Een obsessie voor kwijnende maagd

Countdown. Choreografie en dans: Désirée Delauney. Dramaturgie: Robert Steijn. 22 januari. Brakke Grond Amsterdam. tournee. Danseres Désirée Delauney zit op een oranje stoel....

ISABELLA LANZ

Toch staat in Countdowm minder het hart centraal alswel het lichaam dat op dat hart reageert, in alle toonaarden wel te verstaan. Delauneys fragiele, tevens ijzersterke lijf lijkt bij vlagen haast een op scherp staande tijdbom. Grommend hunkert ze naar lichamelijke lust. Blijkens haar mimiek heeft ze liefst dat het mannelijk lid de proportie van een amsterdammertje aanneemt. Maar kwetsbaar als een kind - bang voor de ander, bang voor de dood -speelt ze het volgende moment de rol van poëtische bruid.

Delauney houdt van extremen: van heftig en zacht, van driftig en teder. Daaraan geeft zij uitdrukking in een uiterst persoonlijke stijl die letterlijk op haar lijf wordt geschreven, daar bijna door wordt gedicteerd.

Verschillende scènes in Countdown refereren aan beelden die ze eerder gebruikte, in haar werk met Boris Gerrets of, zoals ook nu, met Robert Steijn. De koorddanseres stamt uit de tijd dat ze met Cloud Chamber in de grote foyer van het Amsterdamse Muziektheater optrad, en daadwerkelijk boven de hoofden van het publiek balanceerde.

En de bruid komt uit haar Did you see it, did you hear it van tien jaar geleden. Daarmee is Countdown een bescheiden bloemlezing uit eigen werk waarmee deze unieke danskunstenarses al ruim vijftien jaar in Nederland te zien is, en waarmee ze altijd boeit.

Honderd procent bevredigend is Countdown niet. Haar vorige solo's Alcool (1993) en Zero (1997) waren net iets bondiger en kenden meer relativering. De laatste tien minuten van de solo voegen niets meer toe aan het voorafgaande, waardoor haar brekelijke bewegingen zelfs gaan irriteren. Haar naakt dansen werkt bovendien in deze solo niet, ondanks de guitige blik in haar ogen. Er wordt gezegd dat je een penis niet kan choreograferen, en dat geldt evenzeer voor schaamlippen.

In Countdown dringt net iets te eenzijdig het beeld op van een aan de pre-rafaëllieten ontleende thematiek, met een heimelijk seksueel getinte obsessie voor kwijnende maagden, met de witte lelies al aan het voeteneinde van het bed.

Bij een enkele scène ruik je bijna de weke doodsgeur. Toch is het de kracht van haar doorleefde performance die maakt dat je die symboliek net niet als klef ervaart. Delauney weet dan ook elke neiging tot hysterie, narcisme of pathetiek te pareren.

Isabella Lanz

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden