Reportage Burgerinitiatief Spoorpark

Een park voor burgers door burgers: Tilburgers leggen in de stad hun eigen ‘Central Park’ aan

Kinderen spelen in het Spoorpark. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Vlak bij het station van Tilburg verrijst een park dat is opgezet door een groep burgers. ‘Echt een park van de stad’, zegt de wethouder. Maar is zo’n project niet gewoon een taak van de gemeente zelf? 

Werklieden staan onder een bewolkte hemel struiken te planten in de BMX-baan. Hoeveel zijn het er wel niet? Ze halen hun schouders op: duizenden, misschien wel tienduizend, van alles wat. ‘Straks fiets je hier door een doolhof’, zegt Anita de Haas vol trots, waarna we onze weg vervolgen door het Tilburgse park in wording. ‘Daarachter liggen twee skatebowls en hier komt een picknickplek voor ouders met kinderen, die lekker op deze rotsen kunnen klauteren.’

Wilt u dit verhaal liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie.

Het Spoorpark, door een gemeentewoordvoerder al eens omschreven als ‘het Central Park van Tilburg’, is geïnitieerd en georganiseerd door een groep bewoners. ‘Het is misschien wel het grootste burgerinitiatief van ­Nederland’, beweert De Haas (65), oud-journalist bij het Brabants Dagblad en een van de initiatiefnemers. Tien hectare groot, kosten 8 miljoen euro – in juni is de opening gepland.

‘Doe-democratie’

Ooit was hier het rangeerterrein voor de treinen van NS. Na het vertrek van de NS-werkplaats (bekend van het chroom-6-schandaal) viel er weinig meer te rangeren. Het gebied vlak bij het station, waar ook voormalig transportbedrijf Van Gend & Loos was gevestigd, lag jarenlang braak. Er waren wel plannen – een wielerbaan, een muziekhal – maar die smoorden in de crisis van tien jaar geleden.

Tot de gemeente in 2015 met het hippe idee kwam: laat de bewoners maar iets bedenken en doen. Dat past in de participatiemaatschappij en ‘doe-democratie’. Ook het kabinet heeft het zogenoemde Right to challenge (uitdaagrecht) omarmd – er staat zelfs een passage over in het regeerakkoord. Burgers worden gestimuleerd de overheid uit te dagen dat ze publieke taken beter, effectiever, sneller of anders kunnen.

Van camping tot uitkijktoren

Het moest niet zomaar een park met bomen, struiken en gras worden, bedacht het groepje burgers rond De Haas en voormalig woningcorporatiebestuurder Johan Dunnewijk. Het moest een park met beleving en activiteiten worden. Ze kregen een ambtenaar ‘als ondersteuning’, belegden zeventig vergaderingen in veertien maanden en ontvingen 81 meer of minder concrete ideeën van burgers en ondernemers.

Hoveniers aan het werk in het Spoorpark. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

In februari 2017 gingen ze met een uitgewerkt plan naar de gemeenteraad. ‘We willen een park waarin echt leven in de brouwerij is’, aldus De Haas. Er komt een scoutinggebouw, waarin ook buitenschoolse opvang wordt gevestigd. Een stadscamping, een ­beachvolleybalclub met strand (kan ’s winters een ijsbaan zijn), een theehuis/brasserie, een 36 meter hoge uitkijktoren, een fiets- en skatebaan. Een stromende beek en waterplein waarin kinderen kunnen spelen, grasvelden voor evenementen en optredens.

Kosten voor de gemeente: 5,3 miljoen euro voor de aanleg van het park; 2,8 miljoen euro voor grondwerkzaamheden, 2 miljoen risicoreserve.

Daarnaast investeren de geselecteerde organisaties nog eens 3 miljoen euro in het park. In april 2017 gaf de gemeenteraad zijn goedkeuring. Alleen de VVD en Lijst Smolders Tilburg stemden tegen, vooral wegens de kosten. ‘Een burgerinitiatief dat 10 miljoen aan gemeenschapsgeld kost, is voor mij geen burgerinitiatief’, vindt Hans Smolders.

Wethouder Spoorzone Berend de Vries (D66) is enthousiast over het parkproject van de burgers, die daartoe een ­eigen stichting hebben opgericht. ‘We hadden het natuurlijk ook zelf kunnen doen’, zegt hij. ‘Maar dan was het toch meer een rechttoe-rechtaanpark geworden. Dan krijg je minder waar voor je geld. Nu doen de scouting, de stadscamping en andere organisaties mee, die elk hun eigen achterban hebben. Het is echt een park van de stad geworden.’

Natuurlijk zijn er duizenden vrijwilligersuren (van initiatiefnemers, bestuur en anderen) in het park gaan zitten – dat maakt het ook goedkoper. De Haas wijst op een ander voordeel: ‘Er is geen enkel bezwaarschrift tegen het park binnen­gekomen. Niet van de buurt, die vreest voor geluids- of parkeeroverlast of tegen de kap van enkele bomen is. We hebben veel draagvlak in de stad, juist omdat we als burgers het heft in handen hebben genomen en van onderop aan de slag zijn ­gegaan. Als een gemeente met een idee komt, gaan er standaard veel hakken in het zand – dat is bijna een automatisme.’

Moet de gemeente dit niet doen?

Ook heeft het burgerinitiatief geen last van bureaucratie of langs elkaar heen werkende afdelingen op een gemeentehuis. ‘Daardoor hebben wij in drie jaar een park van tien hectare uit de grond gestampt’, aldus De Haas. ‘Een gemeente doet daar zeven tot tien jaar over.’ Een collega voegt daaraan toe: ‘Bij de gemeente moeten ze wachten tot er zeven lichten op groen staan; wij ­nemen met z’n allen in één keer die beslissing.’

Toch zijn er ook wezensvragen te stellen bij zo’n groot burgerinitiatief, dat veel verder gaat dan het beheer van een kinderboerderij of opknappen van een speeltuin. Want waar stopt dit: straks worden hele stadsgebieden ontwikkeld door burgers. En moeten deze publieke taken niet gewoon door de overheid worden uitgevoerd – de burgers hebben toch niet voor niets een gemeenteraad en (indirect) gemeentebestuur gekozen?

‘Bezuinigingen bij de gemeente zijn niet het oogmerk geweest voor stimulering van het burgerinitiatief’, zegt wethouder De Vries. ‘Ons motief is echt dat burgers een meerwaarde kunnen hebben bij een afgebakende gebiedsontwikkeling. Ze kunnen meer voor elkaar krijgen, juist omdat ze het zelf en van onderaf organiseren. Het is een nuttig instrument in de gereedschapskist van de overheid.’

Natuurlijk zijn er ook grenzen aan. ‘Er is geen blauwdruk: dit is voor de overheid, dit is voor de burgers’, aldus de D66-bestuurder. ‘Het is per opgave en per groep verschillend. Het is ook prima te verenigen met het primaat van de gemeenteraad. Want de raad moet uiteindelijk wel haar goedkeuring verlenen aan bijvoorbeeld de ­financiering van zo’n burgerinitiatief.’

Minister Ollongren

Volgens minister Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken zijn 75 gemeenten al ‘goed bezig’ met Right to challenge. Afgelopen december kondigde ze extra stimuleringsmaatregelen aan om dat aantal tot de volgende gemeenteraadsverkiezingen te verdubbelen. ‘Een sterke lokale democratie begint met inwoners die echt betrokken zijn bij vraagstukken in hun wijk, zoals het beheer van sportvelden, het onderhoud van een park om de hoek of het aardgasvrij maken van buurten’, aldus de D66-minister.

‘De gemeente Tilburg heeft het park aan de burgers gegeven’, vertelt De Haas tijdens de rondgang in het Spoorpark, waar op diverse plekken de werkzaamheden in volle gang zijn. ‘En het mooie is dat we als burgers laten zien dat we in staat zijn om het te realiseren, binnen het budget.’

In het Spoorpark blijft een stuk spoorrails liggen ter herinnering aan het rangeerterrein van de NS. Straks komt er ook een oude treinwagon op te staan, die wordt opgeknapt en als receptie voor de stadscamping gaat dienen. ‘Want geen Spoorpark zonder treinwagon’, lacht De Haas.

Europese regels vormen obstakel 

Veel gemeenten stimuleren burgers om initiatieven te ontplooien voor de uitvoering van collectieve voorzieningen. In 299 van de 333 lokale coalitieakkoorden van vorig jaar wordt aandacht besteed aan deze vorm van participatie, aldus cijfers van Binnenlandse Zaken. In 56 akkoorden wordt gesproken van het Right to challenge oftewel het recht om (de overheid) uit te dagen, dat is komen overwaaien uit Groot-Brittannië.

Zo hebben in Groningen burgers een wijkbedrijf opgezet om mensen uit de bijstand te halen en werkervaring op te laten doen, in Rotterdam hebben bewoners hun straat heringericht en houden ondernemers in Nootdorp hun eigen winkelcentrum schoon. Toch zijn er ook juridische belemmeringen. Zo stuit het Spoorpark in Tilburg op de Europese aanbestedingswetgeving, die voorschrijft dat projecten boven een grens van 211 duizend euro moeten worden aanbesteed. De Stichting Spoorpark heeft een jaarlijkse bijdrage voor onderhoud en beheer nodig van 200 duizend euro. Dat zou betekenen dat de gemeente Tilburg het beheer en onderhoud al na een jaar openbaar zou moeten aanbesteden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.