Een missie die effect sorteert in Den Haag

Zouden realistische stemmen helpen tegen kordate sentimenten?

Nausicaa Marbe

In Kunduz hebben ze een gezegde, vernam ik uit de verslaggeving over die streek: ‘Met de lente komen ook de Taliban terug’. Zo gaat dat kennelijk: na een winterslaap in de comfortabele madrassa’s stijgt met het kwik ook de vechtlust bij de moordenaars onder hun witte vlag. Ontmoedigend is vooral de berusting die hierin resoneert: zoals de zon opgaat, duikt ook de Talibanterreur weer op. Voorspelbaar, maar niet weg te krijgen. Bedreigend, maar controleerbaar routineus. Alsof het om een getijde gaat.

De Taliban zijn een historische geweldsconstante in Afghanistan geworden, verankerd in de locale mores en structuren. De bevolking vreest hun geweld, maar rebelleert ook niet tegen het strenge geloof dat ze gewelddadig uitdragen. De bevolking is evengoed geneigd voor de Taliban te kiezen als voor de buitenlandse troepen, afhankelijk van wie meer overlevingskansen biedt. Morele bezwaren zijn een luxe die de meeste Afghanen zich niet kunnen permitteren. Op deze onzekere bodem is het knap lastig toekomstscenario’s te fabriceren waarin geen islamistisch terrorisme speelt.

Trainingsmissie
De politieke discussie over de trainingsmissie in Afghanistan rakelt veel op. Maar onze nietige kansen om doorslaggevend verschil uit te maken in het gevecht tegen de Taliban, maken geen indruk. Wat is beter: mannen alfabetiseren en ze daarna onder te brengen in de corrupte, paramilitaire Afghaanse politie, of diezelfde mannen van fors oorlogstuig voorzien opdat ze de Taliban tijdelijk zélf kunnen terugdringen? Dit is uiteraard een versimpeling van de trieste situatie, maar ook een illustratie van de beperkte keuzemogelijkheden. NAVO-geneuzel met (‘civiele’) trainingen zet geen zoden aan de dijk in de burgeroorlog die daar woedt. Oorlogsmaterieel doorsluizen naar een favoriete partij - eertijds de mujahedin onder de Russische bezetting - betaalt zich ook niet uit in vrede en veiligheid. Blijven geloven in de twijfelachtige kracht van kleine stappen in een intens corrupt land vol tribaal geweld is wellicht nobel, maar weinig realistisch.

Conclusie: Niet Doen. Twee wijze woorden, uitgesproken door H.J.A. Hofland deze week in zijn column in NRC Handelsblad na een realistische, historisch geschraagde analyse van de mislukking Afghanistan in vergelijking met de oorlog in Vietnam. Met evenveel nuchterheid vroeg ook Theodor Holman zich begin deze week in Het Parool af of Nederlanders en Afghanen over politietaken, overtredingen en delicten een vergelijkbare voorstelling van zaken delen. Is de culturele kloof niet te groot opdat de Nederlandse regering kan pretenderen dat onze invoelende klabak zich raad weet met schorriemorrie in Kunduz? Hier is geen sprake van defaitisme of kleinerende scepsis, maar van terechte waarschuwingen.

Terwijl ik dit schrijf, en ook na de deadline voor deze column, zijn ze in Den Haag nog aan het debatteren. Maar hoe langer gepraat wordt, hoe verder de voorstanders van de missie van enigerlei nuchterheid in deze zaak verwijderd raken. Terecht bestempelt de PvdA de haastige aanpassing van de missieplannen met vermeende garanties voor een civiel karakter als ‘gerommel’. Zo’n garantie kan het kabinet niet geven. Terecht vraagt de PVV zich af hoe de getrainde agenten in de toekomst gecontroleerd zullen worden, opdat ze niet overlopen of als kanonnenvoer ingezet worden.

Passie
Zouden zulke realistische stemmen helpen tegen de o zo kordate sentimenten? GroenLinks rept van ‘een passie voor Afghanistan’. Passie! Klinkt urgenter dan betrokkenheid, maar wat betekent het? Regeringspartijen CDA en VVD profileren zich vooral tegen het pacifistische sentiment en varen op ingesleten Atlantische reflexen. Zouden ze werkelijk de illusie koesteren dat de politiemissie de wederopbouw steunt en, zoals beloofd, corrupte ambtenaren aanpakt? Vooralsnog lijkt de hunkering naar een plek bij de G20-tafel de vader van de missie.

Wat de uitkomst ook is, het debat geeft een welkom inkijkje in de Haagse verhoudingen. Sap profileert zich rap en sterk. Onlangs schreef ze open te staan voor samenwerking met het kabinet als het gaat om doelen die ze koestert. Geen ‘linkse vuist’ uit de Brakke Grond van node.

Tegelijk laat dit als ‘meest rechtse’ beschimpte kabinet zien te kunnen luisteren en inbinden. Zakelijk. Dat bracht Pechtold zelfs tot een kwinkelerende lofzang op minister Rosenthal. Veel veren werden ingebracht. Aan de Afghaanse ellende verandert dit niets, maar onze nationale polarisatie lijkt geknakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden