Een nieuwe gouden eeuw lijkt aangebroken voor de Nederlandse pop, en dat is niet dankzij de platenlabels

Waarom scoorde Bettie Serveert goed in de VS en blijft het geluid van Kensington, hier toch mateloos populair, beperkt tot binnenlands gebruik? Nou, dat geluid dus. Lees Dutch in the USA.

My Baby met Daniel Johnston, Cato van Dijck en Joost van Dijck. Beeld Daniel Cohen

Je zag het gewoon gebeuren, op woensdag 13 januari 2015 in het Groningse podium Huize Maas. Het Nederlandse trio My Baby kwam op, speelde de tent al met het eerste nummer plat en links en rechts in de zaal leken de internationale boekers en programmeurs, herkenbaar aan de badges en speciale festivalbandjes, al flink zenuwachtig te worden. De 'buzz' rond My baby ontstond die dag, live voor je ogen. En iedereen in Huize Maas dacht: ja, dit bandje gaat het maken. Daar hoefde je geen popziener voor te zijn.

My Baby maakte het ook. De band werd na dat optreden op festival Eurosonic een veelgevraagde festival-act en speelde in 2015 én 2017 op het Britse Glastonbury, welbeschouwd het belangrijkste popfestival ter wereld. En vorig jaar ook nog op het legendarische Isle of Wight. En zeer vele andere festivalweiden.

Wat maakt een Nederlands bandje nu tot een buitenlands succes? Waarom kan My Baby de vraag van over de grens nauwelijks aan, en lijkt een in Nederland krankzinnig populaire band als Kensington veroordeeld tot binnenlands gebruik?

Interessante materie, waarover je een boek kunt volschrijven. En laat de Nederlandse schrijver en journalist Godfried Nevels dat nu hebben gedaan. Eind vorig jaar verscheen Dutch in the USA, een uitvoerige en goed gedocumenteerde geschiedenis van het Nederlandse popsucces in het buitenland en vooral: in het beloofde land Amerika. Een verhelderend boek, al was het maar omdat Nevels ook laat zien hoe het vaak net niet lukte met al die Nederlandse bandjes die hoopvol westwaarts trokken.

Zeker: Shocking Blue had een dikke hit met Venus - dat popfeitje wordt in Nederland tot vervelens toe aangehaald. De Golden Earring (Radar Love) en Focus (Hocus Pocus) speelden echt wel wat klaar in de VS en het is goed om nog eens te lezen hoe de succesverhalen zich precies ontrolden. Maar minstens zo lezenswaardig en leerzaam zijn de herinneringen aan bijvoorbeeld een desastreuse Amerikaanse tournee van Herman Brood, die je zou kunnen samenvatten in één zin: Herman was een beetje dronken.

Herman Brood in New York

Brood dacht in 1979 dat spelen in de New Yorkse nachtclub The Bottom Line net zoiets was als een showtje geven in de Amsterdamse Paradiso. Dus klapte hij voor zijn optreden een tiental margarita's achterover. Het publiek in The Bottom Line, onder wie vele muziekbobo's, vond het daarna helemaal niet stoer dat Brood steeds zijn tekst vergat en het publiek vroeg die teksten even voor te zingen. Dat kon het publiek namelijk niet, want Brood was nog niet bekend in New York. Einde Amerikaanse carrière van de 'Mick Jagger van de Lage Landen'.

Ontluisterend is ook de geschiedenis van de punkrockband New Adventures, die met bewerkingen van Chuck Berry-liedjes als Come On ook al in de voetsporen van The Rolling Stones liepen. De band kreeg zeer lovende besprekingen in Amerikaanse popbladen. En iedereen in Nederland dacht dat het een kwestie van maanden was voor de New Adventures de overtocht zouden maken.

Pogingen een tournee te doen door Canada met de Amerikaanse rockband REO Speedwagon strandden, omdat de band werd vermorzeld tussen geld en grote belangen. In de jaren tachtig moest je in de VS en Canada betalen om te mogen optreden: een tournee zou de band minstens een ton kosten - de verwachting was dat de band die investering kon terugverdienen met plaatverkopen aan een nieuw miljoenenpubliek. Maar de platenmaatschappij van de Nederlanders durfde het niet aan.

Koen van de Wardt, frontman van Klangstof. Beeld Daniel Cohen

De overzeese carrière van New Adventures smoorde dus in de kiem, en eigenlijk vond de band dat zelf ook niet zo verwonderlijk. Zanger en gitarist Peter Bootsman, in Dutch in the USA: 'Iedereen van hier die het daar geprobeerd heeft, is op zijn bek gevallen. Begrijpelijk, want in elke kroeg speelt een uitstekende band, op iedere hoek van de straat staat een fantastische gitarist. Waarom zou men dan op ons zitten wachten?'

Daar raakt Bootsman de kern van de zaak. Waarom zit Amerika en het Verenigd Koninkrijk niet op Kensington te wachten? Omdat er heel veel Amerikaanse en Britse bandjes zijn die net zulke lekker galmende stadionrock maken als Kensington uit Utrecht. En jawel: ook als Chef' Special, hoe graag die band ook wil doorbreken in de Verenigde Staten, en hoezeer het die band is gegund.

Kijk je nu naar de lijst Nederlandse popacts die worden gevolgd in de buitenlandse popblogs en die ook echt geregeld optreden op niet eens al te kleine poppodia en festivals, dan zie je toch vooral bands die iets doen wat ze 'daar' nu net niet doen.

My Baby dus, een band die een zeer aanstekelijke mix van psychedelische rock en voodoodance maakt. En ook Klangstof, van de Amsterdamse toetsenist en liedschrijver Koen van de Wardt, die tekende bij de Amerikaanse tak van platenmaatschappij Warner en met zijn fijne en soms zeer opzwepende elektronische indieliedjes vorig jaar optrad op het grote Amerikaanse popfestival Coachella.

Net als eerder al de hiphopact Yellow Claw, die met hun keiharde gabberhouse gemengd met 'trap' en hiphop ook echt iets unieks uit de grond hebben gestampt.

Ga je verder terug in de historie, dan zie je ook daar de bandjes stralen die iets doen dat vrijwel niemand anders doet. De gothicmetal van Within Temptation werd wereldwijd een fenomeen. De band is nog altijd een van de meest internationale acts uit Nederland, gevolgd door genregenoten Epica.

Generatie dancehelden

In de vroege jaren negentig werd Bettie Serveert in de Verenigde Staten een geliefde popband en bijna nog groter dan in het thuisland. Bettie Serveert had ook iets volslagen unieks en eigenwijs': een rare en onuitspreekbare bandnaam natuurlijk, maar ook een eigenzinnig en knisperend geluid, dat precies goed viel in het zojuist ontloken en toch ook wat logge grungetijdperk. Bettie Serveert volbracht zevenentwintig Amerikaanse tournees en verkocht in de VS een kwart miljoen exemplaren van de plaat Palomine uit 1992.

Een succes dat alleen wordt geëvenaard door de generatie dancehelden die vanaf de jaren nul over de continenten trok, van Armin van Buuren tot Afrojack, Junkie XL en Hardwell. En natuurlijk Martin Garrix, nu de populairste Nederlandse (pop)musicus en misschien wel de grootste Nederlandse popster aller tijden. Ook in de dance geldt dat Nederland voorloper was in plaats van volger en daardoor als land echt iets te vertellen kreeg.

Het beste van ESNS

Wat een stel. Negen jongens en meisjes die elkaar op sociale media vonden en Superorganism begonnen. Ze komen van overal: Australië, Nieuw-Zeeland en in het geval van zangeres Orono uit de Verenigde Staten. Maar ze opereren vanuit Londen, waar ze een aangenaam, alle richtingen opspringend album hebben opgenomen dat in maart verschijnt. Een beetje hypen is die Britten wel toevertrouwd, maar we worden dan ook echt vrolijk van die mengeling van bubbelgum-pop, elektronica, rap en andere luchtig gepresenteerde popstijlen. Je moet altijd maar afwachten of zo'n grote band live uit de verf komt, maar de single Something For Your M.I.N.D maakt nieuwsgierig.

19/1, Machinefabriek

Dat is natuurlijk ook te danken aan de nieuwe muziekindustrie, die kleine en eigenwijze bands veel meer kansen biedt omdat ze hun eigen muziek kunnen verspreiden op sociale netwerken en grenzeloze streamingplatforms. De grote platenmaatschappijen zijn minder belangrijk geworden bij het 'pushen' van Nederlandse act. Ook omdat die maatschappijen van oudsher waren geneigd juist hun grootste Nederlandse acts - en dat zijn nu eenmaal niet altijd de meest originele - internationaal aan de man te brengen. Het bleken vaak kansloze missies.

Zo lijkt er een gouden eeuw aangebroken voor de Nederlandse pop. Within Temptation speelde vier jaar geleden in een uitverkocht Wembley in Londen. Martin Garrix was vorig jaar een van de headliners op festival Coachella in Indio, Californië en stond op het affiche nét onder Beyoncé. Het begint al bijna te wennen.

Godfried Nevels: Dutch in the USA - Nederlandse muzikanten in Amerika. Uitgeverij Aspekt. €19,95 euro.


Nederlandse dance is meer dan 'Dutch dj's' die oneindig festivalland doorgaan

De Volkskrant voorspelt de veertien culturele hoogtepunten van het komende kwartaal. Niks lekker warm binnenblijven, eropuit!

Telkens is er dat verlangen naar Dat Hogere Zijn, zoals ze dat zelf noemt
Vanaf haar 9de jaar staat Cato van Dijck op het podium. Als frontvrouw van My Baby stond ze deze zomer voor duizenden in Glastonbury. Alsof er een sjamanische priester in haar was gevaren. (+)

Trentemøller, Mø en Agnes Obel maak plaats: dit zijn de nieuwe Deense rijzende sterren
2018 begint pas echt met Eurosonic Noorderslag. Morgen dus. Met dit jaar Deense pop in de hoofdrol. Want de Deense pop staat in bloei. Hoe komt dat? Robert van Gijssel vraagt het na bij drie rijzende sterren in Kopenhagen. (+)

Boek over programmeur Willem Venema schetst een promoter die niet schrikt van beetje opwinding en lastige artiesten
Hij voelde precies welke onaangepastheid het goed deed bij het rockpubliek. Een boek schetst de grote rol van programmeur Willem Venema in de Nederlandse rockhistorie. (+)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden