Een geitenjongen, een 'maïsfascist'

HET IS EEN koude novemberdag in 1996. Op de Pont des Arts in Parijs probeert een 25-jarige Amerikaanse muzikant wat francs bijeen te spelen in de hoop zijn verblijf in Europa te kunnen verlengen....

Modiano leest het manuscript en niet veel later heeft de jonge Amerikaan een Franse uitgever. In eigen land hadden tientallen uitgevers het ongelezen teruggestuurd: de auteur had verzuimd een literair agent in de arm te nemen en was dus ongeloofwaardig.

De anekdote is ongetwijfeld aangedikt, maar vormt een aardige inleiding bij een bespreking van het boek: Lord of the Barnyard. Het werd in het Nederlands vertaald als Heer onder het gepeupel, de auteur heet Tristan Egolf. In hoeverre het autobiografische elementen bevat, is niet buitengewoon belangrijk, maar het gegeven dat Egolf door Amerikaanse uitgeverijen werd genegeerd aangezien hij zich niet hield aan de conventie dat je je laat vertegenwoordigen door een agent, sluit aardig aan bij het lot van zijn hoofdpersoon.

Die hoofdpersoon heet John Kaltenbrunner. Zoals zoveel inwoners van het dorpje Baker in Oost-Kentucky, is hij een nazaat van Duitse immigranten. Johns vader, Ford, is een gerespecteerde figuur in Baker, maar komt al voor de geboorte van John om het leven. Johns moeder trekt zich terug, ze gaat leven als een kluizenares. Volgens de plaatselijke bevolking is ze haar verstand kwijt - ze wordt genegeerd. John groeit op als buitenstaander, een geitenjongen, een 'maïsfascist', de 'heer van het boerenerf', hij is onhandig, verstrooid, wereldvreemd - een idioot zonder vrienden.

Heer van het gepeupel is opgebouwd als een reconstructie, geschreven in de wij-vorm. Een typerende zin: 'Wij hebben een eigen theorie over het waarom van zijn onaangepastheid, al moeten ook onze argumenten, net als alle andere, met een flinke korrel zout worden genomen.' Tegelijkertijd is deze quasi-afstandelijke en quasi-neutrale wij-vorm geen belemmering om tot in details te beschrijven wat John op bepaalde momenten doet en denkt.

Bijvoorbeeld: 'Er schoot hem een van de verhalen te binnen die zijn vader had genoteerd: over een houthakker die vast was komen te zitten onder een omgevallen boom en toen zijn eigen been halverwege de dij had afgezaagd, vierhonderd meter omhoog was geklauterd naar zijn vrachtwagen - met pookversnelling - en naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis was gereden, vijftig kilometer verderop.' (Dit klaarblijkelijk archetypische houthakkersverhaal duikt overigens met bijna dezelfde bijzonderheden op aan het begin van Paul Watkins' roman Archangel.)

De combinatie van reconstructie en speculatie enerzijds, en het doodgemoedereerd invullen van de kleinste details anderzijds, verschaft Heer van het gepeupel een curieus soort evenwicht. De vertelstijl springt heen en weer, van historisch en sociologisch vertogend - 'Historici stellen zichzelf steeds weer de vraag waarom. . .' - , naar meeslepend-infernaal op het andere, zoals bij deze beschrijving van een pluimveeslachterij: 'De kalkoenen waren farmaceutisch opgefokte monsters, ter wereld gebracht en vestgemest door stimulering met talloze steroïdenkuren, altijd ondergebracht geweest in overvolle, op elkaar gepakte kooien, door ongerechtigheden in het dieet gemuteerd tot bizarre wezens die andere levensvormen niet anders dan met agressie tegemoet konden treden.' Waarna een beeldende beschrijving volgt van de elektrocutie en het schoonmaken van de beesten.

Heer van het gepeupel vertelt het verhaal van de buitenstaander John, die als jongen op verbazingwekkende wijze de verwaarloosde boerderij van zijn vader herbouwt, om alles vervolgens weer kwijt te raken. Na eerdere, half geslaagde pogingen tot vernieling en een verwoestend noodweer, zijn het uiteindelijk de machinaties van de methodistengemeente die - handig gebruik makend van de ziekte van Johns moeder - er onder het mom van naastenliefde voor zorgt dat de boerderij wordt ontmanteld. Na de wanhopige schietpartij die daarop volgt, wordt John veroordeeld tot drie jaar dwangarbeid, om vervolgens na een aaneenrijging van derderangs baantjes terug te keren naar zijn geboortedorp, waar hij op zijn eigen wijze wraak neemt.

Het onderwerp van Heer onder het gepeupel is niet alleen het levensverhaal van John Kaltenbrunner, maar zeker ook de geïsoleerde, in zichzelf gekeerde, achterlijke dorpsgemeenschap in Oost-Kentucky, waar onschuldigen tot twintig jaar gevangenisstraf worden veroordeeld als hun smoel de rechter niet aanstaat, waar je wel uitkijkt de naam 'Darwin' te laten vallen, en waar het verbranden van de vlag en homoseksualiteit doodzonden zijn. Waar naast kerkgang het in dronkenschap slaan van je vrouw ook onder de goede manieren valt en een echte kerel minstens eenmaal in zijn leven tot besluit van een avond stappen zijn pick-up tegen een boom parkeert. Waar methodistenvrouwen graag boerenknullen verleiden als niemand het ziet, en waar Jezus 'een aftrekpost voor de belasting' is. Zowel in subtiele details als met behulp van stapels dik hout, schetst Egolf een hypocriete, zelfvoldane, door jaren van inteelt gecorrumpeerde samenleving, en het lot van het individu dat zich daaraan wil onttrekken.

Tristan Egolf betoont zich in zijn debuut een knap stilist. Vooral zijn beschrijvingen van zware fysieke arbeid en het dagelijks leven van het maatschappelijk uitschot, met al zijn dikwijls weerzinwekkende details, zijn indrukwekkend. Ze doen soms denken aan een roman als Suttree (Angel) van Cormac McCarthy, al legt die laatste de stilistische lat nog iets hoger. Of dat van die zeventig afwijzingen en die ijsvoeten letterlijk waar is, valt te betwijfelen, maar het kopje koffie van dochter Modiano was welbesteed.

Hans Bouman

Tristan Egolf: Lord of the Barnyard.

Picador, import Nilsson & Lamm; 410 pagina's; * 48,95.

ISBN 0 330 36830 3.

Tristan Egolf: Heer onder het gepeupel.

Vertaald uit het Engels door Irving Pardoen.

Vassallucci; 499 pagina's; * 49,90.

ISBN 90 5000 099 1.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden