Een ode aan de vrijheid

Overal in Nederland zijn van die kunstwerken die je, als je in de buurt bent, steeds weer even moet bekijken....

Marina de Vries

in de beeldentuin van het Krr-M Museum.

Dagjes uit kunnen even heilzaam zijn als een superlange vakantie. Zo bewaar ik prettige herinneringen aan Museumeiland Hombroich in het Duitse Neuss-Holzheim, onder Nijmegen. Voormalig projectontwikkelaar Karl-Heinrich M heeft daar in een oud moeras een onweerstaanbaar arcadisch Gesamtkuntwerk gecred.

Niet alleen lapt M alle kunstcodes aan zijn laars en verzamelt hij wat hem lief is, van gigantische Khmer-beelden tot etsen van Rembrandt. Ook leeft hij zijn onorthodoxe idealen tot op het bot uit door zijn kostbare verzameling te tonen in paviljoens waar weer en wind ongehinderd binnenkomen. M heeft overeenkomstig een motto van Cnne evenveel ontzag voor cultuur als voor natuur en dat biedt behalve een ongekende schoonheidservaring ook een pijnlijke les in vergankelijkheid.

Maar wat ik misschien wel het allermooiste vind: dat tussen droom en daad nu eens geen wetten in de weg staan.

Helaas ligt Insel Hombroich te ver uit de koers om regelmatig langs te gaan, bovendien ligt het niet in Nederland. Maar wij hebben het Nationaal Park De Hoge Veluwe met het Krr-M Museum. Ook daar laaft een mens zich evenzeer aan natuur als aan cultuur, zij het in een mincaravan der extreme combinatie.

Minstens keer per jaar moeten wij, grote-stadsbewoners, naar De Hoge Veluwe. Liefst in het voor-of naseizoen, als de kuddes fietsende toeristen zijn geslonken en de herten zich weer durven te vertonen. Dan stappen wij blij als een kind op de witte fiets, zuigen de geur van dennen diep in de longen, trappen met een glimlach door het landschap dat tv-maker Cherry Duijns zo vaak gebruikte voor Herenleed, om na een omweg te belanden in het Krr-M Museum.

Daar hebben wij het vooral gemunt op het Beeldenpark dat, het moet gezegd, sinds de uitbreiding met het Beeldenbos nooit meer helemaal vertrouwd is geworden en ook niet snel zal wennen. De gigantische terreinuitbreiding houdt namelijk geenszins gelijke tred met de komst van nieuwe beelden. Sterker nog: het schiet niet op met de aankopen. Momenteel dreigt de prachtige collectie te blijven steken in de jaren tachtig en zijn aansluiting met het heden te verliezen. Dat kan toch niet de bedoeling zijn. Want het is leuk om oude kameraden te begroeten, maar even belangrijk om nieuwe vrienden te maken.

Een van de schaarse nieuwe buitenwerken, Mobile Home van Joep van Lieshout (1995), is zo'n vriend die ik elk jaar opzoek. De opgeblazen caravan met zijn puistvormige aanhangsel, van buiten vies en geel, van binnen wit en sensueel, is namelijk niet alleen een ode aan de vrijheid van het individu dat kan gaan en staan waar hij wil, altijd in bezit van zijn eigen liefdesnest. Hij staat ook symbool voor de vrijheid van een kunstenaar die zijn eigen weg gaat, doet wat hij leuk vindt, wars van trends, hokjes en maatschappelijke conventies.

Zoals een ander zich vergaapt aan de glamourstatus van een popster, zo zijn M, Van Lieshout en hun werk mijn helden: onorthodox, idealistisch, vrij.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden