Een iets te redelijk reddingsplan

De wereld dreigt ten onder te gaan aan een combinatie van milieurampen, extreme armoede en overbevolking, aldus de invloedrijke econoom Jeffrey Sachs in Common wealth....

Evert Nieuwenhuis

Jeffrey Sachs is een ambitieus man. In The End of Poverty (2005) stippelde hij een – bejubelde en bekritiseerde – route uit naar een wereld zonder extreme armoede. In Common Wealth – Economics for a crowded planet gaat Sachs nog een paar stappen verder. Ditmaal buigt hij zich over de vraag hoe de aarde en daarmee de mensheid van een naderende ondergang kan worden gered.

De 21ste eeuw zal volgens Sachs beheerst worden door drie grote problemen: achteruitgang van het milieu, overbevolking en extreme armoede. Deze drie bedreigingen hangen samen en vereisen geïntegreerde oplossingen. Alle drie hebben dezelfde oorzaak: de mens put de aarde uit.

Met een vloedgolf aan cijfers, grafieken en citaten, schetst Sachs nuchter en zakelijk een doemscenario. De menselijke soort is sinds 1750 vertienvoudigd in omvang. Niet alleen nam de wereldbevolking explosief toe, ook de menselijke productie – en daarmee het gebruik van natuurlijke hulpbronnen – vertienvoudigde. Met andere woorden: de menselijke productie verhonderdvoudigde sinds het begin van het industriële revolutie.

Deze ontwikkeling is nog lang niet ten einde. In 2050 zal de aarde volgens gematigde prognoses negen miljard mensen tellen. China, India, Brazilië en andere opkomende landen zullen hetzelfde consumptieniveau bereiken als wij, het rijke Westen, dat nu minder dan een zesde van de wereldbevolking uitmaakt. In 2050 kan de wereldeconomie verzesvoudigd zijn.

De gevolgen van deze ontwikkelingen zijn nu al desastreus. Zo goed als elk groot ecologisch systeem wordt bedreigd door menselijke activiteit. Planten en dieren sterven uit met een snelheid die honderd tot duizend keer groter is dan vóór het tijdperk dat de mens de aarde domineerde. Wellicht zijn tweederde of meer van de grote visstanden in de wereld ‘volledig geëxploiteerd of uitgeput’. De wereld kent bijna geen land meer om te ontginnen voor landbouw. Water wordt schaarser dan olie. De atmosfeer raakt verzadigd (een kwart van alle CO2 is uitgestoten door mensen) en klimaatverandering is onafwendbaar. Enzovoorts.

De uitputting van de aarde leidt tot grote sociale en politieke spanningen. In arme landen, waar de noden het hoogst zijn en de weerbaarheid het kleinst is (denk aan de recente voedselrellen), maar ook in rijke landen. De mondiale strijd om grondstoffen zal tot geopolitieke conflicten leiden die ook wij in onze huiskamer zullen voelen.

Gelukkig is er in de wereld van Sachs geen ruimte voor defaitisme. Sachs is een aartsoptimist, een wetenschapper die gelooft in een maakbare mondiale samenleving. Dankzij technologische vooruitgang, wereldwijde samenwerking en goede wil kunnen we de aarde voor iedereen leefbaar houden.

Enkele praktische oplossingen: druppelirrigatie kan met name in arme landen het waterverbruik dramatisch verminderen (zo’n 70 procent van al het menselijke waterverbruik vindt in de landbouw plaats). Genetisch gemodificeerde zaden kunnen de landbouwopbrengst per hectare drastisch verhogen. Als in 2026 alle auto’s gas-elektrische hybride motoren hebben, zal de CO2-uitstoot naar een beheersbaar niveau afnemen. Elektriciteitscentrales kunnen CO2 opvangen en onder de grond opslaan. Het instellen van mondiale visquota en visreservaten kunnen vele vissoorten van de ondergang redden.

Extreme armoede – 1,5 miljard mensen leeft van minder dan twee dollar per dag – staat een duurzame wereld in de weg. Dat klinkt contra-intuïtief. Want als alle arme mensen net zo rijk worden als wij, zal de wereld dan niet helemaal te klein worden?

Los van de morele implicaties van deze vraag, (waarom hebben wij wel recht op vervuilende rijkdom en Afrikanen niet?) is het tegendeel waar, zo maakt Sachs duidelijk.

Hoe groter de armoede, hoe meer kinderen sterven. Om van een verzorgde oude dag verzekerd te zijn, nemen arme mensen veel meer kinderen dan er zullen sterven. De bevolking zal blijven toenemen, en daarmee de druk op het (lokale) milieu, wat tot meer armoede en dus tot meer bevolkingsgroei leidt. Bovendien heeft een welvarende samenleving meer geld, tijd en energie om te bouwen aan een duurzame toekomst. Zo is de goedkoopste energie vaak het meest vervuilend.

Anderzijds vertrouwt Sachs op grote mondiale actieplannen. Hoopgevend is het Global Fund, een fonds waarin VN-organisaties, wetenschappers, ngo’s, regeringen en filantropen als Bill Gates samenwerken om malaria, aids en tbc te bestrijden. Sachs, een van de grondleggers van dit succesvolle fonds, stelt zes nieuwe fondsen voor om bijvoorbeeld infrastructuur in ontwikkelingslanden te bevorderen of Afrika een groene revolutie te bezorgen.

Een duurzame toekomst is alleszins betaalbaar, becijfert Sachs. Om heel Afrika vijf jaar lang onder een geïmpregneerde klamboe te laten slapen, is slechts 1,6 miljard dollar nodig. Dat is evenveel als Pentagon elke dag uitgeeft aan het Amerikaanse militaire apparaat. In totaal kost het verschil tussen het huidige, doodlopende traject en een duurzame toekomst, slechts 2 à 3 procent van het mondiale jaarlijkse inkomen, rekent Sachs ons voor.

Het is verleidelijk om Sachs als een naïeve dagdromer weg te zetten. Dat is niet helemaal terecht: veel van zijn oplossingen zijn direct uitvoerbaar en zullen substantieel bijdragen aan een duurzame toekomst. Maar ook de meest welwillende lezer moet toegeven dat Sachs zo nu en dan wereldvreemd is. Neem ontbossing, een van de grootste oorzaken van klimaatverandering maar volgens Sachs ‘een proces dat een van de gemakkelijkste is om te vertragen of te stoppen’. Vanaf de maan gezien is het inderdaad niet moeilijk om ontbossing tegen te gaan. Maar een bezoekje aan Brazilië had Sachs geleerd dat illegale kap een bijna onontwarbare kluwen van sociaal-economische en zelfs etnische problemen is. In Brazilië staat illegale houtkap hoog op de politieke agenda, en toch blijkt het hondsmoeilijk om het probleem op te lossen. Te vaak klinkt Sachs’ ‘all we need to do’-mantra misplaatst. Te vaak negeert hij de voetangels en klemmen op de weg naar een duurzame toekomst.

Ook over het opslaan van CO2 – een belangrijke pijler in Sachs’ betoog – is hij te optimistisch. Ten eerste moet nog bewezen worden dat deze techniek op grote schaal kan worden toegepast. Ten tweede stapt Sachs over de ethische aspecten van ondergrondse CO2-opslag heen. Wat als onze CO2-uitstoot generaties later ineens door onvoorziene omstandigheden ontsnapt? De milieuramp dient zich dan alsnog aan. CO2-opslag is vergelijkbaar met kernafval: we wentelen onze vervuiling af op generaties na ons.

Bovendien is Sachs’ nadruk op technologische oplossingen eenzijdig. Gedragsveranderingen komen nauwelijks aan bod. In vierhonderd pagina’s lezen we nergens dat wij, consumenten in ontwikkelde landen, ons veel meer van de aarde toe-eigenen dan het 1/6,6 miljardste deel dat ons toekomt. Misschien wil Sachs deze ongemakkelijke waarheid niet verkondigen, uit angst om (Amerikaanse) lezers van zich te vervreemden. Sachs is immers niet alleen een intelligente wetenschapper, maar ook een zendeling, een geëngageerde econoom die een boodschap te verkopen heeft. ‘Het idee dat de wereld potentieel het meest kan veranderen’, schreef Sachs onlangs in Time, ‘is simpelweg het volgende: als we ons cynisme overwinnen en de misplaatste visie opgeven dat de wereld het toneel is van een eeuwige strijd tussen ‘hen’ en ‘ ons’, en in plaats daarvan naar wereldwijde oplossingen zoeken, dan kunnen we de wereld, nu en in de toekomst, werkelijk voor iedereen behouden. Of we elkaar te lijf zullen gaan of zullen samenwerken om gevaren af te wenden die ons bedreigen, is onze keuze. Ons lot, ons gemeenschappelijk welzijn, hangt van onszelf af’. Typisch Sachs: alle grote wereldproblemen zijn op te lossen. Als als we maar net zo redelijk zijn als Sachs zelf. Maar, zoals The Economist fijntjes opmerkte, als iedereen zo redelijk was als Sachs, zouden er überhaupt geen problemen zijn.

Toch is Common wealth een indrukwekkend en belangrijk boek. Sachs betoogt overtuigend dat de aarde de uitputting nabij is. Helaas stellen zijn oplossingen niet gerust. Des te meer reden om Common wealth van kaft tot kaft te lezen – en alternatieven aan te dragen.Evert Nieuwenhuis

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden