Een Griekse schaakpartij

Vijftig jaar geleden eindigde de Griekse burgeroorlog met een massale emigratiegolf. Pas tien jaar geleden kregen deze Grieken in den vreemde een oproep terug te keren naar hun land....

ALS DE Spaanse Burgeroorlog (1936-1939) een voorbode was van de Tweede Wereldoorlog, was de Griekse (1943-1949) die van de Koude Oorlog. Hoewel vooral interne spanningen het verloop van het conflict bepaalden, interpreteerden de Britten en de Amerikanen het Griekse drama als een lokaal product van hun krachtmeting met de Sovjet-Unie. Daarom werd steeds benadrukt dat het linkse Griekse verzet steun van Moskou ontving. Ook al waren er bewijzen genoeg van het tegendeel.

Zoals in de zomer van 1944. Nog voor de overhaaste aftocht van de Duitse bezetters in oktober landt een militaire delegatie uit de Sovjet-Unie bij het hoofdkwartier van het Griekse communistische Nationaal Bevrijdingsfront (EAM). Kolonel Gregori Popov geeft de Griekse kameraden te verstaan dat zij akkoord dienen te gaan met elke eis van de Griekse nationale regering-in-ballingschap die in Caïro is gevormd. 'Een gewapende bende, die geen hulp verdient', rapporteert hij over de EAM aan Moskou.

Van een interne aangelegenheid is dan al geen sprake meer. Griekenland wordt, zoals zo vaak in zijn geschiedenis, een pion op het schaakbord van de buitenlandse mogendheden. Wat begon met de fascistische dictatuur van generaal Metaxas in de jaren dertig, loopt onder de Duits-Italiaanse bezetting (1941-'44) uit op een onderlinge strijd tussen verzetsbewegingen en culmineert ten slotte in een burgeroorlog (1944-'49).

De vooroorlogse polarisatie tussen links en rechts, waarin het hof en het leger de boventoon voeren, leidt na de Duitse bezetting in 1941 tot collaboratie van rechts met de nazi's. Uit het verslagen Griekse leger en de politie recruteren de Duitsers zogeheten 'veiligheidsbataljons', die huishouden onder de bevolking. Vooral de collaboratie van de rechts-conservatieven drijft velen, ook niet-communisten, in de armen van de door de communistische partij gecontroleerde militaire vleugel van het Bevrijdingsfront EAM, de verzetsbeweging ELAS.

Deze militante ELAS maakt niet alleen het leven van de Duitsers zuur, maar tracht, net als Tito in het naburige Joegoslavië, de alleenheerschappij te veroveren. Dat lukt met uitzondering van de niet-communistische beweging EDES, die door de Britten wordt gesteund. Eén keer werkten ELAS en EDES samen. In november 1942 helpen zij een Britse sabotagegroep bij het opblazen van het spoorwegviaduct over de Gorgopotamos, waarover het Afrika-korps van generaal Rommel wordt bevoorraad.

Bij het overhaaste vertrek van de Wehrmacht in oktober 1944 - de Duitse troepen zijn geïsoleerd geraakt na de capitulatie van Italië in september 1943 en de nederlagen tegen het Rode Leger op de Balkan - controleert ELAS driekwart van Griekenland. In dit autonome gebied regeert een schaduwbestuur en worden in 1944 zelfs verkiezingen gehouden.

De Britse premier Churchill en in zijn kielzog de Amerikaanse president Roosevelt maken zich zorgen. Zou Griekenland communistisch worden en verloren gaan als bevriende natie gelegen aan de zeeroute naar en van het Britse imperium? Of, zoals de Amerikanen vrezen, wegvallen als buffer tegen de Sovjet-Unie met alle gevolgen voor de bereikbaarheid van de olievoorraden in het Midden-Oosten.

Intussen boekt ELAS, 16 duizend man sterk, successen in de strijd tegen de veel kleinere EDES (3000 man). Door de capitulatie van het Italiaanse leger krijgt ELAS zware wapens en tientallen vrachtwagens in handen en wordt EDES teruggedrongen tot het Epirus-gebergte in Midden-Griekenland. Met een Duitse nederlaag in het verschiet lijkt het communistische verzet op een militaire en politieke zege af te stevenen.

Het bezoek van de Sovjet-delegatie in zomer 1944 confronteert ELAS met de harde feiten van de internationale politiek. Wat de Griekse communisten niet weten, is dat Churchill al in mei het beruchte 'percentage-akkoord' met Stalin heeft gesloten. Dat akkoord zegt dat Roemenië en Bulgarije voor negentig procent onder Sovjet-invloed zullen vallen en Griekenland voor hetzelfde percentage onder Britse.

Hoewel de Sovjet-retoriek anders doet vermoeden, steunt Stalin in feite het Britse initiatief voor een conferentie in Libanon waaraan alle Griekse partijen deelnemen. Een regering van nationale eenheid, waarin links eenvierde van de (onbelangrijkere) ministersposten krijgt, is het resultaat. Links krijgt de toezegging dat koning George II, ook door niet-communisten gehaat wegens zijn steun aan Metaxas, niet eerder naar Griekenland mag terugkeren dan na een referendum.

Tegen het machtsvacuüm dat na het vertrek van de Duitsers ontstaat, blijkt de regering van communisten, fascisten, monarchisten en republikeinen niet bestand. Britse troepen landen in september op de Peloponnesos en trekken op 13 oktober Athene binnent. Vier dagen later arriveert later de Griekse regering. Per schip. De ministers gaan pas een dag later van boord, want ze zijn ervan overtuigd dat dinsdag een ongeluksdag is; op een dinsdag in 1453 werd Constantinopel door de Turken veroverd.

Tevergeefs. Behalve over allerlei praktische problemen raken regering en ELAS ook in conflict over de ontwapening van de guerrillalegers. De EAM-leden verlaten uiteindelijk het kabinet. Een massabetoging in Athene op 3 december, waartoe EAM oproept, loopt uit op een bloedbad. Politiebureaus worden aangevallen. Hevige straatgevechten tussen Britse troepen en eenheden van ELAS volgen. De Britten herstellen ten slotte met grote moeite de orde.

Londen weet koning George tot aftreden te bewegen, want de regering-Churchill is ervan doordrongen dat de positie van de koning het obstakel is voor de vorming van een 'stabiele regering'. In afwachting van een referendum over de monarchie wordt hij vervangen door een regent, aartsbisschop Damaskinos van Athene.

Op 11 januari 1945 accepteert ELAS de Britse voorwaarden voor een wapenstilstand. Athene, Piraeus en Thessaloniki worden ontruimd. De guerrillastrijders trekken zich in de bergen terug. Griekenland maakt zich op voor het laatste bedrijf, waarin de Britten, bij gebrek aan financiële middelen, het toneel verlaten en de Amerikanen na lang aarzelen hun plaats innemen.

Zwakke regeringen wisselen elkaar af en het Varkiza-akkoord van 12 februari 1945 vermag geen einde te maken aan de broederstrijd. Churchill blijft vasthouden aan een hoofdrol voor de koning en laat de communisten weten dat Stalin akkoord is gegaan met de Britse interventie en dat zij dus niet op Sovjet-hulp hoeven te rekenen. Moskou zendt een boodschap met dezelfde inhoud naar de Griekse kameraden.

Onder leiding van de inmiddels legale communistische partij, onder leiding van de uit het concentratiekamp Dachau teruggekeerde Mikos Zachariadis, wordt begonnen met ontwapening van ELAS-eenheden in ruil voor een amnestie voor 'politieke' misdrijven. 'ELAS heeft gecapituleerd', stelt de Amerikaanse geheime dienst vast. In de loop van 1945 maakt links bekend dat na het Varkiza-akkoord vijfhonderd ELAS-leden zijn vermoord en 20 duizend voormalige leden zijn gearresteerd en geïnterneerd door het leger en rechtse extremisten.

Verzwakt door de Tweede Wereldoorlog trekt het inmiddels door socialisten geregeerde Engeland zich terug na verkiezingen eind maart 1946. Deze verkiezingen worden gecontroleerd door Britse, Amerikaanse en Franse waarnemers. De Sovjet-Unie weigert waarnemers te sturen en Griekse communisten boycotten de stembus. Rechts krijgt 55 procent van de stemmen. Later geeft de communistische partij toe dat haar boycot onverstandig was.

De verkiezingen blijken de laatste kans voor een evolutie naar vreedzame verhoudingen. De wraakzucht van rechts wordt door de verkiezingsuitslag en de volksraadpleging daarna over de terugkeer van de koning (68 procent is vóór) niet getemperd. Het land glijdt af naar de derde en laatste fase: een regelrechte burgeroorlog. Aanvankelijk boekt ELAS met guerrillatactieken nog successen tegen het moreel veel zwakkere Griekse leger. Maar als president Truman het Amerikaanse Congres weet te overtuigen van de noodzaak van militaire hulp aan Athene en ELAS overmoedig overgaat tot conventionele oorlogvoering tegen het steeds sterkere leger, keert het tij.

De teerling wordt geworpen als de Joegoslavische president Tito in 1948 door Moskou uit de Komintern wordt gestoten. Tito sluit in juli 1949 de grens met Griekenland en ontruimt de ELAS-bases in zijn land. In de nazomer van 1949 worden de laatste ELAS-strijders over de bergen naar Albanië gejaagd. Tienduizenden Grieken zullen nog jaren in interneringskampen gevangen zitten. Honderdduizend anderen emigreren of mogen niet terug. Het zal veertig jaar duren voordat de socialistische regering van premier Andreas Papandreou deze verstoten Grieken oproept naar huis terug te keren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden