Een fijne tronie voor een prikkie

Sotheby's veilt eind volgende maand een herontdekt schilderijtje van Gerard Dou. Wat is herontdekt, waarom is de richtprijs zo laag, en hoe succesvol was Dou? Antwoorden van Rutger Pontzen

Het heeft 17 jaar geduurd voordat er weer een schilderij van Gerrit Dou (1613-1675) op de Nederlandse markt kwam. Dus was het groot nieuws dat Sotheby's in Amsterdam volgende maand een 'herontdekt' schilderij van Dou gaat veilen. Groot nieuws over een klein paneeltje van 15 bij 11,5 centimeter met een 'tronie' van een oude man met baard. Hoewel de prijs van een beetje 'Dou' tegenwoordig boven de miljoen ligt, is de richtprijs voor dit schilderijtje bescheiden te noemen: tussen de 150 en 200 duizend euro. Toch vreemd.


Acht vragen over het succes van Dou, zijn neurotische aanleg en waarom hij Gerrit én Gerard heette.


'Herontdekt'. Wat is dat nou weer?


Tsja, een beetje vreemde benaming. Spectaculairder zou klinken: 'ontdekt'. Maar dat is het niet. Het bestaan van het paneeltje was al bekend. Al in 1806 werd er mogelijk in een Amsterdamse catalogus melding van gemaakt. Zeventig jaar geleden werd het door de grootvader van de familie die het nu aanbiedt aangekocht bij de Rotterdamse kunsthandelaar. Daarna raakte het in de vergetelheid. Nu wordt het voor het eerst openbaar verkocht. Vandaar het 'herondekt'.


De schatting van een vergelijkbaar schilderij van Dou, Een bebaarde man met biddende handen, was vier jaar geleden zes ton. Waarom is de richtprijs nu dan zo laag?


Het schilderij van die biddende man was in perfecte conditie. En het had een belangrijke, onberispelijke herkomst: de Duitse collectie Pommersfelden, waarin ook werk van Breughel, Dürer, Van Dyck en Rubens zit. Zo'n naam geeft goedkeuring aan de kwaliteit en drijft de prijs behoorlijk op. Het schilderij dat nu geveild wordt heeft kleine retouches.


Komt bij dat een hoge richtprijs mensen afschrikt. Als die wat lager ligt denken veel geïnteresseerden: ik maak een kans. Ze gaan eerder bieden. En zoals Sotheby's toegeeft: als je hand tijdens een veiling eenmaal omhoog gaat, ben je verkocht. Het gaat er uiteindelijk om dat er een paar gegadigden zijn die tegen elkaar op bieden. Zoiets kan de prijs enorm opdrijven. Die Oude bebaarde man met biddende handen werd uiteindelijk op ruim een miljoen euro afgeslagen.


Een ander schilderij van Dou, Stilleven met slapende hond, bracht vijf jaar geleden bij Christie's in New York zes miljoen euro op. Kassa.


Klopt. Maar zoals een handelaar destijds zei: 'Er staan geen oude mensen op. Wel een hond. En iedereen houdt van honden!' Een snoezig puppy, haarfijn geportretteerd zodat je het haast kan aaien, ja, wie wil dat niet? Niet vreemd dat het tweemaal de geschatte prijs opleverde.


Dou doet het goed. Maar de 17de-eeuwse schilderkunst is vooral beroemd door de meesters van de brede kwaststreek en de dikke verf, zoals Rembrandt en Frans Hals. Wat was de betekenis van een fijnschilder als Dou?


Dat van die eeuwige roem van de dikke-verf-schilders is overtrokken. Mooi is het gegeven dat Dou al op 14-jarige leeftijd in Leiden in de leer ging bij Rembrandt, die toen zelf pas 21 was. Rembrandt vertrok naar Amsterdam en schilderde daar uiteindelijk met brede kwasten en paletmes. Dou bleef in Leiden en werd de Godfather van de fijnschilders. Zijn vader was glasschilder. Van hem leerde hij de eerste basisvaardigheden.


Dou kon dagen schilderen aan een bezemsteel ter grootte van een vingernagel. In Een oude bebaarde man kun je goed zien hoe een haar in het kapsel geschilderd moet zijn met een penseel met ook maar één haar.


Hij schijnt een Pietje Precies te zijn geweest. Toen de Duitse schilder en kunsttheoreticus Joachim von Sandrart hem opzocht, viel het hem op dat Dou zijn palet, penselen en verf in een kastje opborg om ze te beschermen tegen stof. Dou maakte het kastje pas weer open, nadat hij eerst een tijdje op een kruk had gezeten, wachtend totdat de stof was neergedwarreld.


Was Dou succesvol?


Dat is een understatement. Naast Rembrandt was Dou de best verdienende kunstenaar van de 17de eeuw. Verzamelaars stonden in een rij voor zijn werk. Er waren wachtlijsten om zijn schilderijen te kunnen kopen. Buitenlandse vorsten bezochten zijn atelier. Hij had opdrachtgevers. Een van hen, Johan de Bye, organiseerde zelfs een tentoonstelling met maar liefst 27 schilderijen van Dou. Dat Dou zijn voornaam in Gérard verfranste lag waarschijnlijk aan de grote buitenlandse cliëntèle.


Bleven Rembrandt en Dou in de eeuwen daarna even bekend?


Ja en nee. De belangstelling voor Rembrandts werk nam in de 18de eeuw af; de faam van Dou nam in dezelfde periode juist toe. Zijn precieze schilderen pasten in het rationalisme van die tijd.


In de 19de eeuw draaiden de rollen weer om. Rembrandt werd onze nationale kunstenaar. Zijn grove schilderstijl sloot bovendien aan bij die van de impressionisten. Dou raakte enigszins in de vergetelheid en kwam pas weer in de 20ste eeuw in de mode.


Twee stillevens van Adriaen Coorte brachten vorig jaar gezamenlijk drie miljoen op. Dat was een recordbedrag. Kleine realistische schilderijen uit de Hollandse 17de eeuw - er schijnt een groeiende markt voor te zijn.


Volgens Sotheby's ging het bij Adriaen Coorte, die gestileerde stillevens maakte met perziken en een schaaltje met aardbeien, om een 'hype'. Coorte was onbekend en dus interessant. Marthe Wijngaarden, specialist oude meesters bij Sotheby's: 'Het was een vreemde eend die gekke dingen deed'. Het gestileerde minimalisme van Coorte sloeg zelfs aan bij verzamelaars die gewoonlijk moderne en hedendaagse kunst kopen.


Bij Dou is het de aanraakbaarheid, het ambachtelijke dat weer meer in trek is. En dat het zo knap is, dat hij op zulke kleine formaten werkte. Dat vonden zijn tijdgenoten ook al verbazingwekkend.


Hoe goed gaat het met de veiling van oude meesters?


Goed. Het werk van oude meesters is minder trendgevoelig dan moderne of hedendaagse kunst. Er is in Nederland een grote markt voor. Of zoals Martine Lambrechtsen, hoofd van de afdeling Oude Meesters bij Sotheby's, uitlegt: 'Het zit ons in het bloed. We begrijpen een landschap van Jan van Goyen beter dan buitenlanders. Al was het alleen al omdat we zulke landschappen zien als we in de trein naar buiten kijken.'


Of die herkenning zich ook voor zal doen met een oude man met baard, zal blijken op de veiling op 30 november.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden