REPORTAGE

Een onafhankelijk Wales begint bij de taal

Zal na de Schotse opstand tegen Londen bij de verkiezingen volgende week ook de Welshe draak opstaan? Aan nationale trots is geen gebrek. Maar Wales - het vakantiepark van de Engelsen - laat zich niet zomaar vergelijken met Schotland.

Het 13de-eeuwse fort van Caernarfon, gebouwd door de Engelse koning Edward I. Uitgerekend het koninklijke vestingstadje is een broeinest van Welsh nationalisme.Beeld Ivan Vdovin

Het blauwe 'Yes'-speldje uit het Schotse referendum hangt nog op de jas van Aran Jones. Met enkele vrienden was de 46-jarige voorzitter van Saysomethinginwelsh, een organisatie die strijdt voor de Welshe taal, een half jaar geleden in Glasgow om de Keltische broeders in het noorden te helpen bij hun onafhankelijkheidsstrijd. 'Ik hoop dat deze ervaring me ooit nog van pas komt', zegt hij, kijkend over de baai van Pwllheli, een plaatsje in het noordwesten van Wales.

In het licht van de Schotse opstand tegen Westminster rijst de vraag of de Welshe draak aan het ontwaken is. Sinds 1999 heeft het landsdeel al een eigen parlement en vormen de bewoners een etnische minderheid. Dankzij de Wales Act, een soort eigen grondwet, kunnen ze zaken als zorg en onderwijs zelf regelen. Nu de Schotten, als gevolg van alle beloften die aan de vooravond van het onafhankelijkheidsreferendum gemaakt zijn, meer zelfstandigheid krijgen, wensen de Welsh gelijke behandeling. Voor de nationalistische partij Plaid Cymru zijn het stapjes naar zelfstandigheid.

Pwllheli is de plek waar de onafhankelijkheidsdroom van Wales negentig jaar geleden wortel schoot. Boven een café, waar zich nu een dierenwinkel bevindt, richtten zes mannen Plaid Cymru op, de Partij van Wales. Leider was Saunders Lewis, katholiek, wijnliefhebber, dandy, monarchist en bovenal dichter. Aanvankelijk vormde de ambitie van deze partij het wegnemen van het Welshe minderwaardigheidscomplex, het schaamtegevoel dat de verovering door de Engelsen in de middeleeuwen met zich mee had gebracht. Centraal stond de liefde voor de Welshe taal.

Beeld de Volkskrant

Linguïstiek en politiek gaan hier traditioneel hand in hand. Bij gebrek aan andere verschillen is Welsh wat de Welshmen en de Engelsen van elkaar onderscheidt. Dat besefte Jones eens te meer toen hij enkele jaren geleden huis-aan-huis ging in Porthmadog. De activist kon precies raden waar hij 'Good Afternoon' of 'Prynhawn da' moest zeggen zodra de deur opging ging. 'In de duurdere huizen langs de kust woonden de Engelsen, meer inlands de armere Welsh. Het is een ongezonde situatie en het zorgt voor onvrede. Autochtone jongeren worden uit de markt geprezen.'

Enkele decennia geleden kwam die onvrede tot uiting toen tientallen vakantiehuizen in vlammen op gingen. Voor de Engelsen is het land van schapen en kastelen een vakantiepark geworden. Waar ze in de 19de eeuw massaal naar de valleien van Zuid-Wales trokken om in de mijnen te gaan werken, komen ze nu om te recreëren. Bill Bryson omschreef de eindeloze caravanparken ooit als 'een vakantiehel'. Het wrange voor de Welsh is dat hun economie teert op Engels toerisme en dat de voornaamste attracties de symbolen van onderdrukking zijn, de middeleeuwse burchten.

Union Flag

De meeste Engelsen koesteren warme herinneringen aan vakanties in Wales. 'Ik kom al sinds m'n twaalfde in Llanddeusant, in de Brecon Beacons National Park', vertelt een Londense vriend. 'Mijn halfzus is daar met een schapenboer getrouwd. Die heeft Wales een keer verlaten - voor een Sheepfarming Conference in Londen - en vond het maar niets.' Voor ambitieuze Welshmen is de weg naar Engeland evenwel de beste kans om carrière te maken, van John Everest tot Peter Greenaway, van Tommy Cooper tot Gareth Bale.

Het is symbolisch dat de voornaamste auto- en spoorwegen in het vorstendom naar Engeland leiden. Sinds Hendrik VIII het land inlijfde zit Wales onder de oksel van de buurman. Anders dan de Schotse vlag maakt die van Wales geen deel uit van de Union Flag. Nationalisten zijn nog boos op de Encyclopedia Britannica, waar in de index stond: 'for Wales, see England'. In Land of my Fathers. 2000 Years of Welsh History riep Gwynfor Evans op te strijden tegen 'de ondraaglijke arrogantie van de ambtenaren in Londen die menen te weten wat het beste voor ons is'.

Evans' boek kwam niet uit het niets, want sinds de jaren vijftig begin het nationalisme te bloeien. 'Premier Harold Macmillan verklaarde indertijd dat 'we het nog nooit zo goed hadden'. Dat gold voor de Engelsen maar niet voor de Welsh', zegt historicus Andrew Edwards, auteur van Labour's Crisis: Plaid Cymru, the Conservatives and the Decline of the Labour Party in North-West Wales, 'en in het daaropvolgende decennium speelde de alternatieve cultuur een rol. In Londen uitte zich dat in de swinging sixties; hier in de herontdekking van onze identiteit.'

Gezeten in de art-decokantine van Bangor University, dat uitkijkt over het studentenstadje in Noord-Wales, legt Edwards uit dat Plaid Cymru van oudsher vooral sterk is in het agrarische westen van Wales en sterker moet worden in de oude mijnwerkersgebieden in het zuiden, net zoals de SNP mikt op de voormalige Labour-stemmers in de vervallen havengebieden van Glasgow. Sinds begin jaren tachtig vaart de partij een duidelijke socialistische koers. Het voornaamste verschil met Labour is de heimelijke wens van onafhankelijkheid.

Edwards wijst er echter op dat de Welshe nationalisten het moeilijker zullen hebben, nog afgezien van het gebrek aan natuurlijke hulpbronnen. 'Schotland was tot voor drie eeuwen zelfstandig en behield een eigen rechtssysteem, bankbiljetten en academische vrijheid. We hebben niet eens een nationale krant. Schotland is een eenheid, maar in Wales heerst een noord-zuidtegenstelling. Het zuiden was industrieel, had een masculiene arbeiderscultuur. Dat uit zich in een liefde voor rugby. Hier in het noorden is een dichterscultuur. Pacifistisch, godvrezend en matriarchaal.'

Uitgerekend het koninklijke vestingstadje Caernarfon is een broeinest van nationalisme. In het 13de-eeuwse fort, gebouwd door de Engelse koning Edward I 'to keep the Welsh out', werd de 20-jarige Charles in 1969 gekroond tot kroonprins. Nationalisten waren ervan overtuigd dat dit een reactie was op de verovering van Plaid Cymru, drie jaar eerder, van haar eerste parlementszetel. Anti-Engels sentiment is er nog steeds. Zo zijn vorig jaar 46 keer de ramen gesneuveld van de 732 jaar oude rechtbank die door een Engelsman tot woning is verbouwd.

Volgens George en May is het wat overdreven. Een halve eeuw geleden verruilden ze Manchester voor de omgeving van Caernarfon, aan de voet van de dikwijls besneeuwde heuvel Snowdon. Ze begonnen als varkenshouders, kweekten planten en nu hebben ze een vakantieoord. 'De mensen hier zijn gastvrij', zegt de mannelijke helft, 'in al die tijd ben ik twee keer door een klant met de nek aangekeken omdat ik geen Welsh sprak. Onafhankelijkheid? Dat zou een ramp zijn. Waar moet de economie op rusten?'

Door de jaren hebben ze Caernarfon zien verpieteren. In de tijd van Charles' kroning was het een bruisend vestingstadje. Het verval begon met het wegtrekken van de auto-industrie, de sluiting van de spoorweg naar Bangor en de komst van megasupermarkten die de binnenstad deden doodbloeden. 'Lange tijd stond de gemeente negatief tegenover toerisme, terwijl dat de voornaamste inkomstenbron zou worden. Die houding is veranderd.' De cultuuromslag heeft niet kunnen voorkomen dat de werkloosheid in deze streek rond de 10 procent ligt.

Hoeksteen

Een andere verandering is de toenemende populariteit van de Welshe taal. 'Onze kinderen spreken de taal amper, maar onze kleinkinderen zijn er vloeiend in,' zegt May, 'en ik moest het leren toen ik in het ziekenhuis ging werken. Sommige Engelsen voelen zich er ongemakkelijk bij, denken dat de Welsh achter hun rug om roddelen, wat onzin is.' In het (noord)westen spreekt 80 procent van de mensen deze oude taal. In het zuiden, oosten en noordoosten is Engels de voertaal. Plaid Cymru is het sterkst onder de 600 duizend Welshtaligen.

Kernpunt van Plaid Cymru is van oudsher het stimuleren van de Welshe taal als de hoeksteen van de samenleving. Zo moeten ambtenaren het Welsh beheersen en zijn alle straatbordjes tweetalig. Hoe gevoelig de taalkwestie is, bleek onlangs in Caernarfon waar mensen demonstreerden tegen een woningcorporatie die het Welsh niet meer wilde gebruiken. In Pwllheli merkt Jones dat steeds meer mensen zijn intensieve internetcursussen Welsh volgen, en niet alleen uit Wales. 'In Amerika en Australië stijgt de interesse onder mensen met een Welshe achtergrond.'

Een van Jones' cursisten was Leanne Wood, de huidige leider van Plaid Cymru. Deze 43-jarige reclasseringsambtenaar uit Zuid-Wales moest het congres van haar eigen partij aanvankelijk met behulp van een tolk moest volgen. Door haar als leider te kiezen hoopt de partij populairder te worden in de valleien. Het socialistische bestuur in Cardiff is bepaald geen reclame voor devolutie gebleken. Op gebieden als zorg en onderwijs scoort Wales zwak. Plaid Cymru beschuldigt Labour ervan Wales te gebruiken als een politiek experiment en weinig te geven om het platteland.

In het pastelgroene streekkantoor van Plaid Cymru, nabij de vervallen working-men's conservative club van Caernarfon hoopt de plaatselijke Westminster-afgevaardigde Hywell Williams (61) dat Plaid kan terugkeren als coalitiepartner. 'Toen we in de coalitie zaten, hebben we een luchtverbinding geopend en de autoweg verbeterd tussen het noorden en zuiden. Maar nog altijd duurt het meer dan vier uur om naar Cardiff te rijden en wanneer je met de trein gaat, moet je via Engeland. Alleen al om die reden willen we ons eigen transportbeleid kunnen bepalen.'

Droomscenario

In Westminster is Williams, die in zijn tijd als broeder in de geestelijke gezondheidzorg het eerste handboek in de Welshe taal samenstelde, een van de drie Plaid Cymru-afgevaardigden. Terwijl de SNP bijna alle kiesdistricten in Schotland zal gaan winnen, moet de nationalistische partij (goed voor 11 procent van de stemmen) blij zijn als het na 7 mei haar drie zetels behoudt. Dat de economie een voornaam verkiezingsthema is, komt Plaid slecht uit omdat Wales bepaald niet rijk is. Een gemiddeld Welsh huishouden is 14 procent armer dan een Engels.

Het droomscenario van Plaid is een minderheidsregering van Labour die naast gedoogsteun van de Schotten ook die van de Welshe nationalisten nodig heeft. Binnen Plaid ligt het politieke verlanglijstje al klaar. 'Onze prijs? Meer geld en meer zeggenschap, vooral op fiscaal gebied. Neem dit: er is geen btw op nieuwbouw, maar wel op het renovatie. Dat is gunstig voor het rijkere deel van Engeland, maar voor ons is juist het herstel van oude panden belangrijk.' Plaid wil voortaan meer zijn dan een belangenvereniging voor de eigen taal.

Williams benadrukt dat een onafhankelijk Wales in een Verenigd Europa de droom is, met een economie die drijft op toerisme, een sterk mkb, landbouw en windenergie. In The Guardian schreef de half-Welshe commentator Simon Jenkins dat waar de nationalistische wil sterk is, niets onmogelijk is. 'Het land is klein en de grens met Engeland poreus. Het ligt minder geïsoleerd dan Ierland en Schotland. Maar soortgelijke staten hebben gefloreerd, van het voormalige mijnwerkersland Luxemburg tot Slowakije en Slovenië.' De ijzeren wil lijkt vooralsnog te ontbreken.

Aan nationale trots is er geen gebrek, maar deze is eerder cultureel dan politiek van aard. 'Als een Welshman het woord 'geweer' hoort, grijpt hij naar zijn 'cultuur', zo draaide een historicus de bekende woorden van Hanns Johst eens om. Of naar zijn rugbybal. De draak duikt overal op in het openbare leven, in de pubs, in de etalages en op de mutsen. Het fabeldier blaast ook vuur op de boodschappentas van Norah Owen, die in Cofi-Welsh, het plaatselijke dialect, staat te praten met enkele vrienden.

Wanneer de politiek ter sprake komt, wijst een bejaarde dame naar het standbeeld van David Lloyd George, de premier die de Britten een eeuw geleden door de Eerste Wereldoorlog sleepte. Hij vertegenwoordigde Caernarfon en Owens moeder Megan is zelfs vernoemd naar de dochter van deze liberale charmeur. 'Hij kwam op voor de mensen in deze streek. Voor Londen en Cardiff bestaan we niet. Wat dat betreft zijn we al een beetje onafhankelijk. Mocht er ooit een eigen natie komen, maar dan moet Wrexham de hoofdstad zijn, in het hart van het land.'

De meeste mensen geloven niet dat de bijna-natie snel een volwaardige natie kan of moet worden. Het aantal voorstanders schommelt rond de 10 procent, een percentage dat in het noordwesten oploopt tot 35. In Pwllheli is taalspecialist Jones er evenwel van overtuigd dat kleine landen de toekomst hebben, en niet de grote rijken. Hij voegt er aan toe te beseffen dat Wales er nog niet klaar voor is. 'We hebben geen olie, zoals de Schotten. Wel steenkool en leisteen, maar dat is allemaal al weggehaald. Wat dat betreft zijn we misschien juist veel te laat.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden