Een moderne manager blaft niet, maar communiceert

Veertig jaar vakliteratuur over leiderschap laat zich met enige moeite in vier woorden samenvatten: Decentralisatie van de macht. Managers die denken dat hun werk bestaat uit commanderen, coördineren en controleren, hebben een belangrijke afslag gemist....

De decentralisatie van de macht is sinds de jaren zestig door veel ondernemers en adviseurs beschreven. Ten eerste zijn steeds meer bedrijven tot het inzicht gekomen dat centrale planning en controle slechts leiden tot schijnzekerheid. Ten tweede verlangen beter opgeleide werknemers meer bewegingsvrijheid. Ten derde is het werk complexer geworden. Door bevoegdheden en verantwoordelijkheden te delegeren hopen bedrijven sneller in te spelen op nieuwe ontwikkelingen.

Pionierswerk is verricht door ondernemer Alfred Sloan. Lees 'My Years with General Motors' (1963). Baanbrekend is oer'goeroe Peter Drucker met 'Management: Tasks, Responsibilities, Practices' (1973). Belangrijke wegbereiders zijn de ex-McKinsey-adviseurs Tom Peters en Robert Waterman, met 'Excellente ondernemingen' (1982), gevolgd door bedrijfspsycholoog Warren Bennis met 'Lessen in leiderschap' (1989).

Het zijn slechts vier voorbeelden uit een kast vol goede boeken. Helaas willen veel managers geen goede boeken. Ze verlangen nieuwe boeken. Ze maskeren graag hun onzekerheid met stoere verhalen over de laatste trends. De samenvatting van de literatuur over leiderschap moet met drie woorden worden aangevuld: babbel, babbel, babbel. De ene auteur kakelt de ander na. Zonder diepgang, zonder onderzoek, zonder eigen ideeën.

De nieuwste bijdrage aan de prietpraat komt van bedrijfsadviseur Max Landsberg. Zijn boek 'De tools van leiderschap' ligt momenteel in hoge stapels in de boekwinkel. Lekker liggen laten. De ex-McKinsey-partner is na een aardige bestseller over coachen en een matig boek over motivatie de weg kwijtgeraakt. Zijn nieuwe boek is een bundel lukraak bij elkaar geraapte gedachten van anderen.

'De essentie van leiderschap = visie x inspiratie x momentum', schrijft Landsberg. Alleen over dat momentum lijkt hij echt te hebben nagedacht, al blijft hij ook over dat onderdeel van zijn toverformule oppervlakkig. 'Leiders', stelt de adviseur, 'mikken op snel te realiseren vroege successen, consolideren de vooruitgang, verwerken die in een nieuwe modus operandi, lanceren initiatieven die de belangrijkste missie bekrachtigen, sporen terugval op en doen daar het nodige aan'.

Mooi, denkt de manager die na vijf jaar is vastgelopen in zijn onderneming. Landsberg heeft vast helemaal gelijk. Maar de volgende keer graag meer argumenten, feiten, voorbeelden en adviezen. Een lekker dik boek, gebaseerd op stevig onderzoek. En niet weer een flutboekje met fictieve voorbeelden.

Een ander nieuw boek komt van GITP-adviseur Marcel Wanrooy. Zijn 'Leidinggeven tussen professionals' is tienmaal beter dan dat van Landsberg. Wanrooy doet in ieder geval een geslaagde poging de moderne inzichten over management zorgvuldig in kaart te brengen. Met name de hoofdstukken over de stijl van leidinggeven en het koesteren van talent zijn het lezen waard.

Wat Wanrooy echter toevoegt aan andermans wijsheid is nogal mager. Hij ordent negen zogenoemde sturingsgebieden voor managers . 'Goud' zijn volgens hem de aandacht voor de competenties en motivatie van de professional, de normen en waarden en de faciliteiten. 'Zilver' zijn de producten en diensten en de onderlinge afstemming. 'Brons' zijn de standaardisatie van het werk, de markt- en klantvraag en de financiële resultaten.

Onder het kopje 'overige' valt de bemoeienis met de inhoud van het werk. 'Veel managers vinden dit verbazingwekkend', constateert Wanrooy. 'Zij besteden juist veel tijd aan het inhoudelijk superviseren van projecten. Maar in het algemeen geldt dat professionals goed in staat zijn de inhoudelijke bewerking zelf uit te voeren. Te veel sturing op de inhoud kan zelfs averechts werken. Beperking van autonomie leidt immers snel tot demotivatie.'

Wie zich hierover verbaast, moet het boek lezen. Wanrooy is zelf terecht bescheiden over zijn werk. 'Zoals Homerus ooit de vertolker was van een doorleefde geschiedenis, in plaats van de schepper van een verhaal, zo beschouw ik dit boek als een uiting van de ervaringswijsheid van velen, voorzien van theoretische verbanden en persoonlijke reflecties', aldus de adviseur.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden