Een lichtshow is kunst, een goed decor is topdesign

Wekelijks nemen de cultuurspecialisten van de Volkskrant stelling in de wereld van film, muziek, theater of beeldende kunst. Deze week: Robbert van Gijssel. Stelling: een lichtshow is topdesign.

Beeld ANP Kippa

'Sensation stopt ermee', was vorige maand het wat treurige feestnieuws. Het trance- en dancefestival, dat werd ontstoken in de Amsterdam Arena en daarna de wereld overging als exportproduct, is in eigen land over het hoogtepunt heen en organisator ID&T trekt er dus de stekker uit.

Jammer voor de liefhebber, die zich jaarlijks in een wit pak hees om in het voetbalstadion op te kunnen stijgen bij een wit vlammende lichtshow en opbeurende house. Maar een aderlating voor de dancecultuur is de teloorgang van Sensation nu ook weer niet. We kunnen het een deurtje verderop proberen, bij zomaar een ander dancefeest.

In de Ziggo Dome werd afgelopen weekend bijvoorbeeld de vijfde editie gehouden van Don't Let Daddy Know: een minstens zo uitbundig rondreizend housefeest waarvan je pas gelooft dat het écht bestaat als er een lange nacht in ontzetting naar hebt gestaard.

Inderdaad: gestaard. Want Don't Let Daddy Know is overweldigend in decibellen, maar vooral in beeld. Als je de zaal inloopt, word je er bijna direct weer uitgeduwd door een onvoorstelbaar visueel lichtspektakel dat vanaf een lamp of drieduizend in je gezicht wordt geflitst. De kolossale lichtbakken zijn in de Ziggo Dome bevestigd aan langwerpige panelen aan kabels, die langzaam omhoog en omlaag bewegen en zo geometrische vormen in de lucht tekenen, over de lengte van de hele hal. Daarachter stralen projecties op een zes meter hoge, rondjes draaiende ruitvorm boven de dj-tafel, waarachter de arme dj moet proberen zich te concentreren op zijn werk.

Boven de tribunes aan de zijkanten van de zaal stralen dan nog een paar honderd blauwe richtspots, die - om maar eens een plaatje te beschrijven - ineens een magisch blauw wolkendek over de hoofden van het verbijsterde publiek kunnen laten drijven. Terwijl vanaf het podium strakke witte vuurzuilen omhoog schieten, bij een hel wit stroboscopisch zoeklicht dat de laatste restjes gezond verstand uit je hoofd schijnt. En dan ineens klapt alle licht uit, en schijnen vanuit de nok van de zaal zes priemende blauwe spotjes recht naar beneden, naar zes plukjes mensen die ineens zijn gereduceerd tot dansende smurfen. En weer valt je mond open: wat gebeurt hier allemaal?

Dat zie je pas echt goed als je naar het midden van de zaal loopt en even achterom kijkt. Achterin de arena is een soort afgesloten laboratorium gebouwd, waarin een man of dertig aan knoppen staat te draaien. De dames en heren van de lampen. Die live, acht uur lang, een waanzinnig stuk bewegende beeldende kunst door de concerthal jagen waarin geen vijf seconden lijken op de vorige vijf seconden, en waarnaar je dus tot zes uur 's morgens wilt staan kijken. Of je al dan niet houdt van bonkende house doet eigenlijk niet ter zake.

In de Netflix-serie Abstract - the Art of Design is een aflevering gewijd aan het werk van de Britse decor- en lichtshowontwerpster Es Devlin, die stadionconcerten vormgeeft van Muse en U2 tot Lady Gaga en Jay Z. Een onthullend portret, met een belangrijke boodschap. Een lichtshow is kunst, en een goed decor kan doorgaan voor topdesign. Het wordt tijd de betere concert- of dancespektakels ook eens als zodanig te beoordelen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden