EEN LOTERIJ MET TE VEEL NIETEN

HET leven is een loterij. Of je gelukkig wordt in je privé-bestaan, of je in de maatschappij een functie vervult waaraan je enige bevrediging ontleent, hangt ongeveer voor tien procent - ik geef toe, het is een ruwe schatting - af van je eigen talenten en inzet....

Voor het overgrote deel is het domweg een kwestie van toeval en van geluk hebben. Wie zijn je ouders, waar zag je het levenslicht - liever in Londen dan in Pristina. Ben je als kind verwaarloosd, klein gehouden, of gestimuleerd? Sleet je je jonge jaren in een zoals dat heet kansarm milieu, waar het veel extra inspanning vereist om je weg te vinden in het labyrint van de moderne samenleving?

En dan zijn er nog veel banalere toevalsfactoren. Komt je uiterlijk een beetje in de buurt bij het klassieke schoonheidsideaal, of zien ze je niet staan? Lukt het je tijdens dat sollicitatiegesprek voor die droombaan, om net op tijd die ene gevatte opmerking te maken, of staar je, als het erop aan komt, verlegen naar de grond?

Misschien zou het veel stress schelen en de gemoedsrust sterk ten goede komen, als we ons bescheiden zouden neerleggen bij dat loterij-karakter van het leven. Helaas is mij zo'n oosterse gelijkmoedigheid niet gegeven.

Waarschijnlijk komt dat, omdat ik jaren geleden in de ban ben geraakt van het vooruitgangsideaal, van het streven naar gelijke kansen. Laat ik dan, sadder and wiser, accepteren dat technologische vooruitgang en een betere kwaliteit van het bestaan weinig met elkaar te maken hebben. Maar dan hadden we, om de gelijkheid van kansen te bevorderen, toch nog het onderwijs?

Je schuifelt als kleuter, als nog bijna onbeschreven blad, de school binnen. Een jaar of dertien, veertien later, sta je weer buiten, met als het goed is een diploma in je hand en heel wat kennis en inzicht in hoe de wereld draait. De school als schakel tussen kind en samenleving, die structuur geeft aan het dagelijks leven, waar je leert omgaan en samenwerken met anderen en eventuele achterstanden haast spelenderwijs worden weggewerkt. Natuurlijk ben je, na die schooltijd, niet 'af' en weet je lang niet alles - hoe zou dat ook kunnen? Maar je geestelijke horizon is verruimd, je bent klaar voor de sprong in het diepe.

Mij, als leek in onderwijsland, lijken dat mooie en - ik durf het nauwelijks hardop te zeggen - ook realistische doelen. Maar tot mijn spijt heb ik de indruk dat de gangbare onderwijspraktijk daaraan lang niet altijd voldoet en zich er zelfs verder van verwijdert. Ook het Nederlands onderwijs gaat steeds meer lijken op een loterij, met belachelijk veel 'nieten'.

Laat ik me, ter illustratie van deze stelling (waarop gelukkig de nodige uitzonderingen bestaan) beperken tot drie voorbeelden die me tekenend lijken: de gevraagde eigen ouderbijdrage in Bokhoven en Bilthoven; het plan van de schoolleiding op het Marnix-college te Ede om leerlingen met zessen te laten zitten, en de discussie over de vierdaagse lesweek op basisscholen.

Ouders om geld vragen om klassen met 36 leerlingen te kunnen verkleinen, lijkt me een begrijpelijke noodgreep. Die klassen moeten kleiner, en meteen. Maar vanuit het principe van gelijkheid van kansen geredeneerd, is het een grof schandaal dat de overheid dat geld niet beschikbaar stelt.

Geldgebrek is ook een van de achtergronden van het streven naar vier lesdagen. Er is te weinig aan gedaan om het vak van onderwijzer aantrekkelijk te maken. Met als gevolg een vicieuze cirkel: te weinig leerkrachten, overbelasting, naar verhouding te lage honorering. Dus willen de onderwijzers in arrenmoede korter werken, wat tot een nog groter tekort aan beschikbare leerkrachten leidt. En zo komt uit de hoge hoed de vierdaagse schoolweek. Grote bonje: ouders (moeders) weten niet hoe ze die extra vrije dag moeten opvangen, onderwijzers staan op hun rechten. De enige waarvan het belang in die discussie geen rol speelt, is het schoolkind. Blijft naast die vrijdag ook de woensdagmiddag vrij? Dan moet het hele programma in drieënhalve dag worden afgewerkt. Lekker relaxed! Het meest absurde onderdeel van de hier aangestipte onheilige drieëenheid is het gelukkig weer ingeslikte plan om middelbare scholieren met voldoendes op hun rapport toch maar te laten zitten. De tombola ten top, afgedekt met goedkope smoesjes over dat zo'n kind het anders later misschien moeilijk krijgt. In werkelijkheid gaat het er uitsluitend om dat de school wil scoren en daarvoor bereid is eigen leerlingen letterlijk omlaag te trappen.

Het lijkt allemaal vooral een centenkwestie. Maar er is méér aan de hand. Want als er in de samenleving consensus zou bestaan over de kostbaarheid van elk pril menselijk individu, over de kwetsbaarheid van kinderen en de noodzaak hen zo goed mogelijk toegerust de maatschappij in te sturen, dan kwam dat geld er wel. Dan zouden onderwijzers en ouders elkaar ook niet steeds bozig vliegen zitten af te vangen.

Scholen met genoeg gemotiveerd personeel, waar het kind centraal staat, dat zou een mooi project zijn om de 21ste eeuw mee te beginnen. Het is hoog tijd om te investeren in de software van de geest.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden