‘EEN LIJF IS SLECHTS EEN ZAK BOTTEN’

Familie speelt een belangrijke rol in het energieke totaaltheater van Peeping Tom. In hun drieluik over lichamelijk verval dansen altijd meerdere generaties mee, onder wie hun 3-jarige dochtertje....

Het is precies dit waarvoor hij altijd bang is geweest. ‘Dat op een dag de telefoon gaat en je broer of zus vertelt dat je moeder ernstig ziek is. Of je vader. En dat je dan door de afstand te laat komt om nog afscheid te kunnen nemen.’ De Franse choreograaf en danser Franck Chartier (40) is net met vriendin en kind gearriveerd in een hotel in Salzburg. Het interview gaat per mobiele telefoon.

Samen met zijn partner, choreograaf en danseres Gabriela Carrizo startte hij in 1999 het Brusselse danstheatercollectief Peeping Tom. Dit jaar completeerden ze hun familietrilogie met Le Sous Sol (in 2002 maakten ze deel 1, Le Jardin, in 2004 deel 2, Le Salon). Dat sluitstuk zorgde voor een exponentiële groei van de aandacht en het succes. Met morgen een voorlopig hoogtepunt: hun eerste optreden tijdens de Salzburger Festspiele tussen de crème de la crème van het Europese theater. En volgende week de primeur van de volledige trilogie in Nederland, tijdens Festival Boulevard in Den Bosch. Eind augustus staan ze bovendien op het Vlaams Theaterfestival, dat de beste voorstellingen van het voorbije seizoen selecteert. Wederom als dansgezelschap tussen theatergroepen.

‘We toeren met onze voorstellingen door heel Europa. Alle drie de delen staan op het repertoire. Familie is daardoor altijd ver weg. Zeker voor Gabriela. Zij komt uit Argentinië.’ En juist uit Argentinië kwam eind juni zo’n onrustbarend telefoontje. Gabriela’s moeder, 67 jaar oud, bleek opeens geen proteïne meer op te nemen. Het was goed te behandelen, zeiden de artsen. Ze vlogen erheen en verzorgden haar. Maar net toen ze weer terug moesten naar Europa, overleed ze, onverwacht, krap een week geleden. Gelukkig, ze waren nog ter plaatse. Maar tijd om goed afscheid te nemen en te rouwen is er niet. Er moet worden gedanst. De afspraak voor het interview in Brussel schiet erbij in. Het wordt een telefonisch gesprek vanuit Oostenrijk.

Chartier heeft zijn vriendin nog niet durven vragen of ze nu opziet tegen het dansen. De trilogie gaat nota bene over ouderdom, verval en dood. Over de neergang van een familie, de verwarring van een lichaam dat niet meer kan, een geest die niet meer weet en de tijd die genadeloos gaten slaat. Ze dansen beiden in alle drie de delen mee.

In Le Jardin blikt een kwetsbare, naakte oude man met een jong koppel (zijn zoon en schoondochter of hijzelf in vroeger tijden, dat mag de toeschouwer naar believen invullen) terug op zijn leven. Hij toont hen zijn geheime nachtmerrie (op filmdoek). In Le Salon speelt diezelfde oude heer (de Rotterdamse acteur/bariton Simon Versnel, afkomstig van de Needcompany) een vader aan het eind van zijn Latijn. Hij ziet zijn verworven rijkdom door zijn vingers glippen en denkt met een plastic zak over zijn hoofd zijn doodsstrijd te versnellen. (Het personage is gemodelleerd naar Versnels vader die tijdens het repetitieproces overleed en kort daarvoor om euthanasie had gevraagd). Om hem heen dansen vier generaties: een overgrootmoeder, een zoon, een getrouwd koppel en een peuter. De 3-jarige dochter Uma Victoria Chartier (vernoemd naar haar nu gestorven oma) vertolkt deze hoop op de toekomst.

In het slotdeel, Le Sous Sol, verplaatsen de handelingen zich naar de kelder. Een net overleden vrouw, oud en grijs, daalt af naar het dodenrijk, waar ze haar jong gestorven man weer ontmoet. Hij is als soldaat gesneuveld tijdens de Tweede Wereldoorlog, 25 jaar oud. En in haar herinnering dus nooit ouder geworden. Voormalig actrice en danseres Maria Otal, 80 jaar, 48 kilo, huppelt in Le Sous Sol haar jeugdliefde tegemoet, gedanst door Samuel Lefeuvre. Met hem beleeft ze een innig duet, kussend, tongzoenend en rollebollend te midden van bergen neergestorte turf. De oude dame wordt daarna niet ontzien: ze wordt bijna door vier andere dansers gevierendeeld.

Zo’n kusduet zit in ieder deel van de trilogie, in een steeds andere versie. In Le Jardin dansen Chartier en Carrizo het zelf, zonder elkaar te omarmen, met alleen mond en tong als verbindingsstuk. In Le Salon borduren ze erop voort, nu met dochter Uma op de arm, zwiepend tussen hen in. Chartier: ‘Het ontstond spontaan. Uma was drie maanden toen de repetities begonnen. Ze zat nog aan de borst. Daarom namen we haar elke dag mee naar de studio. Gabriela gaf een keer al improviserend borstvoeding. Dat is toen dit duet geworden.’ Tot op heden doet Uma mee. ‘Ze vindt het geweldig. We zetten haar speelgoedjes vooraan op het podium en ze zwaait uitdagend naar het publiek.’ In Parijs heeft een theater haar een keer geweigerd, uit angst voor controle op de wetgeving rond kinderarbeid. ‘We hebben haar toen tegen haar zin twee keer vervangen door een pop.’

Het kusduet verplaatst zich in het slot naar de ongemakkelijke erotiek tussen jeugdig en bejaard en groeide daarmee uit tot boegbeeld van deze enerverende trilogie. Het laat geen toeschouwer onberoerd, merken Chartier en Carrizo. Zelfs de vier figuranten, tussen de 75 en 85 jaar oud, die scharrelend overleden dierbaren spelen, vallen keer op keer stil. Chartier: ‘Sommigen beseffen dat ze misschien over een paar jaar hun jong gestorven vader terugzien. Zij gerimpeld, hij nog gespierd.’

Die fascinatie voor het ongewisse van de dood, de melancholie van de ouderdom en de onontkoombaarheid van het verval, zegt Chartier, is dus gekomen door die eeuwige angst voor dat moordende telefoontje. Maar ook doordat hij als kind voelde dat er in zijn familie een geheim bestond. Zijn zus kwam erachter: hun overgrootvader bleek uit het raam te zijn gesprongen. Er wordt tot op de dag van vandaag niet over gesproken.

In Le Salon figureren de muren van de vervallen woonkamer daarom als stille getuigen: ze dragen sporen van weggehaalde portretten. ‘We verbeelden ons wat zich hier in honderd jaar zou kunnen hebben afgespeeld.’ Daarom ook staan er bij Peeping Tom altijd meerdere generaties op het toneel. De voorstellingen ademen een duister verlangen naar samenzijn.

Het succes van Peepings Toms voorstellingen wordt niet alleen verklaard door de emotionele inhoud, ook door de krachtige vorm: energiek totaaltheater met een narratieve ondertoon, zonder dat het anekdotisch wordt. De dansers op het podium tonen zich mens, ze worstelen zich met de moed der wanhoop door het leven. Bewegingen zijn niet zelden ‘gedachten uitgedrukt in beweging’. Toeschouwers herkennen in de energieke dans, het broeierig spel en de levende muziek thema’s uit hun eigen bestaan.

Daarin is de hand van hun meester herkenbaar, Alain Platel. Chartier en Carrizo ontmoeten elkaar als dansers in Platels La Tristeza Complice (1996). Ze werden verliefd tijdens de creatie van de opvolger Iets op Bach (1997).

Chartier, zoon van een bloemist en hovenier, is opgeleid aan de dansschool van Maurice Béjart in Lausanne. ‘Ik was een moeilijk kind en moest op kostschool. Mijn ouders dwongen mij te kiezen tussen een landbouw- of een dansschool. Ik koos de laatste.’ Carrizo danste al van kinds af aan en werd na een opleiding in eigentijdse dans door haar toenmalige lerares gestimuleerd naar Europa te gaan. Haar ouders eisten wel dat ze eerst zou trouwen. Haar ex-man, componist Juan Carlos Tolosa, maakt nog steeds muziek voor Peeping Tom (op het podium live vertolkt door mezzosopraan Eurudike de Beul). Chartier lachend: ‘Ik was niet degene voor wie ze hem verliet. Daar zat nog een lover tussen.’

Na Iets op Bach wilde het stel graag zelf voorstellingen maken. Dat begon met een caravan, in een garage. Of eigenlijk een BMW, maar die is nooit aangeschaft omdat de twee mannen die daarin eerst op film en daarna op toneel zouden dansen, afhaakten. Toen bedachten ze twee dansvoorstellingen in een caravan (Caravana en Une vie inutile); het publiek moest door de raampjes gluren. Vandaar de groepsnaam Peeping Tom, het etiket voor iemand die door een sleutelgat spiedt. De gelijknamige beroemde film uit 1960, over de destructieve en sadistische aard van een voyeur, ontdekten ze pas een paar jaar later. En recent hoorden ze over een rockband met dezelfde naam.

Het idioom van Peeping Tom kent een sterke verticale impuls. Er wordt niet alleen veel gehuppeld maar ook excessief veel gesprongen. Bijvoorbeeld op buiken en ruggen. Er wordt gedanst maar ook getuimeld. Het geheim zit in de combinatie van een harde vloer met een zachte ondergrond van schuimplastic, waardoor meer vering mogelijk is. In combinatie met de turf in Le Sous Sol zorgt de bodem voor de weg van de meeste weerstand.

Zelf hebben Chartier en Carrizo een op en top danslichaam, maar in hun voorstellingen kiezen ze tevens voor collega’s met lichamen waarop de tijd wel vat heeft gekregen of die minder gezond geschapen zijn. Ze vragen hen die lichaamsdelen niet te verbergen. De 60-jarige Versnel bijvoorbeeld, mocht voor Le Jardin niet afvallen. In die voorstelling zit hij naakt op het gras, zijn corpulente buik hangend over zijn geslachtsdelen. Op een kleedje ligt Rika Esser, 82 centimeter, actrice en woordvoerster van Little People of Germany. In de dertig minuten durende film die het eerste deel van Le Jardin vormt, danst zij in een nachtclub, tilt Versnel haar ongevraagd op haar buik en haalt Chartier haar uit een sporttas om haar met haar korte mollige beentjes in een balletpakje op spitzen te laten trippelen. In het toilet van de caravan deed Chartier tijdens Caravana een zogenaamde muggendans, ruziënd met 500 vers gekochte vliegen. Een soort hallucinatie, die de niet alledaagse visie van de choreografen illustreert op het alledaagse.

Het gaat Peeping Tom om de confrontatie: het jonge, gezonde lichaam raakt in paniek wanneer het zich geconfronteerd ziet met zijn gehavend spiegelbeeld. Zoals ook de 84-jarige Maria Otal zich rot schrikt wanneer ze te midden van de turf een zak met botten leegt. Een lijf is niet meer dan een zak met botten, realiseert ze zich.

De Vlaamse dramaturge Hildegard de Vuyst noemde Peeping Tom niet voor niets ‘de Pedro Aldomóvar van het danstheater’. Net als deze Spaanse filmregisseur toont Peeping Tom een fascinatie voor het melodrama rond curieuze figuren die hun wortels hebben in het circus, de prostitutie, het nachtleven of de kermis. De emotionele verwarring rond seksualiteit wordt even moeiteloos gekoppeld aan fysieke virtuositeit als aan lichamelijk verval. Het is een donker soort melancholie die leidt tot een scala aan mijmeringen over de liefde, over verlies, over de dood.

Straks in Den Bosch zal Carrizo weer gewoon in Le Jardin op het podium staan. Ze zal naast de naakte Versnel gaan staan op het knalgroene kunstgras. Ze zal haar blik weer richten op de oude man en aan de toeschouwers ‘tien seconden stilte’ vragen ‘voor een droevig mens’. Het zullen dit keer ook tien seconden zijn voor haar eigen droefenis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden