Een man van vlees en bloed

Bally Berrenstein leidde een dubbellelven, zowel maatschappelijk als privé. Hij kwam vanuit Suriname naar Nederland om landgenoten te helpen. Hij werd diplomaat, vervalste paspoorten en moest daar uiteindelijk voor boeten....

Bally Berrenstein, op 31 december op 60-jarige leeftijd in Rotterdam overleden, was een Surinaams nationalist die in Nederland was komen studeren, als onderwijzer voor de klas stond en welzijnswerk onder Surinamers verrichtte. Hij klom op tot diplomaat. In 1991 werd hij, werkzaam als viceconsul in Amsterdam, door de Nederlandse regering als persona non grata het land uitgezet. Hij bleek hoofd van de Surinaamse inlichtingendienst in Nederland te zijn en had in Brazilië een opleiding spionage en contra-spionage gevolgd. Hij was een trouw, maar kritisch aanhanger van de NPD van Desi Bouterse, die hem op zijn beurt hard liet vallen. Hij was, zeggen vrienden, ‘een verwond mens, eerlijk en oprecht, gelouterd door tegenslagen. Een man die iets wilde doen voor zijn land, zijn idealen trouw bleef.’ Hij was een goed spreker, had de microfoon niet nodig en was meester in het vertellen van absurde verhalen. Hij hield van dansen, van een slokje en scherpgesneden kostuums.

Hij was geboren in het kleine, dun bevolkte district Coronie en werd door zijn moeder opgevoed. Eten was er voldoende in dit stukje land van melk en honing, maar er was weinig geld. Via de zending kon hij naar de mulo en de kweekschool. Hij vertrok eind jaren zestig, als marxist, naar Nederland, was actief in Loson, de landelijk organisatie van Surinamers in Nederland, en de stichting Tunasu, ‘Terugkeer naar Suriname’. Er ontstonden conflicten en in 1984 werd hem gevraagd diplomaat voor de jonge republiek te worden. Hij werd persvoorlichter en verdedigde uit volle overtuiging de staatgreep van de Surinaamse officieren onder leiding van Desi Bouterse. Hij betreurde de Decembermoorden van 1982, maar zag geen reden om Bouterse de rug toe te keren. Integendeel, hij was oprichter van de NPD-afdeling Nederland. Bouterse, zei hij, gaf Surinamers een gevoel van eigenwaarde. Bally stak zijn mening ‘nooit onder stoelen of banken’ en voelde zich verplicht als lid van de ‘loyaliteitsgroep’ van de NPD te spioneren voor zijn land. Zijn functie als viceconsul, zei hij zelf, was slechts een dekmantel. Terug in Suriname bleek dat hij in opdracht van de Surinaamse Inlichtingendienst en de NPD op grote schaal paspoorten had vervalst. De paspoorten werden in het buitenland onderschept. De Surinaamse overheid moest wel handelen en hij werd alsnog in Paramaribo tot een jaar gevangenisstraf veroordeeld. Zijn vrienden zeggen dat Bally slachtoffer werd van zijn loyaliteit aan Bouterse en moest boeten voor de daden van zijn superieuren die hij nooit heeft willen verraden.

Hij was volgens vrienden te braaf, te netjes, kreeg het zwaar en president Venetiaan, een politiek tegenstander, zei: ‘Bally, dit kan niet, we gaan er iets aan doen.’ Hij werd hoofdambtenaar op het ministerie van Cultuur. En verdiende wat bij als beheerder van het gastverblijf ‘met een barretje’ voor sporters bij het grote stadion van Paramaribo. Hij spande zich in voor de voetbalclub van zijn geboortestreek Coronie. Hij miste zijn vrouw, ‘de formidabele koningin Norma’ en de kinderen in Nederland, maar was een ‘man van vlees en bloed’ en kreeg een nieuwe vrouw en nieuwe kinderen. ‘Openlijk en niet stiekem als hypocriete Hollanders.’ Hij mocht terug naar Rotterdam, genoot van zijn gezin, maar voelde zich in Nederland niet meer thuis. Hij was, zei hij, ‘op doorreis’ naar zijn eigen land dat hij niet meer heeft kunnen bereiken. Hij leed aan een bloedziekte en stierf onverwacht: op doorreis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden