Een groene megasingel langs de Randstad

De Hollandse Waterlinie is mondiaal een unicum, want 'nergens ter wereld is water op zo'n manier als verdedigingsmiddel gebruikt'. Na jaren van verwaarlozing wordt nu geprobeerd de forten langs de linie nieuw leven in te blazen: als toeristische en recreatieve attracties....

Boven het Lekkanaal bij Nieuwegein hangt een betonnen schoenendoos. Het blinde gevaarte meet een slordige twintigduizend kubieke meter. 'Een echt landmark', grinnikt Leny van Vliet, manager bij het projectbureau Nieuwe Hollandse Waterlinie. 'Alleen weet vrijwel niemand wat het is.'

Van alle wonderlijk bouwsels die de Nieuwe Hollandse Waterlinie heeft voortgebracht, spant de 'plofsluis' de kroon. De bak bij de Beatrixsluizen was het militair-strategische antwoord op de aanleg van het Amsterdam-Rijnkanaal. De waterweg dreigde een enorm lek te slaan in de Waterlinie. Inundatiegebieden zouden bij onderwaterzetting pardoes kunnen leeglopen in het kanaal. Dus verzon defensie in 1934 een met zand, grind, puin en explosieven gevulde versperring, die de overloop met een klap kon dichten.

'Geploft' heeft het nimmer boven het Lekkanaal, of het zouden de activiteiten moeten zijn van de plaatselijke schietvereniging, die sinds enige tijd domicilie houdt in de betonnen bak.

Handvuurwapens waren niet de defensieve kracht van het aan de Loosdrechtse Plassen gelegen Fort Spion. Vanuit Loosdrecht is de goed gecamoufleerde stelling nauwelijks waarneembaar. Dankzij de verscholen ligging konden de zeventig manschappen in tijden van nood met zwaar geschut 'een onuitdoofbaar en praktisch ondoorschrijdbaar vuur' op de vijand loslaten.

Wie tegenwoordig het uit 1840 stammende fort aandoet, wacht eveneens een warm onthaal, zij het van een andere soort dan de bevelhebbers van de Vesting Holland voor ogen stond. Het fort is sinds drie jaar in gebruik als overnachtingsplaats voor wandelaars en fietsers.

Met het zweet op het voorhoofd heet fortwachter Martijn Salet de bezoeker welkom. 'Ik heb net beton staan storten', excuseert hij zich. Vijf jaar geleden betrok Salet het fort. Stukje bij beetje wist hij lijn te brengen in 'de gribusbende' die het fort na jaren van verwaarlozing was geworden. De autoriteiten begroetten het initiatief welwillend, maar het opknappen is tot vandaag een kwestie van 'liefdewerk oud papier'. 'Met de mini-camping kunnen we hoogstens wat potjes verf betalen', zegt Salet.

Een korte rondgang leert dat het hermetische karakter van de vesting een toeristische uitbating niet in de weg hoeft te staan: de kruitkamer is omgetoverd tot een tweepersoonsslaapkamer en de buitenring doet dienst als kampeerplek. In het schootsveld van de mitrailleurspost markeren houten kruizen de aanwezigheid van enkele langkampeerders. Met het militaire verleden heeft het knekelveldje niets van doen, haast Salet zich te zeggen. 'Er ligt wat kleinvee begraven. Een van de haantjes is laatst door een buizerd gegrepen. Tja, we zitten hier echt midden in de natuur.'

Salets groene paradijsje mag zich verheugen in een groeiende belangstelling, zeker nu langs de Waterlinie een meerdaagse wandelroute is uitgezet. Waar wandelaars welkom zijn, worden luidruchtige vormen van vermaak door Salet geweerd. 'Er wordt veel gevraagd naar faciliteiten voor bruiloften en partijen, maar aan die flauwekul doen we niet mee', zegt hij resoluut.

Recreatief hergebruik van de forten is precies wat het projectbureau Nieuwe Hollandse Waterlinie voor ogen staat. Het bureau wordt geacht de in onbruik geraakte verdedigingslinie nieuw leven in te blazen. Dat de Waterlinie een mondiaal unicum is, staat volgens projectmanager Van Vliet buiten kijf. 'Nergens ter wereld is water op zo'n manier als verdedigingsmiddel gebruikt', stelt hij.

De geschiedenis van water als wapen voert terug tot de Tachtigjarige Oorlog, maar pas in de negentiende eeuw kreeg het idee de vorm van een strategisch totaalconcept. Bij dreiging van over de landsgrenzen kon het hele gebied tussen Muiden en Gorinchem dankzij een vernuftig systeem van sluizen, dammen en dijken onder water worden gezet. Dunne plekken op de linie werden versterkt met reusachtige fortificaties.

Het verdedigingswerk raakte na de Tweede Wereldoorlog in onbruik. Blitzkrieg en luchtmobiele oorlogsvoering hadden onherstelbare gaten geslagen in het vertrouwen in de linie. Onbedoeld neveneffect van de verwaarlozing was dat de natuur op veel plekken de vrije hand kreeg. Mede hierdoor is de Waterlinie volgens Van Vliet geknipt als 'groene megasingel langs de Randstad', waar kleinschalige recreatie en natuurontwikkeling hand in hand gaan.

Natuurvorser Jac. P. Thijsse was een van de eersten die de ecologische waarde van de waterlinie in kaart trachtte te brengen. Zijn timing was ietwat ongelukkig. Toen hij in 1915 op pad ging, verkeerde de linie vanwege de Eerste Wereldoorlog in staat van paraatheid. Oplettende soldaten vonden Thijsses notities en schetsboekjes dermate verdacht dat hij werd aangehouden.

De historische folklore van de Waterlinie wil dat buitenlandse spionnen rond de eeuwwende bij bosjes langs de Waterlinie zwierven. Tot hun favoriete maskerades hoorden vermommingen als toerist, kunstschilder of verzekeringsagent.

De buitenlandse belangstelling ten spijt is voor de meeste Nederlanders de Waterlinie decennialang een blinde vlek geweest. Typerend is het Natuurdagboek dat Nescio - naast auteur ook een verwoed wandelaar - tussen 1946 en 1955 schreef. Wanneer hij het gebied rond Nieuwersluis verkent, rept hij met geen woord over de ontelbare bunkers die als betonnen molshopen boven de weilanden uitsteken. Wel maakt Nescio notitie van 'kleine lammetjes, crocussen en in Kortenhoef een citroenvlindertje'.

De natuur in het Waterlinie-gebied heeft - zoals de naam al doet vermoeden - veelal een nat karakter. Het trilveen en moerasland rond Loosdrecht oogt als een Nederlandse variant van de Everglades. Tussen de lisdodden en waterlelies ontwaart de liefhebber zeldzame plantensoorten als het moeraskartelblad en slanke wollegras. En langs het wandelpad over de Kromme Rade zijn grijze ganzen, zwarte sternen en roerdompen neergestreken.

De betovering duurt slechts enkele kilometers. Bij Oud-Loosdrecht wordt de weg weer in bezit genomen door auto's, brommers en bussen. Hetzelfde euvel doet zich ook voelen op andere delen van het 180 kilometer lange Waterliniepad. Voor de toekomst staan meer wandelkilometers in ongerept gebied gepland, maar vooralsnog voert het traject grotendeels over de openbare weg.

Rond Utrecht raakt het Waterliniepad vrijwel volledig verstrikt in de stedelijke rafelrand. In de hoogbouwwijk Overvecht zijn de forten opgeslokt door de stad die ze ooit beoogden te beschermen. Fiere torenforten worden gekleineerd door de omringende flats. Hun in zichzelf gekeerde bestaan maakt de forten tot ideale hangplekken, leert een affiche dat de Stichting Het Utrechts Landschap tegen de pui van Fort De Gagel heeft geplakt. Van vleermuizen wel te verstaan.

De stadsuitbreiding aan de oostzijde van Utrecht is nauw verbonden met de teloorgang van de Waterlinie. Ooit was woningbouw taboe binnen de zogeheten Verboden Kringen - bedoeld om het schootsveld rond de forten vrij te houden - maar met het opheffen van de militaire bestemming kregen stadsontwikkelaars vrij spel.

Het Utrechtse universiteitscentrum De Uithof is vrijwel volledig op voormalig verboden gebied gebouwd. Voor nieuwbouwwijk Lunetten geldt hetzelfde. De meest recente bedreiging voor de Waterlinie vormen de plannen van de gemeente Nieuwegein voor de ontwikkeling van een bedrijfsterrein.

Toch constateert Van Vliet een geleidelijk eerherstel voor de Waterlinie. De linie staat zelfs op de nominatie om opgenomen te worden op de Unesco-lijst van Werelderfgoederen. Een dergelijke stap zou schrijver F. B. Hotz plezier hebben. In zijn bundel Dood weermiddel (1976) treft de lezer een loflied op de 'gedisciplineerde lijnen' en 'klare, zinvolle vormen' van het verdedigingswerk. Langs de Waterlinie, zo betoogt een van de personages van Hotz, is de verbeelding aan de macht, want wat zijn de fortificaties anders dan 'dingen die de geest stelt in het landschap'?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden