Een ode aan de praatpaal

Dit weekeinde gaat de stekker uit de 3.300 praatpalen langs de weg. Wim Philips was vanaf 1962 een van de Wegenwachters die op elke noodkreet afkwamen.

De eerste praatpaal van Nederland stond in 1960 op Rijksweg 13 tussen Den Haag en Delft. Beeld ANWB

Wim Philips (76) hielp bij bevallingen op de vluchtstrook, schoof verkeersslachtoffers de brancard op en trok op hol geslagen koeien met zijn BSA met zijspan terug het weiland in. Maar vraag hem naar het meest bijzondere dat hij in zijn bijna 40-jarige diensttijd bij de Wegenwacht heeft meegemaakt en hij begint er meteen over: het hondje.

Het gebeurde in januari 1988, net voorbij Dordrecht, op de A16 naar Breda. In de buurt van het Postiljon-motel stond een Honda stil. Philips wist waar hij wezen moest, meneer en mevrouw hadden zich via de praatpaal gemeld. Een routineklusje, zag hij al snel. De koppakking was kapot, de auto moest worden gesleept. Toen de sleepkabel eenmaal op zijn plek zat, stapte de vrouw op de passagiersstoel uit: 'U weet toch wel dat het een automaat is?'

Die opmerking stak hem. Natuurlijk wist Philips dat. In de 26 jaar dat hij bij de Wegenwacht werkte, had hij bij alle types en modellen weleens onder de motorkap gekeken. Hij hielp Joop Doderer, toen die in zijn BMW 700 strandde op weg naar tv-opnames in Amsterdam. Het duurde wat langer dan gedacht, vandaar dat Swiebertje maar op de vluchtstrook aan het repeteren sloeg. Samen met Bromsnor, die in zijn Morris Minor achter hem aan was getuft.

Beeld Esther Hessing
Wim Philips op zijn BSA met zijspan, in de jaren zestig. Beeld Privé-archief

Poedel

Bovendien had Philips de hele sleepprocedure met de man in de Honda doorgenomen. Dus daar gingen ze, de vluchtstrook over, met de knipperlichten aan. De teller gaf algauw een kilometer of 50 per uur aan, toen er een auto naast hem kwam rijden. Kijk eens achter je, gebaarde de man. Philips zag in zijn ooghoek aan de zijkant van de Honda iets wapperen dat op een doek of een stuk kleding leek. Maar toen de automobilist maar bleef wijzen, stopte hij toch maar even.

Aan de zijkant van de Honda bleek geen stuk stof te bungelen. Op het moment dat de mevrouw erop had gewezen met wat voor auto Philips te maken had, was de poedel van het echtpaar vanaf de achterbank naar buiten geglipt. En toen Philips het spul op gang had getrokken, zat de riem nog steeds tussen deur. Nog een wonder dat de dierenambulance het beestje heeft kunnen oplappen, besefte Philips zich, want het hondje was er na honderden meters rennen en rollen slecht aan toe.

Beeld Esther Hessing

Laadpaal

De praatpalen worden op zaterdag 1 juli uitgeschakeld, al duurt het twee maanden voordat alle 3.300 exemplaren zijn verwijderd. De meeste worden 'geupcycled', aldus Rijkswaterstaat, dat de palen beheert. De palen krijgen bijvoorbeeld een tweede leven als laadpaal of informatiezuil.

Hij wil er maar mee zeggen: zijn werk besloeg veel meer dan het opvolgen van pechgevallen alleen. Een beetje pijn doet het afscheid van de praatpalen daarom wel, ook al weet hij dat tegenwoordig iedereen een mobieltje heeft en je via de ANWB-app precies kunt laten weten waar op het Nederlandse wegennet je stilstaat.

Dit weekeinde krijgen de eerste van 3.300 praatpalen een plastic zak over hun konijnenoren getrokken. De rest volgt zo snel mogelijk, waarmee na de telefooncel en de brievenbus (aantal gehalveerd) weer een Nederlands icoon uit het straatbeeld verdwijnt. De praatpalen zijn te duur geworden: aan netwerk, onderhoud en batterijen is Rijkswaterstaat jaarlijks een miljoen euro kwijt, terwijl er nog maar 30 duizend meldingen per jaar via de palen binnenkomen. Elke melding kost daarmee 33,33 euro. In 1990 maakten 150 duizend personen er nog gebruik van.

Lees verder onder de video.

Beeld Esther Hessing

Dieven

Ook dieven hadden de praatpaal weleens op de korrel. Zo meldde Het Vrije Volk op 4 april 1967 onder de kop 'Praatpaal zwijgen opgelegd' dat een van de praatpalen langs de Rijksweg Apeldoorn en Amersfoort, was beroofd van zijn zend- en ontvangapparatuur. De schade: 'ongeveer 3.000 gulden.'

Elke twee kilometer

Bij de ANWB staan ze daarom vierkant achter het besluit. Bijna elke Nederlander heeft tegenwoordig zijn eigen praatpaal op zak, zeggen ze bij de bond. En de mensen kunnen nog zo hard roepen dat ze het zonde vinden, vaak hebben ze niet eens door dat er praatpalen langs de snelweg staan. Elke twee kilometer zelfs, zodat de weggebruiker met panne hooguit een kilometer hoeft te stiefelen om zijn redder in nood te spreken. Een ongekende luxe, maar niet meer van deze tijd.

De praatpaal heeft zijn nut bewezen, sinds er in 1970 een landelijk netwerk lag. Maar zonder slag of stoot kwam hij er niet. Na de proef met de eerste tien praatpalen op Rijksweg 13 in 1960, al dan niet betaald door de ANWB, steggelden de partijen tien jaar lang over de vraag wie voor het praatpalennetwerk moest opdraaien.

Beeld Esther Hessing

De PTT, dat de telefoonlijnen in beheer had? Het Rijk, omdat de palen - officieel telefoonzuilen - langs de snelwegen moesten komen? Of de ANWB zelf? 'Het wachten is nu op de praatpalen, niet op de praters', luidde de wrange conclusie van adjunct-directeur Verkeer en Recreatie ir. C.A. Kuysten van de ANWB, in een radio-uitzending van de KRO in 1964.

Wim Philips heeft al dat dralen nooit begrepen. Hij solliciteerde in 1962 bij de Wegenwacht, nadat hij als brildrager was afgekeurd om op stoomschepen te werken. De eerste praatpalen herinnert hij zich nog goed. Ze stonden tussen Den Haag en Delft en het waren er tien, vijf aan weerszijden van de weg. Rechthoekige kastjes, zodat de vogels zich er niet in konden nestelen, en naar Duits ontwerp. En precies 1,65 meter hoog, de gemiddelde lengte van de Nederlander in die tijd.

Beeld Esther Hessing

Lege accu

Om verbinding te maken met de meldcentrale, hoefde je alleen het klepje op te tillen. Omgekeerd gebruikte de ANWB de palen om te luisteren waar het verkeer langs raasde en waar het stilstond. En wie het waagde zijn blaas te legen tegen een praatpaal, kreeg in zijn oor getoeterd dat hij zich maar beter uit de voeten kon maken.

Ruim 16 duizend mensen meldden zich in 1960 via de praatpalen bij Wegenwachtstation Pauwmolen, bij Delft. De meesten met pech - de lege accu voert de hitlijst van praatpaalmeldingen tot de dag van vandaag aan. Al kon je als Wegenwachter in de beginjaren overal op af worden gestuurd. Overstekend vee bijvoorbeeld, of een neergestorte straaljager. Soms had iemand zijn vrouw op de vluchtstrook achtergelaten. Nee, Philips weet niet of dat ook bewust gebeurde.

Lees verder onder de video.

Bij u thuis?

Een klein deel van de praatpalen wordt voor 299 euro te koop aangeboden aan particulieren, via de dienst Domeinen van het ministerie van Financiën en de website van Ecoleon. Een paar praatpalen komt terecht in musea die aandacht besteden aan verkeer of communicatie.

Beeld Esther Hessing

Hij had soms geen idee wat hij aantrof als hij kwam aangesneld in zijn BSA 600cc met zijspan, met plek voor gereedschap en mobilofoon. Altijd was hij als eerste ter plaatse, want de veldwachter reed in de jaren zestig nog op een fiets en de huisarts was ook al niet zo vlot. Philips heeft mensen op de vluchtstrook zien sterven en geboren zien worden. Daarom moest elke Wegenwachter een ehbo-cursus volgen.

Het doet hem goed te weten dat hij levens heeft kunnen redden, zij het lang niet allemaal. Rijksweg 13 gold niet voor niets als de dodenweg. Kwamen ze de bult overgesjeesd, stond het beneden stil. Had je zo honderd auto's op elkaar geprakt. Dan begon hij maar met het oplappen van de ergste gewonden.

Beeld Esther Hessing

Koningin Juliana

Koningin Juliana eigende zich de term 'praatpaal' met liefde toe in de gesprekken die ze voerde met premier Den Uyl over haar man en de Lockheedaffaire. Den Uyl vond een oplossing. Juliana dankte hem daarvoor, op zijn sterfbed in 1987. De laatste woorden in haar brief: Uw oude 'praatpaal' Juliana.

Bedankbriefje

Hij heeft ze allemaal bewaard, de bedankbriefjes van de mensen die hij weer op gang hielp. Ook het echtpaar van de wapperende poedel schreef hem liefdevolle woorden: dat ze zo 'verheugd' waren met 'smans begaan-zijn met het lot van onze hond'. 'En dan te denken', aldus de brief, 'aan de verfoeilijke houding van sommige automobilisten die bij Wegenwacht-hulp deze belonen met ondank en agressie!'

Zijn collega's hebben Philips het voorval met het hondje nog jarenlang ingewreven. Ook op zijn afscheidsreceptie op 11 september 2011 kwam nog een keer de leus voorbij die binnen de ANWB een eigen leven was gaan leiden: dat je, als je van je poedeltje een teckel wilt maken, maar met Wim moest bellen.

Beeld Esther Hessing

Lees ook

Met de praatpaal verliezen snelwegen hun nooduitgang
Omdat de praatpaal vanaf juli helemaal verdwijnt van de Nederlandse snelwegen, wilde ik hem uitwuiven met zijn ontwerper Chrétien Gerrits, tevens mijn voormalige benedenbuurman. Lees hier de hele verslaggeverscolumn.

Wat gaan ultieme pechvogels doen als de praatpaal verdwijnt?
De rol van praatpalen is veranderd. Vroeger was het dé manier om hulp in te roepen, tegenwoordig is het een laatste hulplijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden