Een explosie van vrijheid, wild en spannend

Londen heeft een lange historie van rellen. De jongste onlusten laten zich echter moeilijk verklaren. Was het woede of een verlangen de sleur te doorbreken?

'Shocked by high contact lens prices?' staat te lezen op een billboard langs Lavender Hill in Clapham. Waarschijnlijk niet. Een kleine drie weken geleden hebben bewoners van deze Zuid-Londense buurt een schok van een geheel andere orde meegemaakt. Hun Nappy Valley was een van de wijken die tijdens de Londense rellen van het ene op het andere moment veranderde in een rampgebied. Vrijwel alle winkels werden geplunderd of zelfs in de as gelegd, zoals de liefdadigheidswinkel van Street Kids Rescue. Een dag later haalden buurtbewoners de wereldpers door met bezems de straat op te gaan. De rotzooi is weg, maar de vraag bleef: wat heeft de relschoppers bezield?


Waarschijnlijk zonder er zich van bewust te zijn, hebben de relschoppers een lange traditie voortgezet. Door de eeuwen heen was Londen regelmatig het decor van grootscheepse rellen, waaronder de Evil May Day Riots tegen immigranten, de Suburban Riots tegen koning Karel I, de Bawdy House Riots tegen bordeelhouders, de Gordon Riots tegen de katholieken, de Old Price Riots tegen de verhoogde theatertarieven, de Trafalgar Riots tegen de invoering van inkomstenbelasting en de Hyde Park Riots tegen de Conservatieve minderheidsregering van Lord Derby. Tussendoor waren er regelmatig opstanden van ambachtslieden, variërend van dokwerkers tot hoedenmakers. Tijdens de afgelopen eeuw werd de stad een paar keer opgeschrikt door rassenrellen.


In het hoofdstuk Mobocracy uit zijn boek London: the Biography schrijft Peter Ackroyd dan ook dat er in de overbevolkte maar onpersoonlijke stad van oudsher een instinctieve angst heerst voor de mob, de roerige, chaotische en onbehouwen massa. 'Een man kan niet in hofkledij door de Londense straten lopen zonder met modder te worden besmeurd door de mob', klaagde Casanova ooit. Fjodor Dostojewski was drie dagen lang van slag nadat hij tijdens een bezoek aan de Britse hoofdstad was meegesleurd in de maalstroom van arme mensen. Zijn landgenoot Lenin nam geen risico en ging op het dek van een dubbeldekker staan om het lawaaierige, grauwe en langzaam voorbijtrekkende 'lompenproletariaat' te aanschouwen. Kenmerkend voor de Londense mob zijn haar licht ontvlambare karakter en snelle gemoedswisselingen. Om het minste of geringste kon er een opstand uitbreken, waarbij er tijdelijk sprake was van de gevreesde Rule of the mob, een kop die de voorpagina van The Daily Telegraph sierde ten tijde van de Tottenham Riots.


De recente rellen verschillen op enkele punten van de onlusten die door Ackroyd zijn beschreven. Vrijwel alle riots speelden zich af in bepaalde delen van de metropool. Het enorme oppervlak van de 'stony-hearted and unyielding city' is volgens Ackroyd de reden dat de mob nooit echt indruk heeft weten te maken. Dit keer verspreidden de rellen zich echter dankzij de sociale media - of asociale media in dit geval - zo snel dat de nieuwsgarende pers het niet kon bijbenen, van Enfield in het noorden tot Croydon in het zuiden, van Ealing in het westen tot het Olympische Stratford in het oosten. Daarnaast viel het gebrek aan moraliteit op, gesymboliseerd door het incident waarbij enkele mannen een gewonde student zogenaamd hielpen om ondertussen zijn rugtas leeg te halen.


Het opvallendste was de onduidelijkheid omtrent een rationeel verklaarbaar motief. Er waren geen spandoeken, geen eisen en er was geen woordvoerder. De mobs van weleer bestonden uit boze gezichten, maar bij deze zomerrellen leken de relschoppers, voor zover zichtbaar achter hun vermommingen, genoegen te beleven aan hun destructieve daden. Waren dit soms de eerste postmoderne rellen, zonder doel, zonder motief?


In de kranten speelden riotologen een intellectuele pubquiz waarbij zulke vragen aan de orde kwamen. Is het pure criminaliteit? Een vorm van extreme consuming? Komt het voort uit armoede? Is er een link met de aanstaande bezuinigingen? Speelt racisme mee? Het feit dat dagelijks negenhonderd scholieren van school worden gestuurd? In veel gevallen zeiden de antwoorden meer over de wereldvisie van de auteur dan over die van de relschoppers.


Een complicatie ontstond toen de daders, inmiddels zonder capuchon, in het beklaagdenbankje stonden. Het bleek niet alleen te gaan om zwarte jongeren uit achterstandswijken, maar ook om leden uit de blanke middenklasse, tot een miljonairsdochter aan toe. Hier helpt het maken van een onderscheid tussen de harde kern van relschoppers en de mensen die nadat de ramen waren gebroken en de politie niet te bekennen was, hun kans schoon zagen om alvast wat kerstinkopen te toen. 'Iedereen deed mee en het leek zo gemakkelijk', zei een tandartsassistente die proletarisch was wezen winkelen bij de Tesco langs Old Kent Road, de goedkoopste straat in de Britse versie van Monopoly. Waar de deelname van de opportunisten eenvoudig te verklaren is ('Piggybac king on other people's riots'), daar is het moeilijker om achter de motieven van de aanstichters te komen.


Bij de ideologische discussie zijn er ruwweg twee klassieke kampen te ontwaren, progressieven en conservatieven; zij die het zien als een hedendaagse versie van '1968' en zij die de rellen beschouwen als een onvermijdelijk gevolg van de maatschappijvisie uit genoemd jaar. Aan progressieve zijde staan intellectuelen als Mary Riddell en Polly Toynbee, alsmede de ex-burgemeester van Londen, Ken Livingstone. Na het plichtmatig veroordelen van de rellen wijzen zij op de armoede bij veel zwarte jongeren en het gevoel dat ze, mede door hun huidskleur, geen 'aandeel' in de maatschappij hebben. En daar komen de bezuinigingen nog bij, alsmede de hebzucht van de rijken. Volgens hen zijn deze rellen in wezen een vervolg van de uit de hand gelopen studentendemonstraties afgelopen winter.


Aan conservatieve zijde wijzen denkers op het verval van het onderwijs, het gemankeerde familieleven en de negatieve effecten van de verzorgingsstaat die weliswaar materiële zekerheid heeft gebracht, maar ook zou zorgen voor lethargie en afhankelijkheid. Volgens hen is er geen sprake van een cultureel probleem. In The Spectator schreef Theodore Dalrymple, de antropoloog van de onderklasse, dat beschaving normaal gesproken bedoeld is om de wilde in de mens te temmen, maar daar is zijns inziens amper sprake meer van. Hij wijst daarbij onder meer op de toenemende waardering, al dan niet ironisch bedoeld, voor de gangstercultuur en de verering van een zelfdestructieve bekendheid zoals de pas overleden zangeres Amy Winehouse.


Zowel culturele als economische factoren hebben bijgedragen aan de vorming van straatbendes in de grote steden. Voor sommige jongeren is een op Amerikaanse leest geschroeide gang een soort pleegfamilie en een alternatief carrièrepad. In Londen zijn zo'n tweehonderd bendes actief, met poëtische namen als de GAS Gang (Brixton), Murder Dem Pussies (Hammersmith & Ealing) en Don't Say Nothin (Croydon). Mark Duggan, wiens door de politie veroorzaakte dood de vonk vormde voor de Tottenham Riots, was prominent lid van de roemruchte Man Dem Gang. De grootscheepse rellen in Hackney, de wijk met de meeste gangs, was het werk van de Pembury Boys. Voor hen was het een wraakoefening op de politie, die een week eerder tientallen invallen had gepleegd bij plaatselijke bendeleden.


In The Sunday Times schreef de onderzoeksjournaliste Harriet Sergeant over haar ervaringen met bendes. Zij heeft jarenlang met jongeren uit deze onderwereld gesproken, ook tijdens de recente rellen. Voor hen bleek het een explosie van vrijheid te zijn. Even was er geen angst voor concurrerende bendes, laat staan voor de politie. 'Dit maak je niet elke dag mee, Harri,' zei een bendelid dat zich bekend maakte als 'Bulldog', 'Het is wild en het is spannend. Je kunt doen wat je wilt zonder te worden gearresteerd. Er is geen politieauto in zicht.' Met de taxi verplaatsten ze zich van de ene plundering naar de andere. Sommige bendeleden pakken nooit de bus, simpelweg omdat ze de bestemming niet kunnen ontcijferen. Vrijwel allemaal komen ze uit gebroken en liefdeloze gezinnen. Verveling is hun grootste vijand. Niet iedereen beschikt over het talent van Oblomov. Zelfs op plunderen zijn ze snel uitgekeken.


Het sluit ook aan op een van de beste analyses na de rellen, afkomstig van Gautam Malkani, auteur van de roman Londonstani. In de Financial Times schreef hij dat de vuren in Londen de kleur van A Clockwork Orange hadden. De roman van Anthony Burgess - waarvan Stanley Kubricks verfilming jarenlang niet mocht worden vertoond in Groot-Brittannië - speelt zich af in een wetteloos land, waar de politie ontzag noch vertrouwen geniet. Burgers zijn doodsbenauwd voor de losgeslagen, nietsontziende jeugd. Het decor van de verfilming is Thamesmead, een wijk vol verticale rijtjeswoningen langs de rivier in Sarfeast-Lunnen, het soort woningen waarin een groot deel van de hedendaagse onderklasse gevangen zit.


Volgens Malkani zijn de paralellen tussen de dystopische roman en de recente gebeurtenissen leerzaam. Zo hadden Alex en zijn vrienden geen politiek motief voor hun misdaden, die ze lachend pleegden. Het probleem was de saaiheid van het dagelijkse bestaan. 'De enige manier voor hen om zichzelf levend te voelen is letterlijk alive and kicking.' Voor Burgess is er niets paradoxaals aan om op een apathische wijze als een dolle tekeer gaan.' Een andere interessante parallel is de mate van zelfvernietiging. De relschoppers gingen niet naar de wolkenkrabbende symbolen van het Grote Graaien in the Docklands (al werd bankiers aangeraden ten tijde van de rellen geen pak te dragen), maar vernielden winkels en woningen in hun eigen buurten. 'Het impliceert niet alleen hopeloosheid, maar het wijst erop dat ze zich niet alleen afgesloten voelen van de maatschappij, maar ook van zichzelf.'


Het boek van Burgess heeft twee verschillende einden. In de originele versie ziet Alex het foute van zijn daden in en vindt hij verlossing. Voor de Amerikaanse editie, die de basis zou vormen van de verfilming, haalde hij dit hoofdstuk weg. De vraag is hoe het verhaal in Tottenham, Stratford en Clapham afloopt. Was het een eenmalige eruptie of zal dit vaker gebeuren? Aan de verkeerde kant van Lavender Hill - waar zich zestig jaar geleden de crimi-komedie The Lavender Hill Mob afspeelde - ligt de Gideon Road Estate, netjes achter de kastanjebomen verscholen. Drie rokende jongens die redelijk lijken te voldoen aan het signalement angry young men reageren lichtelijk verontwaardigd wanneer hun gevraagd wordt of rellen als deze vaker zullen voorkomen. 'Als ik de toekomst kan voorspellen, had ik wel bij een gokkantoor gezeten', zegt een van hen, blijkbaar niet wetend dat de plaatselijke vestiging van William Hill ook nog dichtgetimmerd is.


Hoogstwaarschijnlijk zullen de Engelsen wat voortmodderen, met hier en daar een kleine verbetering van de situatie, of een verslechtering in het geval van overhaaste interventies door politici. Het besef leeft dat er altijd ontevreden jongeren zullen zijn, met bijbehorende uitbarstingen van geweld, de ene keer erger dan de andere keer. Deze combinatie van optimisme en gelatenheid is in de afgelopen weken zichtbaar geworden. De normaliteit is in Londen net zo snel teruggekeerd als deze drie weken geleden verdwenen was, met inbegrip van een steekpartij, op een klaarlichte dag in Enfield, waarbij een 14-jarige jongen de dood vond. De tiende doodgestoken tiener dit jaar in de hoofdstad.


In de luiervallei, ondertussen, drinken Yummie Mummies zorgeloos hun koffie verkeerd met magere melk, rekent iedereen weer aan de kassa af en krijgen de houten littekens van de rellen net zo weinig aandacht als de doopsgezinde man die nabij de christelijke boekwinkel het Evangelie volgens Marcus verkondigt. Het gissen naar de herkomst van de rellen maakt weer langzaam plaats voor het oplossen van de kruiswoordpuzzel in The Times. In Londen telt, zoals altijd, alleen het nu en de nabije toekomst, al zullen de docenten Engels, gezien de jeugdige leeftijd van sommige relschoppers, binnenkort met meer dan gebruikelijke interesse uitkijken naar de opstellen waarin leerlingen mogen opschrijven wat ze deze zomer zoal hebben gedaan.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden