Een kip nadoen

Dit stukje zou eigenlijk moeten gaan over dat foeilelijke affiche van het Theaterfestival, waarop iemand een elandenhoofd over zijn gezicht heeft getrokken....

Dit stukje zou eigenlijk moeten gaan over Arthur Sonnen, sinds mensenheugenis directeur van het Theaterfestival en onvermoeibaar optimistisch over de stand van zaken in het Nederlandse theater en vooral zijn Festival. 'Heb je de krant gelezen? Daarin stond dat wij zoveel jonge bezoekers trekken! ' Arthur Sonnen maakt je ongevraagd en dagelijks deelgenoot van zijn voortdurende jubelstemming.

Dit stukje zou eigenlijk moeten gaan over de jury van het Theaterfestival, die het de afgelopen jaren keer op keer presteert het woord 'belangwekkend' op zijn selectie te plakken en net te doen alsof het festival dat ongrijpbare begrip heeft uitgevonden. Dit jaar heeft de jury gekozen voor theater dat maatschappelijk relevant is: de selectie is één grote parade van door de varkenspest geteisterde boeren, genetische gemanipuleerden, onderdrukte Palestijnen, geknechte Afrikanen, misbruikte Vlamingen, demente koningen en kreupele plattelanders.

Dit stukje zou eigenlijk moeten gaan over zo maar een dag uit het leven van een Theaterfestivalbezoeker in Amsterdam die hem - dat moet gezegd - alle hoeken van de stad laat zien, behalve dan de schouwburg. Eerst zorgcentrum De Werf aan de Kostverlorenkade waar bejaarden in ganzenpas Zwanenmeer dansen (18 uur). Dan De Krakeling waar Sabri Saad el Hamus zijn monoloog Yasser speelt (20 uur). Tenslotte het Maagdenhuis aan het Spui waar drie acteurs van ZT Hollandia een geënsceneerde lezing geven over de metafysische revolutie, maar die gewichtigdoenerij al snel ombuigen naar de onversneden literaire pornografie van Houellebecq (22 uur).

Dit stukje moet dus gaan over hoe het Theaterfestival zich met dergelijke producties volledig heeft teruggetrokken in de marge van het theateraanbod. Sonnen zei het zelf in zijn openingstoespraak: 'Wij maken geen knieval voor het gemakkelijke, het beste, het meest succesvolle, het voor de hand liggende.' Het Theaterfestival is daarmee verworden tot de jaarlijkse ontmoetingsplek voor een heel klein deel van het Nederlandse theater. Je ziet ze dan ook van de ene voorstelling naar de andere hoppen, de stafkrachten van het Theater Instituut, de programmeurs van kleine zalen, die enkele plichtsgetrouwe criticus, de docenten Theaterwetenschap en hun ijverige studenten (voortdurend aantekeningen makend), het selecte groepje buitenlandse gasten dat de ene taalexercitie na de andere moet ondergaan. Trots meldde Sonnen dat er in de voorverkoop al drieduizend kaartjes zijn besteld - 'en nu maar hopen dat ze ook worden afgehaald'.

Daarover gaat dit stukje uiteindelijk niet, maar wel over die elf bejaarden uit Den Bosch die met regisseur Sanne van Rijn de voorstelling Zwanenmeer hebben gemaakt. Ze staan op hun hoofd, spelen een deuntje mondharmonica, doen een kip na of een poes, maken een stoelendans. Negen vrouwen en twee mannen, gekleed in oud roze en getooid met de wijsheid en berusting van de oude dag. In allemaal zit een stukje moeder of een stukje vader - ze hoeven dus helemaal niets te doen om veel los te maken. Sanne van Rijn zegt dat Zwanenmeer speelt met de vraag wat authenticiteit is, en wat theater. Als Van Rijn authenticiteit wil, zou ze eens een tijdje in een bejaardenhuis moeten gaan werken. Praat met die mensen, eet met ze, laat ze hun verhalen vertellen, ga met ze uit wandelen. Maar noem het geen theater, zodat een jury van elandenkoppen er godbetert ook nog eens het etiket 'belangwekkend' op kan plakken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden