Een onverwoestbaar liefdeslied

Aanvankelijk zou Willeke Alberti het zingen, het werd uiteindelijk André Hazes. Hoe ‘Wij houden van Oranje’ het volkslied verdrong...

In de zomer dat Nederland de nationale voetbalploeg massaal en met een ongekende bezetenheid omarmt, is Wij houden van Oranje het liefdeslied.Het schrijven van de tekst is, zoals altijd, volgens hetzelfde patroon verlopen. Als de eerste regel er eenmaal is, na een uur en diverse glazen cognac, volgt de rest vanzelf. Samen zijn we sterk, Eendracht maakt machtig.

Voor de muziek van het refrein kiest Hans van Hemert een traditional, Auld Lang Syne, een lied uit het begin van de achttiende eeuw van de Schotse dichter Robert Burns. Auteursrechten hoeven niet te worden betaald. De ernstige, eeuwenoude melodie is nog ouder en wordt sinds 1799 voor het lied gebruikt. In Groot-Brittannië en Australië is het een klassieker tijdens de jaarwisseling.

Eigenlijk heeft Van Hemert te weinig tijd. De voorbereidingstijd is te kort, het EK nadert en zoekend naar een melodie die meteen bekend in de oren klinkt, komt hij uit bij Auld Lang Syne. Een traditional, weet hij, kun je zonder schaamte op je eigen manier interpreteren. Dat doet hij en het voelt goed.

In Wij houden van Oranje zijn we samen sterk, is een klein land groot, wordt voor ons het rood-wit-blauw gehesen, zijn we een ware kampioen en laten we allemaal tranen als het Wilhelmus klinkt. Het refrein voldoet aan de hoogste eis: het kan worden meegebruld.

Het galmt in West-Duitsland in juni 1988 al door de stadions, maar pas na de zege van het Nederlands elftal in de halve finale op de Duitsers stijgt de verkoop van de single explosief. Na het EK, in de eerste week van juli, komt Wij houden van Oranje in de Top 40 binnen op de vijftiende plaats. De hoogste positie is de derde, achter Push it van Salt-n-Pepa en Fast Car van Tracy Chapman. Na zeven weken verdwijnt het uit de Top 40, het voorlopige einde van een onverwoestbare klassieker.

Het begin is een bezoek van Joop Oonk aan Eef Kamerbeek, in april 1988.

Zes grote sponsors van de KNVB en de stichting ‘Fijn langs de lijn’ voeren voor het EK actie voor een beter imago van het voetbal. Voor de campagne ‘Nederland houdt van Oranje’ is een half miljoen gulden beschikbaar.

Kamerbeek, een voormalige tienkamper die in 1960 vijfde werd bij de Olympische Spelen in Rome, werkt bij Philips en is de woordvoerder, Oonk is actief in de muziek, als manager. En hij is de ex-man van Willeke Alberti. Hun dochter Daniëlle en international John van ’t Schip zijn verliefd.

Oonk heeft in de krant een stuk gelezen over de actie Nederland houdt van Oranje en een afspraak met Kamerbeek gemaakt. Ik heb een leuk idee, zegt Oonk in Eindhoven, en hij vertelt over een EK-lied, gezongen door bijvoorbeeld Willeke Alberti en het Nederlands elftal.

Hoeveel geld heb je nodig, vraagt Kamerbeek. Vijftienduizend gulden, zegt Oonk. Kamerbeek pakt de telefoon, belt zijn secretaresse en vijf minuten later ligt er een cheque op het bureau. Vanuit de auto belt Oonk, een van de eerste Nederlanders met een autotelefoon, onmiddellijk zijn vriend Van Hemert. Ook hij ziet de kansen. Als tweede belt Oonk zijn ex-vrouw. Ze is net zo enthousiast – maar niet lang.

Op 21 maart verschijnt in De Telegraaf een bericht onder de kop ‘André vervangt Willeke’. De zangeres ‘vond het liedje toch niet helemaal bij haar passen’. Wat mogelijk een rol speelt, is dat Alberti getrouwd is met een voetballer die met Denemarken aan hetzelfde EK zal deelnemen, Søren Lerby. Dat ligt gevoelig. En mogelijk is er jaloezie in het spel, denkt Oonk, de ex-man van de zangeres.

Oonk, Van Hemert en muziekuitgever Tony Berk van Dino Music hebben onmiddellijk een vervanger op het oog. Er is maar een man die het kan doen, zegt Oonk, en hij maakt een afspraak met André Hazes in diens stamcafé De Plashoeve in Vinkeveen. Als hij binnenkomt, staat Hazes te biljarten en bier te drinken.

Hazes zegt ja. Hij houdt van voetbal, is supporter van Oranje en vindt het een waanzinnig goed idee. Zijn loopbaan zit in het slop. Hij heeft al drie jaar geen hit meer gehad en het overlijden van zijn producer Tim Griek bij een auto-ongeluk heeft hem zwaar aangegrepen.

Het koor heeft zijn werk al gedaan, in de Wisseloord Studio’s in Hilversum. Van Hemert heeft zijn broer Erik opdracht gegeven een koortje samen te stellen, voor een bescheiden bedrag. Een van de zangeressen is Ellen ten Damme. Ze woont nog bij haar moeder, is blij met de vergoeding van 750 gulden en leeft net zoals de anderen in de studio de hele dag op bier, wijn en borrelnoten.

Het Nederlands elftal levert eveneens een bijdrage. Zingen kunnen de spelers niet, merkt Van Hemert snel, maar dat doet er weinig toe. De goede zang staat al op de band en Oranje hoeft aan het lied alleen maar volume en enthousiasme toe te voegen. Het moet groots klinken van Van Hemert, gróóts.

Als laatste is Hazes aan de beurt. De opnames in de studio van Arnold Mühren in Volendam verlopen moeizaam. Van Hemert duldt geen tegenspraak en Hazes reageert kribbig op de aanwijzingen. Dat Hazes te veel heeft gedronken, maakt het er niet beter op. Hazes ergert zich aan Van Hemert en Van Hemert ergert zich aan Hazes.

Een vervelende bijkomstigheid is dat het lied voor de stem van Willeke Alberti is geschreven. Hazes zingt het lied anders dan Van Hemert het in zijn hoofd heeft. Bij het refrein gaat het steeds mis. De toonsoort is lastig voor de zanger uit de Amsterdamse Pijp. Meestal zingt Hazes hoger.

Een tweede sessie in de Volendamse studio is noodzakelijk. Van Hemert is Hazes zat en laat de begeleiding van de zanger over aan Oonk. Eindelijk vallen alle stukjes op hun plaats, constateert Van Hemert. Wij houden van Oranje klinkt plotseling rustig; als een hymne.

In het refrein laat Hans van Hemert de tweede en vierde regel rijmen, ‘een kampioen’ en ‘om zijn daden en zijn doen’.

Twintig jaar later wil Hans van Hemert wel toegeven dat ‘om zijn daden en zijn roem’ misschien beter was geweest dan ‘om zijn daden en zijn doen’. Veel Oranje-fans zingen ‘roem’, die weten niet beter. Of ze luisteren niet goed naar de stem van André Hazes.

Van Hemert: ‘Roem rijmt niet op doen. Toch was roem misschien beter geweest. Daden en doen is dubbelop, een pleonasme.’

Korte stilte. ‘Maar ach, wat maakt het allemaal ook uit.’

Een onderzoek in opdracht van de Staatsloterij in april 2008 wijst uit dat de hit van André Hazes volgens een meerderheid van de bevolking het ‘Oranje-gevoel’ beter vertolkt dan het Wilhelmus. Joop Oonk: ‘We hebben het volkslied verdrongen’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden