Een heel leven lang de man van Big City

Het nummer zat hem in het bloed. Tol Hansse, de man van 'Big City', overleed maandag op 62-jarige leeftijd na een langdurige ziekte....

HET LIED Big City (Waar ter wereld ik ook kwam/ Nimmer trof ik zo een bende/Als in 't oude Amsterdam/ Welgelegen aan het IJ/ Leven zij daar vrij en blij) had eigenlijk een plekje verdiend in de tv-documentaireserie Single Luck. Daarin werden eenmalige hoogtepunten van muziekartiesten belicht. In 1978 scoorde tekstdichter/zanger Tol Hansse een monsterhit met dat rap-achtige nummer over Amsterdam, met doeltreffend simpele, stuwende muziek van Clous van Mechelen.

De tekst zit zo goed in elkaar, dat cynici fluisterden dat Tol Hansse waarschijnlijk nog iets in de la had gevonden van zijn befaamde vader Jacques van Tol. Deze had voor de oorlog zijn talenten in dienst gesteld van Louis Davids en schreef tijdens de oorlog briljante/vunzige teksten voor het NSB-radiocabaret Paulus de Ruiter. Ondanks de naamwijziging van Hans van Tol naar Tol Hansse is de zoon nooit helemaal losgekomen van zijn vader. Hij heeft het dubieuze verleden van pa altijd gerelativeerd: 'Hij had, net als ik, geen flauw benul van politiek. Hij was broodschrijver.'

Hans van Tol, die de afgelopen jaren een petit-histoire column schreef in het Noord-Hollands Dagblad, is maandag op 62-jarige leeftijd na een langdurige ziekte overleden.

Ruim twintig jaar na zijn finest hour weerklonk nog een vage echo toen de bewoners van het Big Brotherhuis het lied met een aangepaste tekst naar de toptien krijsten. En vorig jaar nog werd een bewerkte versie door Jenny Arean en Marjan Luif gezongen als protest tegen de voorgestelde deelraad voor het centrum van de hoofdstad.

Het waren allemaal afgeleide succesjes, want na Big City, afkomstig van de LP Tol Hansse moet niet zeuren wilde het als zanger/tekstdichter niet echt meer lukken. Zijn volgende twee albums die eind jaren zeventig uitkwamen, In de bocht en Ha, ha, ha, ik lach me dood, en zijn werkstukken (muziek en theater) uit de jaren negentig bleven hangen in de marge. Zijn optredens in discotheken, feesttenten en studentensociëteiten begon en eindige hij altijd met Big City. Zonder enige gêne gaf Van Tol toe dat hij in het verleden was blijven hangen.

Na vier jaar conservatorium (trompet en piano) trad Van Tol tot 1964 op in de Amsterdamse rockgroep The Sharks, waarin ook Clous van Mechelen speelde.

Toen het na Big City al weer snel stil werd rond Hans van Tol ging hij meer tijd besteden aan zijn schilderwerk, waar hij op zijn zeventiende al mee was begonnen. Ook al woonde hij al vele jaren in Heerhugowaard, de schilderijen waren meestal gebaseerd op zelfgemaakte foto's van Amsterdamse stadstaferelen. Big City is nooit uit zijn bloed verdwenen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.