'Een krant moet herkenbaar zijn'

'Ik heb mijn ideealtijd moeten bevechten', zegt Erik Terlouw, scheidend artdirector van Trouw. Hij beaamt dat kranten een verouderend medium zijn, maar dat neemt niet weg dat een krant 'een apart soort ding is, waar je iets bijzonders van moet maken'....

Zijn mederedacteuren bij Trouw betitelden hem, naar het uitkwam, als een bevlogen estheet, een visionair en ook wel als een lastpak. Na dertig jaar neemt artdirector Erik Terlouw (58) afscheid van de krant die door zijn toedoen een ijkpunt werd voor dagbladvormgeving. Met zijn vertrek is de artdirector bij Trouw afgeschaft.

Twaalf letterfamilies telde Trouw tot Terlouw midden jaren tachtig grote schoonmaak hield en het roer omgooide. De al eerder ingevoerde vierdeling van de pagina's werd bekroond met een in de vaderlandse dagbladpers niet eerder vertoonde operatie: Terlouw verwisselde de in de krantenwereld alom gebruikelijke schreefletter van de broodtekst voor een schreefloze letter, de Frutiger.

Er volgde een kleine stortbui aan opzeggingen maar het verloste Trouw in klap van een amorf uiterlijk en sloot tegelijk aan bij het progressieve imago van de krant uit die dagen.

Dertien jaar lang werd het nieuws in de Frutiger gepresenteerd. Bij de verschijning, in 1999, van de Verdieping, het dagelijkse achtergrondkatern van Trouw, verving de Swift van letterontwerper Gerard Unger de Frutiger. Sinds de meest recente restyling, in januari van dit jaar, worden tevens de koppen uit de Swift gezet en wel allemaal uit dezelfde Swift, de Condensed Vet.

Opgeruimd staat netjes, vindt Terlouw, want de praktijk van alledag leidde tot een wildgroei aan lichte, vette en halfvette koppen. 'Je gelooft toch niet dat een lezer bij het zien van een lichte kop denkt: ha, dit moet een analyse zijn?'

Volgens Terlouw dient de artdirector van een krant lid te zijn van de hoofdredactionele staf. 'Zoals de ene adjunct de inhoudelijke kwaliteit bewaakt, dient een andere over het mandaat te beschikken om de visuele kwaliteit te verhogen, te sturen en te bewaken. Als je het goed doet, is het een dagtaak.'

Tot adjunct schopte Terlouw het niet, maar hij beschikte over ruime credits bij de redactie door zijn onvermoeibare pogen tot overtuigen. 'Pas een jaar of dertig wordt ingezien dat een krant typografisch herkenbaar moet zijn. Een krantenpagina telt tientallen elementen en tachtig procent daarvan maakt deel uit van het stramien dat je ontwerpt. Dat kun je niet allemaal in de groep gooien, dan verambtelijkt de boel. Toch heb ik mijn ideealtijd moeten bevechten.'

Van de wijze waarop mensen lezen, weten we eigenlijk niks, meent hij. 'Roepen dat jongeren niet lezen, is een negatieve benadering. Zij hebben andere bronnen van informatie tot hun beschikking. Voor de jeugd is alles medium. Waarom leest men Sp!ts en Metro? Wat is er zo aantrekkelijk aan het verschijnsel 'tabloid'? Wordt niet onderzocht. De overheid zou grote campagnes moeten lanceren om het lezen te bevorderen. Krantenconcerns zijn nog te afwachtend met het zoeken naar nieuwe vormen van informatieoverdracht.'

Wie weet, filosofeert Terlouw, komt er ooit een Nederlandse kwaliteitskrant op tabloidformaat, al zal die krant zich ook inhoudelijk moeten onderscheiden. Anders is het veranderen van formaat slechts een tovertruc die niet werkt. Oudere lezers associn tabloid misschien nog met de yellow press, maar jongeren hebben daar geen moeite mee.

Al jaren geleden wilde Terlouw van Trouw een compacte krant maken handig voor trein, cafn 's zomers buiten maar de adverteerders zagen er niks in. Hij kan zich goed voorstellen dat op een dag zelfs de Volkskrant deels of helemaal als tabloid uitkomt. 'Zo'n krant kan er, mits geraffineerd verzorgd, zeer geavanceerd uitzien, dat verzeker ik je. Vergelijkingen met de Britse pers gaan mank. In Engeland is de losse verkoop veel hoger, Metro en Sp!ts zijn deels een succes omdat je ze gratis meepakt, maar loop 's morgens door de metro en je ziet dat het formaat eveneens een oorzaak van het succes is.'

Terlouw, die een prototype ontwierp van een display op zakformaat waarmee vanzelfsprekend in de best denkbare typografie zowel kranten als boeken kunnen worden gelezen, stoort zich aan de fixatie van kranten op jongeren. 'Je hebt kranten waar je doorheen vliegt en kranten waar je voor gaat zitten. Kopij is goed of slecht. Je moet zowel jong als oud bedienen, met het besef dat geen groep zo hard groeit als de ouderen, die in ruime mate tijd hebben om te lezen en geld om kranten en boeken te kunnen kopen.'

Hij beaamt dat kranten een verouderend medium zijn maar dat neemt niet weg dat een krant 'een apart soort ding is, waar je iets bijzonders van moet maken en waaraan je dagelijks visueel genoegen kunt beleven'. In de afgelopen vijf jaar gaf hij zelf vorm aan Letter & Geest, een wekelijkse Trouw-bijlage met lange en controversi artikelen van politieke en filosofische aard.

Een klus met, aanvankelijk, enige hindernissen.

'Juist bij pagina's met lange en complexe artikelen moet je de lezer verleiden. Hoe doe je dat? Niet door de tekst in de onderste helft van de pagina te metselen en de overblijvende ruimte te vullen met een foto. Zo'n pagina moet zich, meer nog dan andere pagina's, onderscheiden door een tinteling, een zekere spanning.'

In Letter & Geest wist Terlouw die spanning vaak op te bouwen met uitsluitend typografische middelen, zodanig dat de typografie tevens fungeerde als het beeldend element op de pagina. Bij het toepassen van foto's ging zijn voorkeur uit naar associatieve en sfeerrijke beelden die hij naar eigen inzicht manipuleerde.

Terlouw: 'Dan raak je aan de heilige kerk van de fotografen. In Engeland en Amerika is foto-editing een normale zaak, maar hier mag nog geen snippertje van een foto worden afgehaald. Alsof het een schilderij betreft; het lijkt wel een soort vakbondsterreur.'

De oplossing was eenvoudig, maar werd niet voetstoots geaccepteerd. Terlouw ging uit zijn eigen archief putten of maakte nieuwe beelden. 'Dat was een steen in de vijver, maar ik moest die mythe doorbreken. Beeld moet aangesneden kunnen worden, want veel fotografen houden geen rekening met de spanning die een krantenpagina nodig heeft.

Als artdirector wens ik de regie te voeren.'

Toen bleek dat de foto's van Terlouw van hoge kwaliteit waren, luwde het tumult. 'Ik fotografeer al mijn hele leven.

Ik kan goed kijken.' Dat hij het fotobudget van het katern tot nul reduceerde, speelde natuurlijk ook een rol. In noodgevallen plukte hij beeld van netwerken.

'Het aanbod is overstelpend, je kunt ermee doen wat je wilt en het is via onze abonnementen al betaald.'

In de loop der jaren werd Erik Terlouw onderscheiden met de Laurens Jansz. Costerprijs, genomineerd voor de Design Prijs Rotterdam en gelauwerd door de prestigieuze Britse Society of Typographic Designers.

Met het winnen van de European Newspaper Award in 2001 mocht Trouw zich 'de mooiste krant van Europa' noemen. Terlouw: 'Aan veel kranten valt nog een hoop te doen. Krantentypografie is een specialisme, maar er zijn nu eenmaal niet veel mensen die er oog voor hebben.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden