Een goed plein voor een revolutie

Lang geleden, in 1969, scoorde de Britse popgroep Thunderclap Newman een nummer-één-hit over hoe het voelt om een revolutie mee te maken: Something in the air. Die Britten hadden nooit een revolutie meegemaakt. Maar ze hadden de 'magische sfeer' gevangen. In de communistische dictaturen van Oost-Europa werd Something in the air in de illegaliteit eindeloos gekopieerd. Zo kon het dat het twintig jaar na 1969 gedraaid werd op cassetterecorders op revolutiepleinen in Praag en Boekarest. Weer later was het nog te horen in Kiev, tijdens Oranje-revolutie.


Call out the instigator, because there's something in the air


We have to get together sooner or later, because the revolution is here


Er hangt iets in de lucht. Iedereen voelt het. Het moment voor de grote veranderingen is nu echt daar.


Wat mensen op zo'n moment nodig hebben is een plek waar ze kunnen samenkomen. Dat is een plek die iedereen kent en waar voor iedereen plaats is: het belangrijkste plein van de hoofdstad.


Toch is er weinig kans dat zich op de Dam of het Binnenhof binnenkort een volksopstand voltrekt - en niet alleen omdat in Nederland leiders kunnen worden weggestemd. Beide plekken zijn te klein en te knus.


Voor revoluties heb je grote pleinen nodig, pleinen die omringd zijn door machtige gebouwen, pleinen met imposante standbeelden, pleinen waaraan een handjevol mensen zetelt dat over het lot van een hele bevolking beslist. Pleinen dus als het Midan Tahrir ('Bevrijdingsplein') in Caïro, dat van de Hemelse Vrede in Peking of dat van Gheorghiu-Dej in Boekarest. Zo heette het laatste plein tot het volk er op 21 december 1989 de dictator uitjouwde. De huidige naam is Plein van de Revolutie.


Echte revolutiepleinen tellen veel vierkante meters. Met een paar duizend man maak je geen revolutie, je moet met honderdduizenden samen kunnen komen. In Nederland heb je die ruimte op het Museumplein, dat niet voor niets werd uitverkoren voor de gebeurtenis die in een democratie de revolutie qua sfeer waarschijnlijk het dichtst benadert: het collectief ondergaan van een cruciale voetbalwedstrijd. Voor een volksopstand schiet het Museumplein tekort. Een revolutieplein heeft niet alleen een flinke oppervlakte, het is ook omgord met machtige gebouwen.


Met 'machtige' architectuur wordt doorgaans 'imposante' archtectuur bedoeld. Maar het adjectief machtig verraadt vaak iets over de reden waarom die bouwwerken imposant zijn: omdat ze werden opgetrokken voor de machtigen, om hen te huisvesten, om hen de macht te laten uitoefenen of om hun macht te symboliseren. Zo'n gebouw was bijvoorbeeld de Bastille, die op 14 juli 1789 niet toevallig werd bestormd. De lijst van vijanden die de Lodewijken hier hadden opgesloten was even imposant als het bouwwerk zelf. Het was verworden tot een symbool van alleenheerschappij en onderdrukking.


Op de restanten van de Bastille (de contouren zijn nog zichtbaar aan de afwijkende steensoort op de Place de la Bastille) zullen betogers hun woede niet meer koelen, zoals ze ook niet naar Versailles zullen trekken. Machtige gebouwen zonder machtigen verliezen hun functie van revolutiemagneet.


Het gebouw van de Tweede Kamer loopt ook amper risico. Het is niet alleen weinig imposant, het is ook geen plek van harde macht. Het Torentje boezemt evenmin angst in, daarvoor had het minstens De Toren moeten heten.


Blikken van angst en argwaan werden wel geworpen op het Gebouw van het Centraal Comité aan het Gheorghiu-Dej Plein in Boekarest, bestormd in 1989, op het Servische parlementsgebouw aan het Nikola Pasic Plein in Belgrado, bestormd in 2000, op het Georgische parlementsgebouw aan de Rustaveli Boulevard in Tbilisi, bestormd in 2003.


In functionerende democratieën verspreidt de macht zich doorgaans over mensen en locaties. In dictaturen en 'democraturen' concentreert de macht zich niet alleen in handen van grote leiders, maar ook in grote gebouwen.


De leiders zijn het beste als de bevolking nauwelijks weet van hun bestaan, wisten de taoïsten al in de 6de eeuw voor Christus. In een variatie daarop kun je stellen dat landen er het beste aan toe zijn als de bevolking niet weet in welke gebouwen macht wordt uitgeoefend. Roemenen, Serviërs en Georgiërs wisten het in het recente verleden wel. Chinezen, Syriërs en Egyptenaren weten het nog steeds.


Er zijn nogal wat overeenkomsten tussen het voormalige Gebouw van het Centraal Comité in Boekarest, de Nationale Assemblée in Belgrado en het Georgische parlement in Tbilisi. Stuk voor stuk zijn het strakke, tussen 1930 en 1950 door niet of nauwelijks democratische regimes opgetrokken neoklassieke bouwsels. Tot hun bestorming was het volk hier alleen in naam vertegenwoordigd. Hun façades pasten bij despotisme. Ze werden het doelwit van betogers toen die met hun angst voor de regimes ook die voor de gebouwen waren kwijtgeraakt. Op golven adrenaline stormden ze naar binnen.


Op 21 december 1989 keek de Roemeense leider Ceau¿escu op het balkon van het Centraal Comité uit over het imposante plein dat vernoemd was naar Gheorghe Gheorghiu-Dej, zijn stalinistische voorganger. Ceau¿escu had zich op deze plek zo vaak laten toejuichen dat het betreden van het balkon moet hebben geleken op het opzetten van een grijs gedraaide plaat: je weet wat je te horen krijgt. Op 21 december 1989 transformeerde de slogan Ceau¿escu si poporul! ('Ceau¿escu en het volk') in Ceau¿escu dictatorul! ('Ceau¿escu dictator'). Ceau¿escu's verbijsterde blik ging de hele wereld over. Behalve hij was geen enkele Oost-Europese leider eind 1989 nog zo dom zich door het volk te laten toejuichen.


Ook Hosni Mubarak heeft zich de afgelopen week niet door de massa's laten bewonderen. In Caïro wordt wel een slogan gescandeerd die je in december 1989 ook in Boekarest kon horen: 'Het leger is met ons!' En ook in Caïro zijn er die mannen van de staatsveiligheidsdienst in burger die zoveel mogelijk narigheid proberen te creëren.


In Boekarest vielen honderden doden. 'We zagen lijken liggen, maar we hadden geen angst meer. We waren in extase. We leefden op sigaretten en adrenaline', zei mijn oude Roemeense vriend Catalin later over die dagen. Op 22 december vluchtte Ceau¿escu per helikopter vanaf het dak van het balkongebouw aan het plein. Het heet nu het Plein van de Revolutie.


Het is niet alleen door de doden die er vielen dat niemand op dit plein nog door euforische gevoelens wordt overmand. De tragiek van revoluties, of ze nu slagen of mislukken, is dat ze in laatste instantie altijd eindigen met een kater. De tragiek van revolutiepleinen is dat ze van die kater de architectonische belichaming worden. Voor het Tahrir-plein zal geen uitzondering worden gemaakt, ook al heeft de Egyptische revolutie een gunstige afloop.


Want ook in een geslaagde revolutie is aanhoudende extase niet inbegrepen. De extase die je doet voelen dat alles beter wordt als Ceau¿escu, Milosevic, Mubarak weg is. Vroeg of laat stopt de adrenalinepomp en wacht revolutionairen het koude grijze ochtendlicht, de sleur van het gewone leven.


In beroemde revoluties als de Franse (1789), de Russische (1917) of de Iraanse (1979) maakte een ondeugdelijk regime plaats voor een ondeugdelijker. In China (1989) bleef een ondeugdelijk regime in het zadel. In Roemenië (1989) en Georgië (2003) kropen de professionals of power van het regime in het vacuüm dat de leider achterliet. Zo lijkt het ook te gaan Tunesië.


Een mooie en geslaagde revolutie was de Fluwelen in Praag. Een dictatuur maakte plaats voor een democratie. Maar zelfs bij zo'n gunstige afloop voltrekken de verbeteringen in de gewone levens zich hoogstens langzaam.


Dat hevige geluksgevoel krijgt niemand terug. Over popsterren is bekend dat zij vaak na afloop van tournees terugvallen op heroïne ter compensatie van de extase van de optredens. In Oost-Europa kregen veel jongeren onmiddellijk na 1989 een drankprobleem. Egyptische jongeren zullen hun eigen drugs vinden.


In Belgrado was in de lente van 2001, een paar maanden na de val van Milosevic, de volgende slogan gespoten op een muur aan het Nikola Pasic Plein: 'Alles is hetzelfde behalve dat hij weg is'. Dat was niet zo, iedereen kon het zien. Het was de graffiti-weergave van een kater, het plein van de revolutie was nu het plein van het grijze ochtendlicht.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden