EEN ONMOGELIJK COMPROMIS

SOMS is een compromis slechter dan de plannen waar het een compromis tussen is. Dat geldt voor de wet over de burgemeestersverkiezing die die arme minister De Vries moet verdedigen in de senaat, maar die verzonnen is door zijn voorganger Bram Peper....

Er zijn drie instanties die je kunt laten kiezen wie er burgemeester wordt: de regering (zoals nu), de gemeenteraad, of de bevolking. Maar dat kan natuurlijk niet allemaal tegelijkertijd. Minister De Vries heeft nu de taak om enerzijds de opstandige VVD senatoren gerust te stellen dat de nieuwe wet het de regering mogelijk maakt om vrij te kiezen uit een meervoudige voordracht, terwijl hij anderzijds tegen D66 en de PvdA moet volhouden dat een referendum werkelijk betekenis heeft. Dat is toch niet te verenigen? Het heeft alleen maar zin om de bevolking via een referendum de keuze van de burgemeester voor te leggen als die keuze dan vervolgens ook gevolgd wordt.

Nu zou men wellicht nog kunnen hopen dat de morele druk van een referendum-uitspraak zo groot is dat een regering die keuze ook in 99 procent van de gevallen zal volgen. Maar we weten inmiddels hoe dat uitpakt: in een vorig regeeraakkoord stond dat de regering de voordracht van de gemeentelijke vertrouwenscommissie voor een burgemeestersbenoeming zal volgen, behalve in uitzonderingsgevallen.

Weet u wat er is gebeurd? Er zijn steeds uitzonderingsgevallen. Het enkele feit dat de voorgedragen burgemeester niet van de gewenste politieke partij is, is vaak al reden genoeg voor de regering om van de voordracht af te wijken. Voorbeelden: burgemeester Opstelten van Rotterdam is benoemd tegen het plaatselijk advies, zo ook burgemeester Wöltgens van Kerkrade, en (pikant, want dit was mede het gevolg van de lobby van D66 die niet wilde dat de regering de plaatselijke voordracht volgde): burgemeester Apotheker van Leeuwarden. En dat zijn dan nog alleen de gevallen die zijn uitgelekt!

In dit geval wil VVD-senator Luijten van de minster de verzekering dat de regering alleen in zeer grote uitzonderingsgevallen een dubbele voordracht mag accepteren, en dat een enkele voordracht direct de prullenbak in zal gaan. Maar het is maar de vraag of een volgende minister van Binnenlandse Zaken die toezegging gestand zal doen. Als de harde afspraak in een regeerakkoord al genegeerd kan worden, dan zeker een mondelinge toezegging aan de Eerste Kamer (een toezegging die bovendien in strijd is met de nadrukkelijke bedoeling van de Tweede Kamer, waar een meerderheid van onder andere PvdA, D66, en CDA die enkelvoudige voordracht er juist via het amendement De Cloe had ingebracht). Kortom: je kunt het de VVD niet kwalijk nemen dat ze geen genoegen neemt met een toezegging. Dat is geen obstructie of geschonden afspraak: de VVD is gebonden aan het regeerakkoord, maar niet aan het amendement-De Cloe dat de Tweede Kamer op het laatst heeft toegevoegd.

Overigens is het niet alleen de VVD die met de tanden moet knarsen. Ook politiek links mag niet blij zijn met de voorliggende wet. Het is misschien goed om de PvdA er nog eens aan te herinneren dat haar collega's ter linkerzijde, de Kamerleden van GroenLinks, ook zeer kritisch waren over het voorliggende voorstel. Zij zagen, zoals alle oppositiepartijen, dat dit paarse compromis het onmogelijke met elkaar wilde verenigen, en daarom was GroenLinks tegen het onderdeel met het raadplegende referendum. Ook D66, zonder wier aandrang dit juweeltje zeker nooit in deze vorm had voorgelegen, vindt de wet 'een gedrocht'.

Daar ligt dan toch de taak van de Eerste Kamer: om een gedrocht, dat aan alle kanten rammelt en dat alleen te verklaren is vanuit de waan van de dag, om dat gedrocht te deponeren waar het hoort, in de prullenbak.

Jan Terlouw betoogde dat deze wet een 'opstapje' zou zijn naar een fatsoenlijke wet. Maar het is maar de vraag of er een politieke meerderheid te vinden is voor wat D66 een goede wet vindt. Als dat wel zo is, waarom maken we dan niet direct die goede wet? En als het niet zo is, waarom schepen we het land dan op met een krakkemikkige wet?

Natuurlijk moet er een modern systeem komen om de burgemeester te kiezen. We kunnen wat leren van onze Belgische buren: de bevolking kiest een gemeenteraad, en die raad formeert direct daarna het college, inclusief de burgemeester. De burgemeester voert dus samen met zijn of haar partij een inhoudelijke campagne, zodat het volk werkelijk kan kiezen. De lijsttrekker van de grootste collegepartij zal meestal de burgemeester worden. De Kroon benoemt (en kan excessen afvangen, zoals een paar jaar terug in de Voerstreek een burgemeester die zich niet aan de taalwetten wilde houden). Dit systeem van verkiezen zorgt ervoor dat de burgemeester niet alleen symbolisch, maar ook werkelijk een prominente rol heeft in de plaatselijke politiek.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden