majoor om de overkomst van een pianostemmer. Zo doet Edgar Drake zijn intrede. Hij reist van Londen naar het Birmese Mae Lwin. De lezer volgt hem op zijn reis en gedurende zijn verblijf in Birma. Hij probeert, samen met Drake, vat te krijgen op de mysterieuze persoonlijkheid van Carroll en de wereld waarvan hij deel uitmaakt.

De pianostemmer wordt niet alleen verteld aan de hand van de wederwaardigheden van Edgar Drake. Ook uit brieven, militaire verhandelingen, verhalen van derden en andere bronnen krijgt de lezer informatie waaruit hij uiteindelijk een begrijpelijk totaalbeeld kan vormen. Mason: 'In het boek speelt een episode uit de Britse koloniale geschiedenis - de strijd in de Shan-staten - een belangrijke rol. Maar behalve enkele specialisten kent niemand die geschiedenis, terwijl hij volgens mij toch heel erg de moeite waard is. Dus moest ik een manier vinden om de lezer er op een logische, natuurlijke manier over te informeren.

'Eerst probeerde ik die geschiedenis in de mond van een van de personages te leggen, maar dat klonk ongelooflijk pedant. Alsof dat personage een college gaf. Dus bedacht ik een manier waarop waarschijnlijk ook Edgar door de militairen zou zijn ingelicht: via briefings en dergelijke.'

Edgars eigen brieven vormen evenzeer een heel wezenlijk deel van het boek, aldus Mason. 'Edgar is een heel gereserveerd iemand. Een hedendaagse Amerikaan zou je waarschijnlijk binnen tien minuten zijn levensverhaal vertellen, inclusief allerlei intieme details. Daarom hebben wij ook van die televisieprogramma's waarin mensen zich ten overstaan van miljoenen volkomen blootgeven. Een Victoriaanse Engelsman zou dat niet snel doen, leek me. Dus was de vraag: hoe maak je iemand interessant die weinig over zichzelf kwijt wil? Daarom heb ik drie tamelijk uitgebreide brieven van Edgar aan zijn vrouw in het boek verwerkt. Dat zijn voor de lezer drie vensters naar zijn ziel. Voor het overige krijg je slechts voorzichtige signalen van wat hij denkt en voelt.'

Mason is gek op het verrichten van research. In de Verenigde Staten graasde hij complete bibliotheken af, om uiteindelijk ter afsluiting van zijn onderzoek voor het boek naar Londen te gaan. 'In het Museum of London History stuitte ik op het 1886-equivalent van de Gouden Gids: een naar beroepen gerangschikte adressenlijst, die me onder andere een indicatie gaf in welke wijk ik mijn pianostemmer kon laten wonen. De sociale status van stadswijken is immers voortdurend aan verandering onderhevig. Ik wilde Drake niet in een te arme of te rijke wijk huisvesten. Het bleek dat Bloomsbury zijn aangewezen woonomgeving was.'

Omdat een 21ste-eeuwse vertaalster zich zo'n adressenlijst blijkbaar moeilijk kan voorstellen zonder telefoonnummers, heet de London Directory in de Nederlandse vertaling 'telefoonboek'. Mason: 'Tja, dat is jammer. Anno 1886 gebruikte men zo'n gids om te weten waar je je moest vervoegen. Iemand opbellen was een paar jaar na de uitvinding van de telefoon nog niet echt ingeburgerd. . .'

Een andere bruikbare vondst deed Mason in een van de antiquariaten op Charing Cross Road. 'Zoals op veel plekken is er in Londen een levendige handel in ingelijste afbeeldingen uit oude tijdschriften. Soms wordt wat er resteert van die tijdschriften bewaard en ingebonden. Zo kocht ik voor vijftien pond een halve jaargang van de London Illustrated News uit 1887. Die tijdschriften stonden onder meer vol artikelen over Birma, want de oorlog in de Shan-staten was toen regelmatig groot in het nieuws. Ook over het dagelijks leven in Londen was er een hoop in te vinden. Nooit geweten dat ze hun feesten toen de nogal mal klinkende naam fancy dress balls gaven. En natuurlijk stond er een rijkdom aan advertenties in die tijdschriften. Daar heb ik dankbaar gebruik van gemaakt.'

Hoewel een boek over een 19de-eeuwse pianostemmer in Birma, geschreven door een 21ste-eeuwse student geneeskunde in San Francisco, moeilijk het prototype van een autobiografische roman kan worden genoemd, heeft Mason wel degelijk het gevoel een heel persoonlijk boek te hebben geschreven.

'Er zijn onmiskenbare parallellen tussen het werk van een pianostemmer en dat van een arts. Beiden proberen hun ''patiënt'' te helpen om in een zo optimaal mogelijke conditie te raken, en beiden doen dat op de achtergrond. Als je een gezond iemand ziet lopen, denk je doorgaans niet: die is tien jaar geleden vast heel goed behandeld door zijn dokter. Ook bij een prachtig pianoconcert reageert geen mens: tjonge, wat is die piano goed gestemd. Ondertussen leveren beiden wel een wezenlijke bijdrage. Ik denk dat Drake en Carroll het in mijn boek zo goed met elkaar kunnen vinden omdat ze allebei gewend zijn hun werk achter de schermen te doen.'

Mason heeft zich bij het schrijven van zijn roman danig in het beroep van pianostemmer verdiept. Uiteindelijk heeft die studie zelfs consequenties gehad voor de structuur van het boek. 'Uit mijn gesprekken met pianostemmers bleek dat velen van hen na het stemmen stukken uit Das Wohltemperierte Klavier spelen, om te laten horen dat de piano alle toonsoorten aankan. Daaruit is het idee voortgekomen mijn boek als een soort fuga te schrijven: er wordt een bepaald thema geïntroduceerd, waarop vervolgens wordt gevarieerd, telkens in een andere toonsoort. Concreter gezegd: er wordt telkens opnieuw hetzelfde verhaal verteld, maar in wisselende contexten en door andere mensen.'

In de tweede helft van De pianostemmer wordt enkele malen gerefereerd aan de Odyssee en met name aan de episode van de lotuseters: lieden die van de lotusboom hebben gegeten en daardoor hun thuis en hun familie vergeten en in het land van de lotusboom willen blijven om te leven in een eeuwig nu. Dit is wat met Drake gebeurt: hij raakt geheel in de ban van Birma. Mason: 'In feite heb ik in de persoon van Drake tot het uiterste doorgevoerd wat mijzelf overkwam gedurende mijn verblijf aan de Thais-Birmese grens. In het boek komen verschillende mensen voor die niet meer terug willen of terug durven, bijvoorbeeld omdat ze bang zijn zich niet meer te kunnen aanpassen aan hun thuisland. Ik heb dat niet in dezelfde extreme mate gehad als diverse van mijn personages. Via mijn personages heb ik willen beleven hoe het ook had kunnen lopen. Aan het slot van De pianostemmer beleeft Edgar zijn moment van euforie, van verlichting. Voor mij was dat het schrijven van het boek.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden