Reportage

Een huisdealer die alleen op papier niet bestaat

Bij de Nico Adriaans Stichting, een zorginstelling in Rotterdam, kunnen verslaafden al jaren cocaïne en heroïne kopen bij huisdealer Mike. Medewerkers en (ex-)cliënten luiden de noodklok: verslaafden die willen afkicken, kunnen de verleiding van de huisdealer niet weerstaan - een huisdealer die volgens de zorginstelling en de gemeente niet bestaat.

Voor de ingang van de Nico Adriaans Stichting (NAS) in Rotterdam zit een aantal mannen op een bankje. De heren komen niet voor in het verhaal. Beeld Arie Kievit
Voor de ingang van de Nico Adriaans Stichting (NAS) in Rotterdam zit een aantal mannen op een bankje. De heren komen niet voor in het verhaal.Beeld Arie Kievit

Het is woensdagochtend negen uur en in het bakstenen pand van de Nico Adriaans Stichting (NAS), een zorgorganisatie in de Rotterdamse Vijverhofstraat, is het al een komen en gaan van mensen. Mannen, voornamelijk. Mannen met haastige tred, mannen met hangende schouders, mannen met gepijnigde gezichten. Ze zijn dakloos, verslaafd, psychisch ziek of alledrie.

Sommigen verzamelen zich rond de thermoskan koffie in de ‘huiskamer’ van het ietwat vervallen gebouw, anderen nemen plaats in de hal in afwachting van hun maatschappelijk werker, weer anderen spoeden zich in een rechte lijn naar de speciaal aangewezen gebruikersruimten voor hun eerste heroïneshot van de dag.

Temidden van alle ‘cliënten’, zoals de bezoekers van de NAS in modern zorgverlenersjargon heten, loopt een 49-jarige man rond met een rijzig postuur, een zwarte pet en een schoudertas. Nauwlettend houdt hij alles in de gaten. Hij gaat de gebruikersruimten in en uit, zwaait de deur van de keuken open, maakt praatjes met het personeel in het kantoortje bij de ingang. Ziet hij iets dat hem niet zint, is zijn blaffende stem tot buiten te horen. Iedereen hier kent zijn naam: Mike. Hij is de huisdealer van de NAS.

Heroïne en cocaïne

Al zo’n vier jaar verkoopt Mike heroïne en ­cocaïne aan cliënten die met een verslaving kampen. Formeel komt hij bij de zorgverlener over de vloer omdat hij zelf ook met een aantal problemen worstelt. In de praktijk hangt hij dagelijks van negen tot vijf in het pand rond om harddrugs te slijten. De leiding van de NAS laat hem hierbij bewust zijn gang gaan en heeft zelfs een monopoliepositie voor hem gecreëerd door concurrerende handelaars consequent uit het gebouw te weren. Zo wil de NAS voorkomen dat verslaafden de straat op moeten voor hun drugs, wat onveiligheid en overlast met zich mee kan brengen. Het bestaan van deze constructie, die wettelijk verboden is, wordt door acht bronnen onafhankelijk van elkaar bevestigd.

Hoewel Mike al geruime tijd als huisdealer fungeert, kwam er nooit iets over naar buiten.

Nu luiden medewerkers en (ex-)cliënten van de NAS de noodklok. Mikes activiteiten, zeggen ze tegen de Volkskrant, vormen een bedreiging voor de gezondheid van de honderden Rotterdammers die jaarlijks bij de organisatie aankloppen en staat effectieve zorg in de weg. De leiding van de NAS, die bestaat uit een bestuursvoorzitter en vijf teamchefs, zou geen controle uitoefenen op de werkwijze van Mike. Klachten van het personeel over de constructie zouden door de leiding zijn genegeerd. Met als gevolg dat werknemers, in hun eigen woorden, ‘blijven dweilen met de kraan open’.

Veilige haven

Een ‘veilige haven’, een ‘herberg’, een ‘oase’: de omschrijvingen die voorbijkomen op de website en in documenten van de NAS laten geen misverstand bestaan over de functie die de organisatie wil vervullen.

Sinds 2007 biedt de NAS, die zo’n 140 betaalde krachten in dienst heeft, uiteenlopende vormen van zorg aan Rotterdammers van wie het leven in een neerwaartse spiraal is beland. In de woonkamer van het pand in de Vijverhofstraat worden ’s avonds bedden uitgeklapt voor de nachtopvang van daklozen. In de kantoortjes achter in het gebouw worden mensen geholpen met hun financiële problemen. De tweede verdieping is ingericht als begeleid woonproject voor zwerfjongeren. En in de gebruikersruimten kunnen drugsverslaafden terecht voor schone injectienaalden waarmee ze ter plekke relatief veilig heroïne kunnen spuiten.

‘Als je bij de NAS binnenstapt, kies je voor een pad dat leidt naar verbetering van jouw situatie’, staat prominent op de website van de organisatie. Om die belofte te kunnen waarmaken ontvangt de NAS jaarlijks zo’n 10,5 miljoen euro aan WMO-gelden (Wet maatschappelijke ondersteuning), gemeentelijke subsidies, vergoedingen en donaties.

Maar uit gesprekken met werknemers en (ex-)cliënten van de NAS, die uit angst voor represailles niet met hun echte naam in de krant willen, rijst een beeld op dat op gespannen voet staat met de missie die de zorgverlener zichzelf heeft gesteld.

Volgens maatschappelijk werkers Evelien en Jessica heeft het gedogen van Mike als huisdealer ertoe geleid dat de kwetsbare mensen die zij en hun collega’s begeleiden nog kwetsbaarder zijn geworden.

‘Ik heb een cliënt die na een lang hulptraject eindelijk van de harddrugs af was’, zegt Evelien. ‘Later werd hij dakloos, belandde hij weer bij de NAS en ging hij binnen de kortste keren opnieuw gebruiken. Niet zo gek als Mike de zakjes zo ongeveer voor je gezicht houdt.’

Ook cliënten zonder harddrugsverleden lopen door Mike het risico aan de heroïne of cocaïne te raken, zegt Jessica. ‘Het begint er al mee dat de daklozenopvang, het woonproject voor zwerfjongeren en de verslaafdenzorg allemaal in hetzelfde gebouw zitten.

De gebruikersruimten grenzen direct aan de huiskamer, dus als je een dakloze of een zwerfjongere bent, zit je voortdurend met je neus op die drugs. Zeker als je leven uitzichtloos lijkt, bijvoorbeeld omdat je grote schulden hebt, wordt het je door de aanwezigheid van Mike wel heel eenvoudig gemaakt om met drugs te beginnen. Ik ken iemand die in het bos is gaan slapen, omdat hij de verleiding bij de NAS te groot vond.’

Gedrag van huisdealer Mike

Ex-cliënten Charlie en Vincent, die beiden maandenlang als daklozen in de nachtopvang van de NAS verbleven, bevestigen dat ze als niet-gebruikers hinder ondervonden van Mike.

Charlie: ‘Met zo’n huisdealer die de hele dag loopt te schreeuwen, moest ik enorm oppassen dat ik zelf ook niet aan de drugs ging.’

De Vijverhofstraat in Rotterdam. Beeld Arie Kievit
De Vijverhofstraat in Rotterdam.Beeld Arie Kievit

Vincent: ‘Mike loopt al vanaf negen uur ’s ochtends te dealen. Ik heb daarover mijn beklag gedaan bij mijn begeleiders, want ik vond dat de kat op het spek binden. Daar werd niks mee gedaan, de dealer is heilig bij de NAS.’

Ook verslaafde cliënten die willen afkicken, hebben het volgens Jessica lastig bij de organisatie. ‘Zij worden vaak door Mike onder druk gezet om te blijven gebruiken. Dan zegt hij dat ze niet zo’n ‘pussy’ moeten zijn.’

Afzonderlijk van elkaar vertellen Evelien en Jessica hoe intimiderend de huisdealer zich kan opstellen, bijvoorbeeld door verslaafden die geen drugs bij hem willen kopen de toegang tot de gebruikersruimten te ontzeggen, cliënten die niet meteen kunnen betalen woekerrentes te rekenen, gebruikers van wie hij nog geld tegoed meent te hebben te dwingen hun bezittingen af te staan, of zijn broer Glenn huisbezoeken te laten afleggen om met enige pressie achterstallige rekeningen te vereffenen.

Wie dit aan den lijve heeft ondervonden is Angelo, die als cokeverslaafde onder behandeling staat bij de NAS en daar naar eigen zeggen al sinds 2017 klant is van Mike. Hij heeft geen goed woord voor de huisdealer over. Mike pikte ooit zijn pinpas, zijn horloge en zijn fiets in omdat hij hem geld verschuldigd was. Volgens de administratie van Mike, althans. ‘Hij belazert je voortdurend. Krijgt hij nog honderd euro van me, zegt hij dat het honderdvijftig is. Ondertussen weet hij meer van mijn inkomsten dan ik. Dan komt hij naar me toe en zegt hij: ‘Je zorgtoeslag is toch binnen? Wil je niet wat kopen?’

Wat Angelo vooral steekt, is dat de drugs van Mike volgens hem vaak van beroerde kwaliteit is. ‘Omdat hij een monopoliepositie heeft, zijn we als gebruikers allemaal afhankelijk van hem. Maar in veel gevallen is het gewoon troep wat hij ons aansmeert. Ik ben er laatst nog drie dagen ziek van geweest.’

Volgens Angelo hebben sommige van zijn verslaafde vrienden er vanwege Mike voor gekozen om hun heroïne elders te halen en weer thuis te gaan spuiten. ‘En daar hebben ze natuurlijk geen schone naalden.’

De Pauluskerk

De Nico Adriaans Stichting is niet de eerste zorgorganisatie voor harddrugsverslaafden met een huisdealer. De Rotterdamse Pauluskerk had er in de jaren negentig al eentje, maar is daar op last van Leefbaar Rotterdam en de VVD in 2007 mee gestopt. Ook verslavingscentra in Amsterdam en Groningen hebben er in het verleden mee geëxperimenteerd.

Volgens het Trimbos-instituut, dat onderzoek doet naar drugsgebruik, zijn er ‘meerdere’ zorgverleners die over hun eigen dealer beschikken. Namen wil woordvoerder Daan van der Gouwe niet noemen. ‘Dan komen ze in de problemen.’

Desgevraagd laten organisaties als Jellinek, Tactus, Brijder, Novadic-Kentron en de Regenboog Groep, die samen tientallen locaties voor verslavingszorg in heel Nederland beheren, tegenover de Volkskrant weten dat het in elk geval niet om hen gaat.

De Nico Adriaans Stichting vangt mensen op die dakloos, verslaafd of psychisch ziek, of een combinatie daarvan. De mannen op deze foto komen niet in het verhaal voor. Beeld Arie Kievit
De Nico Adriaans Stichting vangt mensen op die dakloos, verslaafd of psychisch ziek, of een combinatie daarvan. De mannen op deze foto komen niet in het verhaal voor.Beeld Arie Kievit

Van der Gouwe, die wel wil bevestigen dat hij ermee ‘bekend’ is dat ‘de NAS een dealer heeft’, noemt het ‘niet verrassend’ dat sommige zorgverleners zo’n constructie overgaan. ‘Je kunt wel toestaan dat er gebruikersruimten zijn waar je veilig drugs kunt gebruiken, maar daarmee haal je de handel en de daarmee gepaard gaande overlast nog niet van de straat. Uit het oogpunt van de volksgezondheid en de openbare orde valt er dus wel iets voor zo’n huisdealer te zeggen.’

Frans, al jaren cliënt bij de NAS, ervaart inderdaad een voordeel van de aanwezigheid van Mike. ‘Hij houdt alles onder controle en zorgt ervoor dat iedereen binnen kan blijven. Daardoor is het rustiger in de wijk. En dat was precies de bedoeling.’ Een ander argument dat voorstanders van een huisdealer aandragen, is dat je verslaafden meer veiligheid kunt bieden en de kwaliteit en de prijs van de drugs op peil kunt houden.

Maar zelfs als ook aan die voorwaarden zou worden voldaan, wat nu bij de NAS niet het geval lijkt, ziet Patrick Van der Jagt nog altijd meer nadelen dan voordelen van een huisdealer. Van der Jagt, beter bekend als ‘Caveman’, vond met hulp van de NAS een woning. Hij geniet landelijke bekendheid sinds hij in 2018 meedeed aan het RTL-programma The Rotterdam Project, waarin Beau van Erven Dorens daklozen volgt in hun pogingen om van de straat te komen. ‘Wat verslaafden nodig hebben, is een verbetering van hun zelfbeeld’, zegt hij. ‘Door een huisdealer toe te staan, zeg je in wezen: je bent verslaafd en je blijft verslaafd, leg je er maar bij neer. Je geeft mensen gewoon op. Ik ben nu na jaren drugs te hebben gebruikt eindelijk clean. Gelukkig heb ik nooit bij de NAS in de opvang gezeten, want als ik voortdurend met een huisdealer zou zijn geconfronteerd, was me dat nooit gelukt.’

De onvrede

Dit voorjaar was voor verschillende medewerkers van de NAS de maat vol. Tijdens een vergadering deelden ze hun bezwaren over de negatieve invloed van Mike met een teamchef. Evelien: ‘We kregen te horen dat dit nu eenmaal het beleid was om problemen met andere dealers tegen te gaan. Dat er officieel niets op papier staat, maar dat de bestuursvoorzitter goede afspraken heeft gemaakt met Mike over wat er wel en niet kan.’

In de besluitenlijst over de vergadering werd de discussie als volgt samengevat: ‘Gesproken over het gedoogbeleid en huisdealer bij de NAS. Mochten er problemen zijn, dit graag bespreken met Siavash (een andere teamchef, red.).’

Volgens Evelien heeft Mike zelf ook verklaard dat er afspraken zijn gemaakt over zijn rol als huisdealer. ‘Hij vertelde mij dat hij hierover voortdurend contact over heeft met het bestuur. En dat hij zijn broer Glenn, die hier ook cliënt is, soms in zijn plaats laat dealen.’

Ze noemt het ‘wrang’ dat Mike een zorgtraject bij de NAS krijgt ter waarde van, zo blijkt uit interne documenten, zo’n 13 duizend euro per jaar aan WMO-gelden. Ook vindt ze het onbegrijpelijk dat de organisatie toestaat dat hij een inkomen vergaart als huisdealer, terwijl hij daarnaast een bijstandsuitkering ontvangt. ‘Als maatschappelijk werkers worden we geacht tegen onze cliënten te zeggen dat ze niet zwart mogen bijverdienen naast hun uitkering omdat ze anders uit hun schuldhulptraject worden gegooid. Mike komt er mee weg.’

Op 28 mei maakte Jessica anoniem melding van de constructie via Rotterdamzorgfraude.nl, een website van de gemeente Rotterdam. Anderhalve maand later brachten twee gemeentemedewerkers een twee uur durend bezoek aan de NAS om met personeelsleden en cliënten te praten. ‘We hebben het signaal over de aanwezigheid van een huisdealer niet kunnen bevestigen’, aldus een woordvoerder. Ook de wijkagent zou geen signalen ontvangen hebben.

Op een bankje bij de ingang van de Nico Adriaans Stichting (NAS). De mannen komen niet voor in het verhaal. Beeld Arie Kievit
Op een bankje bij de ingang van de Nico Adriaans Stichting (NAS). De mannen komen niet voor in het verhaal.Beeld Arie Kievit

De bestuursvoorzitter

In haar spreekkamer op de tweede verdieping van het pand in de Vijverhofstraat is bestuursvoorzitter Anita Schaaij uiterst stellig: dat haar organisatie een gedoogbeleid voor harddrugs zou hanteren is pertinent onwaar. ‘Natuurlijk, er gebeurt hier wel eens wat. Maar we hebben hier zeker geen huisdealer.’

Getuigenissen waarin het tegendeel wordt beweerd, doet ze af als roddel, rancune, misverstanden of opschepperij. De gedachte dat de NAS er belang bij heeft om de verklaringen tegen te spreken omdat de organisatie anders haar subsidies zou kunnen verliezen, veegt Schaaij van tafel. ‘Ik vertel gewoon het eerlijke verhaal. We hebben hier te maken met harddrugsgebruikers, dus ik kan niet helemaal uitsluiten dat hier soms wordt gedeald. Maar we zitten er bovenop, en als we het zien, grijpen we in.’

Ook de teamleider die dit voorjaar de vergadering voorzat waarin medewerkers van de NAS hun grieven deelden over Mike, is resoluut: ‘Het is absoluut niet op die manier in de vergadering besproken. We hebben hier geen gedoogbeleid.’

Mike zelf lijkt aanvankelijk aan de telefoon iets toeschietelijker. ‘Huisdealer? Ik weet niet wat ik hier over kan zeggen. Daarvoor moet je bij het bestuur zijn.’ Maar later in het gesprek zegt hij: ‘Ik ben geen huisdealer. Ik koop weleens wat drugs voor een tientje en dat verkoop ik dan bij de NAS voor twintig euro door. Maar meer ook niet.’ Op aantijgingen over intimidatie wil hij niet ingaan.

Dat de werkelijkheid wellicht toch iets weerbarstiger is, blijkt op een maandagochtend, als Mikes broer Glenn het gebouw van de NAS uitkomt en iets verderop een ontmoeting heeft met een gebruiker. Open en bloot wisselen een zakje met inhoud en een eurobiljet van eigenaar. Als Glenn direct daarna door de verslaggever van deze krant wordt aangesproken, in de veronderstelling dat hij Mike is, antwoordt hij: ‘Nee, ik ben zijn broer. Wil je iets kopen? Bij mij kun je ook alles krijgen.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden