Eén lange, perfecte uitbarsting

Theater


Al mijn zonen


Spectaculaire verbeelding van van de klassieke strijd tussen vaders en zonen.

HAARLEM - 'Ik weet dat je niet slechter bent dan de anderen. Ik dacht dat je beter was.' Het is Roeland Fernhout die dit tegen Fred Goessens zegt in een nieuwe enscenering van Arthur Millers Al mijn zonen (1947) door Toneelgroep Amsterdam en Toneelschuur Producties. Een zoon tegen zijn vader. Als zojuist de waarheid over diens nalatige misdaad aan het licht is gekomen.


Een cruciale uitspraak is het. In een spectaculaire verbeelding van de klassieke strijd tussen vaders en zonen, die zoals altijd eindigt met het pijnlijke inzicht dat de vader fouten heeft gemaakt.


Het stuk gaat over twee families die elkaar kort na de Tweede Wereldoorlog opnieuw treffen. Alleen dragen ze nu de trauma's en littekens van een gewelddadige oorlog, waarin iedereen vieze handen moest maken. Het is opmerkelijk hoe regisseur Thibaud Delpeut dit verhaal perfect naar zijn hand heeft weten te zetten. Helder, to the point en razendsnel laat hij zijn acteurs deze tragedie spelen.


De families ontmoeten elkaar op een wit speelvlak waarop enkel een ontworteld boompje ligt. Chris Keller (Fernhout) wil trouwen met Ann Deever (Eline ten Camp), die voor de oorlog nog verloofd was met zijn broer Larry. Maar Larry is vermist geraakt en het huwelijk zou de definitieve doodsverklaring betekenen. De vader, Joe Keller (Goessens), juicht dit toe, maar de moeder (Marieke Heebink) is ervan overtuigd dat haar jongste zoon nog leeft.


Ann is ook de dochter van de voormalige zakenpartner van Joe Keller. Maar vader Deever is in de gevangenis beland voor het verkopen van defecte vliegtuigonderdelen. Hoewel Joe Keller daar eigenlijk voor verantwoordelijk was.


In een ijltempo jaagt Delpeut door het verhaal. Achter elkaar worden leugens en zelfbedrog ontrafeld en de daaruit volgende confrontaties uitgevochten. Een duidelijk moment waarop de bom barst, is moeilijk aan te wijzen omdat de voorstelling feitelijk een twee uur durende uitbarsting laat zien. Met als hoogtepunt het verbale en fysieke gevecht tussen vader en zoon.


Dat is knap. Van het verhaal is precies datgene overgebleven wat werkt in deze fysieke voorstelling. Ook lopen scènes in elkaar over en wordt een hoop (niet essentiële) tekst door elkaar heen uitgesproken. Telkens weer worden de confrontaties uitvergroot en het gemijmer doorgespoeld.


Zoiets vergt uiteraard acteurs die vliegensvlug kunnen schakelen. Fernhout doet dat mooi. Hij ontwikkelt zich van een wat klungelige Chris Keller naar een totaal gefrustreerde jongen in een lomp mannenlichaam. Maar de allermooiste rollen zijn hier weggelegd voor Goessens en Heebink als de onmachtige ouders die proberen te leven met een loodzware schuld: de indirecte verantwoordelijkheid voor de dood van hun jongste zoon. Hij doet dat met een verbeten vrolijkheid en zij met een krampachtige hysterie.


Zoals gewoonlijk ontwierp Delpeut een nachtmerrieachtig geluidsdecor, bestaande uit zwaar vervormde jarenvijftigmuziek. Toch is het niet enkel kommer en kwel. Personages mogen dit keer soms warm en hartelijk lachen. Er worden zelfs theatrale grapjes gemaakt. En dat is wel degelijk een verschil met eerder gitzwart werk als Blasted en Nacht.


Al mijn zonen is de afronding van Delpeuts oorlogstrilogie, waartoe ook die twee voorstellingen behoren. Het is niet minder dan een overdonderend slotakkoord.


Al mijn zonen van Arthur Miller door Toneelgroep Amsterdam en Toneelschuur Producties, regie Thibaud Delpeut. Toneelschuur, Haarlem, 9/12. Daar t/m 22/12. toneelschuur.nl


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden