Een Europese gijzelaar is 10 miljoen dollar waard

Ontvoeringen voor losgeld zijn de belangrijkste inkomstenbron voor terroristen. Hoewel Europese regeringen ontkennen, betaalden zij grotendeels de 125 miljoen dollar die Al Qaida sinds 2009 verdiende.

Europese gijzelaars wachten, een dag nadat ze zijn bevrijd, op een ontmoeting met de Malinese president in de hoofdstad Bamako. Hun kidnappers waren vermoedelijk islamitische extremisten (19 augustus 2003).Beeld Seyllou / AFP

5 miljoen euro cash

Het geld zat in drie koffers: 5 miljoen euro cash. De Duitse functionaris die de kostbare lading moest afleveren, landde in een vrijwel leeg militair vliegtuig en werd snel meegenomen voor een geheime ontmoeting met de president van Mali. Die had aangeboden Europa te helpen met een netelige kwestie.

Officeel had Duitsland het geld bestemd voor humanitaire hulp in het arme West-Afrikaanse land. Maar alle betrokkenen wisten dat het bedoeld was voor een obscure groep islamitische extremisten die 32 Europeanen in gijzeling hield.

Met pick-uptrucks werden de koffers weggebracht. Diep in de Sahara telden strijders met baarden de biljetten op een doek in het zand. Deze mannen zouden niet lang nadien een tak van Al Qaida vormen.

Het was een leerzame ervaring voor beide partijen. Het ritueel is elders in de wereld inmiddels tientallen keren herhaald. Het ontvoeren van Europeanen voor losgeld is een lucratieve bezigheid geworden van Al Qaida.

Europese regeringen ontkennen dat ze losgeld betalen. Maar uit onderzoek van The New York Times blijkt dat Al Qaida en aan Al Qaida gelieerde groepen sinds 2009 ten minste 125 miljoen dollar (94 miljoen euro) hebben verdiend aan ontvoeringen.

Vrijwel alle betalingen werden gedaan door Europese regeringen. Die sluizen het geld via tussenpersonen naar de ontvoerders, zo blijkt uit gesprekken met ex-gijzelaars, onderhandelaars, diplomaten en ambtenaren in tien landen. Hoe het eraan toegaat in de kidnapping business kwam ook naar voren in duizenden documenten van Al Qaida die in het noorden van Mali zijn ontdekt.

Betalingen leiden tot vicieuze cirkel

De terreurgroep was in het begin van zijn bestaan vooral afhankelijk van rijke sympathisanten. Experts denken dat Al Qaida de rekrutering, training en wapenaankopen tegenwoordig grotendeels betaalt met het losgeld dat is ontvangen voor Europese gijzelaars. Grofweg gezegd: Europa is de bank van Al Qaida geworden.

Het besluit om te betalen wordt nooit lichtvaardig genomen. Diplomaten die betrokken waren bij onderhandelingen met ontvoerders zeiden dat ze een pijnlijke afweging moesten maken: toegeven aan terroristen of toestaan dat burgers worden gedood - waarschijnlijk op een gruwelijke manier.

Betalingen leiden tot een vicieuze cirkel. 'Elke transactie lokt een nieuwe transactie uit', zegt David Cohen, de Amerikaanse onderminister van Financiën. 'Ontvoeringen voor losgeld zijn de belangrijkste bron van inkomsten geworden voor terroristen.'

De zaken gaan goed: in 2003 ontvingen kidnappers zo'n 200 duizend dollar (150 duizend euro) per gijzelaar. Tegenwoordig is dat gemiddeld bijna 10 miljoen dollar (7,5 miljoen euro).

Hoe belangrijk deze bron van inkomsten is geworden, blijkt uit het feit dat de leiding van Al Qaida in Pakistan toezicht hield op onderhandelingen die tot in Afrika werden gevoerd. Uit verklaringen van ex-gijzelaars blijkt dat de drie voornaamste 'filialen' van Al Qaida - Al Qaida in de Islamitische Maghreb, Al Qaida op het Arabisch Schiereiland in Jemen, en al-Shabaab in Somalië - het afhandelen van ontvoeringen coördineren.

Om het risico voor zijn strijders te beperken, heeft Al Qaida het ontvoeren van gijzelaars uitbesteed aan criminele bendes. Onderhandelaars steken 10 procent van het losgeld in hun zak. Dat vormt een prikkel om het geëiste bedrag op te schroeven.

Er wordt gewerkt volgens een vast patroon. Eerst is er een periode van stilte, bedoeld om bij familie zoveel mogelijk paniek te veroorzaken. Dan verschijnen er video's waarin de gijzelaars hun regeringen smeken te onderhandelen. De ontvoerders dreigen hun gevangenen te vermoorden.

Toch is de afgelopen vijf jaar slechts een klein percentage van de gijzelaars in handen van Al Qaida geëxecuteerd. Dat was een jaar of tien geleden nog anders: toen doken herhaaldelijk beelden op van buitenlanders die in Irak werden onthoofd. De terreurorganisatie ziet nu de voordelen van het in leven houden van gijzelaars: ze kunnen worden geruild tegen gevangenen en leveren veel geld op.

Er zijn niet veel landen die de verleiding om te betalen weerstaan. De VS en Groot-Brittanië behoren daartoe. Ze hebben wel met extremisten onderhandeld, maar geen losgeld betaald. Dat heeft akelige gevolgen. Terwijl tientallen Europeanen zijn vrijgelaten, hebben slechts weinig Amerikaanse en Britse burgers een ontvoering overleefd. Enkele geluksvogels ontsnapten of werden gered door commando's, maar anderen zijn geëxecuteerd of worden nog steeds vastgehouden.

'De Europeanen hebben heel wat uit te leggen', zegt de Amerikaanse diplomaat Vicki Huddleston. Zij was ambassadeur in Mali toen Duitsland in 2003 het eerste losgeld betaalde. 'Ze voeren een schijnheilig beleid. Eerst geven ze losgeld en dan ontkennen ze dat er is betaald', aldus Huddleston. 'Het voedt niet alleen het terrorisme, het maakt ook onze burgers kwetsbaar.'

De Franse journalist Nicolas Henin overleefde 10 maanden in gijzeling door Syrische extremisten op blikvoer.Beeld GLENNA GORDON/The New York Times

'Brits paspoort staat gelijk aan overlijdensakte'

In 2009 werden vier toeristen in Mali overvallen in hun auto: een Duitse vrouw, een Zwitsers echtpaar en een 61-jarige Brit, Edwin Dyer. Van meet af aan maakte de regering in Londen duidelijk dat ze niet bereid was te betalen voor Dyer. Na enige tijd gaf Al Qaida in de Islamitische Maghreb een verklaring uit: 'Op zondag 31 mei 2009 is de Britse gevangene Edwin Dyer gedood. Het lijkt erop dat Groot-Brittannië weinig belang hecht aan zijn burgers.'

De Zwitsers en de Duitse vrouw werden vrijgelaten. Volgens een onderhandelaar na betaling van 8 miljoen euro. In hetzelfde jaar stemde het Zwitserse parlement over een begroting waarin extra geld was uitgetrokken voor humanitaire hulp aan Mali. In Engeland zei de broer van Dyer: 'Een Brits paspoort staat gelijk aan een overlijdensakte.'

De boerka die Leila Kaleva moest dragen van haar gijzelnemers van Al Qaida op het Arabisch Schiereiland.Beeld GLENNA GORDON/The New York Times

Toeristen

Op 23 februari 2003 werden vier Zwitserse toeristen - onder wie twee meisjes van 19 jaar - in de woestijn van Zuid-Algerije gewekt door het geschreeuw van gewapende mannen. Die zeiden dat de meisjes hun haar moesten bedekken. Daarna werd het viertal in de eigen camper weggevoerd. In de daaropvolgende weken verdwenen in hetzelfde gebied nog eens zeven toeristengroepen.

Na enige tijd ontdekte een Duits verkenningsvliegtuig de achtergelaten voertuigen. Er gingen weer enkele weken voorbij tot een verkenner door zijn verrekijker iets wits zag. Het was een brief, die onder een rots lag. In slordig handschrift stonden de eisen opgesomd. De brief was ondertekend door een onbekende Algerijnse terreurgroep die zich de Salafistische Groep voor Prediking en Strijd noemde.

Slechts gewapend met een paar jachtgeweren en oude AK-47's waren de ontvoerders erin geslaagd tientallen toeristen in gijzeling te nemen. De meesten kwamen uit Duitsland, maar er waren ook reizigers bij uit Nederland, Zwitserland, Oostenrijk en Zweden. Sommigen waren in een hinderlaag gelopen, anderen waren bij toeval opgepakt.

De terroristen leken geen vastomlijnd plan te hebben. Het enige eten dat ze hadden was het ingeblikte voedsel van de toeristen. De enige brandstof was de benzine in de tanks van hun auto's. Die werden achtergelaten, waarna de gijzelaars te voet verder moesten.

'Toen ze ons eenmaal hadden, leken ze niet te weten wat ze moesten doen', zegt de Zwitser Reto Walther. Hij behoorde tot een van de eerste gevangenen. 'Ze improviseerden.'

Hoe amateuristisch de jihadisten ook te werk gingen, hun actie was effectief. Vrijwel niemand van de gijzelaars bood verzet. Al waren de terroristen getalsmatig in de minderheid, geen van de gijzelaars probeerde te ontsnappen in de zes maanden dat ze in de 'openluchtgevangenis' zaten. De bewaking van de jihadisten stelde nauwelijks iets voor, toch vonden Europese landen een reddingsoperatie te gevaarlijk.

De strijders vroegen eerst om wapens, daarna stelden ze onmogelijke politieke eisen, zoals het vertrek van de Algerijnse regering. Toen een 45-jarige Duitse vrouw overleed aan uitdroging, begonnen Europese functionarissen te denken aan het betalen van losgeld onder het mom van hulpverlening.

'De Amerikanen hielden ons voor dat we niet moesten betalen. Wij zeiden dat we niet wilden betalen, maar dat we onze mensen niet kunnen opgeven', stelt een Europese diplomaat die destijds in Algerije was gestationeerd. 'Het was moeilijk, maar uiteindelijk heb je het over mensenlevens.'

Het succes van de jihadisten in de Sahara bleef niet onopgemerkt. Een jaar later publiceerde Al Qaida-lid Abdel Aziz al-Muqrin een handleiding voor ontvoeringen. Daarin prees hij de succesvolle onderhandelingen van 'onze broeders in Algerije'. Tegelijkertijd verheerlijkte hij de onthoofding van Daniel Pearl, verslaggever van the Wall Street Journal, in Pakistan.

Een kommetje en lepel die Harald Ickler gebruikte tijdens zijn gijzeling door Algerijnse extremisten in 2003.Beeld GLENNA GORDON/The New York Times

NS-machinist sinds 2011 vast, medegijzelaars vrij

Sjaak Rijke, NS-machinist uit Woerden, werd in november 2011 in Timboektoe in Noord-Mali ontvoerd toen hij daar op vakantie was. Verscheidene malen is een teken van leven ontvangen. Op een van de video's zegt Rijke in handen te zijn van Al Qaida. Hij zit nog steeds vast. Vier Franse medegijzelaars van Rijke zijn vrij. Volgens Franse media heeft de overheid betaald.

Arjen Hilbers is een van de 32 Europeanen die in februari 2003 in de woestijn van Algerije werden ontvoerd door de Salafistische Groep voor Prediking en Strijd. Het Algerijnse leger bevrijdde 17 gijzelaars, de anderen bleven gevangen. Een van hen, een Duitse vrouw, overleed. Een half jaar later kwam Hilbers, samen met de overige Duitsers en Zwitsers vrij. De media speculeerden over de hoogte van het losgeld.

Sjaak Rijke in een video uit 2012.Beeld afp

Splitsing binnen Al Qaida

Er deed zich een splitsing voor binnen Al Qaida. De strijders in Irak pakten buitenlanders op om ze te vermoorden. In Algerije kozen de ontvoerders van Europeanen een andere weg. Zij gebruikten de 5 miljoen euro voor het versterken van hun organisatie. Met dat geld rekruteerden en trainden ze jihadisten.

Ze ontwikkelden zich tot een regionale factor van betekenis en werden als officiële tak van Al Qaida omgedoopt tot Al Qaida in de Islamitische Maghreb. Kidnappen werd hun belangrijkste broodwinning, een bezigheid die ze perfectioneerden.

Toen hun verkenners op 2 februari 2011 een Italiaanse toerist in het vizier kregen, pakten ze de zaken professioneel aan. De 53-jarige Mariasandra Mariani werd in een auto gesleurd en met hoge snelheid de woestijn in gereden. De ontvoerders hadden nu een doordacht plan. Als de brandstof dreigde op te raken, haalden ze onder een struik een vat benzine tevoorschijn. Er was eten genoeg. Mariani merkte dat de strijders voorraden hadden aangelegd onder het zand, die ze konden vinden met een GPS-systeem. Ze bleken zelfs een pick-uptruck onder een berg zand te hebben verborgen. 'Toen besefte ik dat het geen gewone criminelen waren', zegt Mariani.

De ontvoerders beschikten over satelliettelefoons en een Rolodex - een kaartenmolen voor contactgegevens. Een paar weken na de ontvoering belden ze Al Jazeera en lieten ze Mariani een tekst voorlezen waarin ze meedeelde door wie ze werd vastgehouden. Haar gevangenschap duurde veertien maanden. Als de kidnappers het gevoel hadden dat de aandacht voor Mariani verslapte, maakten ze een videoboodschap waarin zij werd getoond tussen gewapende mannen.

De onregelmatige boodschappen en lange periodes van stilte waren bedoeld om familieleden van de gijzelaars tot wanhoop te drijven in de veronderstelling dat die op hun beurt regeringen onder druk zetten. In diverse Europese landen kwamen families in beweging en werden regeringen tot betalen aangezet.

Deskundigen gaan ervan uit dat Al Qaida inmiddels weet welke regeringen bereid zijn over de brug te komen. Van de 53 gijzelaars die de afgelopen vijf jaar in handen waren van Al Qaida, had eenderde de Franse nationaliteit. Meer dan 20 procent van de slachtoffers kwam uit Oostenrijk, Zwitserland of Spanje. In die periode zijn slechts drie Amerikanen ontvoerd door Al Qaida of gelieerde groepen.

'Voor mij is het duidelijk dat Al Qaida slachtoffers uitzoekt op nationaliteit', zegt Jean-Paul Rouiller, directeur van een denktank in Genève. 'Gijzelaars zijn een investering. Je gaat niet investeren als je niet vrij zeker bent van de opbrengst.'

© The New York Times

Lokaal gewaad dat Atte Kaleva droeg tijdens zijn gijzeling door Al Qaida op het Arabisch Schiereiland.Beeld GLENNA GORDON/The New York Times
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden