Handen uit de mouwende patiëntenvervoerder

Een patiëntenvervoerder die weet dat je zieke mensen nooit ‘beterschap’ moet wensen

Toen zijn vrouw ziek werd, ontmoette Henk Eising een ziekenhuis vol mensen die hun uiterste best doen om anderen bij te staan tijdens hun grootste uur van nood. Dat wilde hij ook voor anderen kunnen betekenen, dus werd hij vrijwilliger.

Vrijwilliger Henk Eising is helpt patiënten naar hun afspraken in het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Vrijwilliger Henk Eising is helpt patiënten naar hun afspraken in het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Henk Eising (65), een gepensioneerde marktonderzoeker met zilvergrijs haar, heeft een fijne slagzin paraat om zijn vrijwilligerswerk aan te prijzen. ‘Sommige baantjes vreten energie, dit baantje gééft je juist energie.’

Henk is patiëntenvervoerder in het Amsterdamse Antoni van Leeuwenhoekziekenhuis, dat gespecialiseerd is in kankerbehandeling en -onderzoek. Niet direct een omgeving die je associeert met een oppepper. Maar voor Henk is dit juist de plek waar arbeid ook iets geeft en niet alleen maar neemt.

We staan in de kamer van een fragiele, oude man. Henk – met zijn diepe basstem – voert een kort gesprek met de man. Niet te diep, niet te oppervlakkig, maar precies genoeg om de man een aangenaam ritje te garanderen naar de afdeling radiotherapie, waar de zoveelste bestraling op hem wacht. Daarna snelt Henk naar een andere kamer om een vrouw op te halen die een afspraak voor een röntgenfoto heeft staan.

Het is deze dinsdagmiddag lift in, lift uit en trap op, trap af. De ene patiënt vervoert Henk per rolstoel, de ander – vaak zieker en zwakker – verplaatst hij met bed en al. Aan het einde van een dienst heeft hij vaak tussen de 10 duizend en 12 duizend stappen gezet. Niet alleen barmhartig werk dus, dit patiëntenvervoer, maar ook nog eens goed voor de gezondheid en je figuur. Deze zomer voert Henk het werktempo zelfs nog iets verder op door de diensten over te nemen van vakantie vierende collega’s.

Tot zes jaar terug passeerde Henk het Antoni van Leeuwenziekenhuis wel eens tijdens fietstochten tussen Badhoevedorp, zijn woonplaats, en Amsterdam. Dat is een plek waar je zo ver mogelijk vandaan moet blijven, dacht hij dan. Totdat bij zijn vrouw Marjan kanker werd geconstateerd en zij voor behandeling dat gevreesde gebouw binnen moest. Gelukkig bleek Marjan behandelbaar en werd ze binnen de kortste keren weer ‘schoon’ verklaard. Ook het ziekenhuis viel Henk mee: een mooie, lichte ruimte, bevolkt door zorgzame mensen die hun uiterste best doen om mensen bij te staan tijdens hun grootste uur van nood. Dat wilde Henk ook voor anderen kunnen betekenen.

Nu is Henk een volleerde patiëntenvervoerder. Eentje die weet dat je patiënten bijvoorbeeld nooit ‘beterschap’ moet wensen – want beterschap zit er niet voor iedereen in – maar het moet houden bij ‘het allerbeste.’ Ook in zijn losse, humorvolle omgang met de patiënten zie je terug dat Henk al flink wat meters in het ziekenhuis heeft gemaakt.

Inmiddels heeft Henk al zoveel geleerd van het vrijwilligerswerk dat hij het tijd vond worden voor een boek. Handen aan het bed! heet het in eigen beheer uitgegeven werk. In vlotte, humoristische stijl beschrijft Henk memorabele ontmoetingen met patiënten en portretteert hij kleurrijke collega-patiëntenvervoerders. Opbrengsten van het boek komen ten goede aan de AVL Foundation, dat wetenschappelijk kankeronderzoek financiert.

De grappigste anekdote in het boek: een patiënte met haaruitval die op weg naar een röntgenfoto nog even haar haren wil kammen voordat ze op de foto moet.

Het treurigste verhaal: twee jongens die zich huilend storten op het bed van hun jonge, terminale moeder en uitroepen: ‘Je mag niet dood, mama!’

Enkele van de in het boek beschreven collega-patiëntenvervoerders hebben in een koffieruimte even een momentje voor zichzelf. Marika is er, de Slowaakse Willeke Alberti (in haar geboorteland geldt ze als een muzikale grootheid), die in Nederland bleef hangen vanwege de liefde. Ook aanwezig: Marcella, een ‘horecatijger’ die achter de toog van elk denkbaar Amsterdams café heeft gestaan. Daarnaast zit Jacky, een stewardess met een indrukwekkende partij tatoeages op de armen.

Mensen van ‘diverse pluimage’ noemt Henk zijn collega’s liefdevol. Dat maakt dit werk ook leuk, je komt nog eens uit je ‘bubbel’. Een ding hebben de meeste patiëntenvervoerders wel gemeen: bijna allemaal bezochten ze het ziekenhuis voor het eerst als partner, familielid of vriend van iemand die aan kanker heeft geleden. De warmte van het personeel maakten zoveel indruk dat ze als vrijwilliger aan het ziekenhuis verbonden wilden blijven.

Bedrukt het niet, om constant en op vrijwillige basis omringd te zijn met ziekte? Soms wel, vertellen de patiëntenvervoerders. Vooral het aanzicht van jonge, zieke mensen kan beklemmen. Zoals de vrouw, ergens in de dertig, die op het moment doodziek in bed ligt. Aan haar bed zit haar zus, die dag en nacht haar hand streelt. Waarom dit verdriet in zulke jonge levens, vragen de patiëntenvervoerders zich dan vertwijfeld af.

Maar ergens is het ook goed om dit mee te maken, vertelt Henk. Cliché misschien, maar het helpt je wél om kleiner leed in het leven te relativeren. Dat is ook de les die een patiënt, met niet al te beste vooruitzichten, Henk ooit meegaf. Henk zat er een beetje mee dat hij het leed van anderen gebruikte om zijn eigen sores in perspectief te plaatsen. Was dat niet ongepast? De patiënt wuifde Henks zorgen weg. ‘Mijn ziekte doet jou inzien wat de belangrijke dingen in het leven zijn.’

Alles valt in het niet bij een goede gezondheid. Met dat besef, en met een doses hernieuwde energie, stapt Henk na elke dienst weer op de fiets en keert huiswaarts naar Badhoevedorp.

Handen uit de mouwen

Wie zijn de ­mensen die, mogelijk aangespoord door de coronapandemie, de drang voelen om zich nuttig te ­maken? Wat ­motiveert hen? Welke lessen ­trekken ze eruit? Het zijn vragen in de zomer­serie ‘Handen uit de ­mouwen’.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden