Een drugsbaron met veel lelijke pruiken

Als kleine jongen zag George Jung met lede ogen aan hoe zijn vader zich kapot werkte voor een mager salaris....

Pauline Kleijer

Jung speelde in de jaren zeventig en tachtig een sleutelrol in de invoer en distributie van cocaïne in de Verenigde Staten. Hij was de eerste Amerikaan die samenwerkte met de beruchte Colombiaanse drugsbaron Pablo Escobar, en verdiende op het toppunt van zijn macht bijna een miljoen dollar per week.

Inmiddels heeft Jung zijn beroepskeuze moeten bekopen. Hij zit al jarenlang in de gevangenis, waar hij tot 2014 moet blijven. Dat er nu een film over hem gemaakt is, zal een schrale troost zijn, al doet Blow er veel aan om het verhaal van Jung mooier te maken dan het in werkelijkheid geweest moet zijn.

Dat begint al met de vertolking van Jung door Johnny Depp, die nauwelijks geloofwaardig is als de gewone, wat sullige Amerikaanse jongen die door omstandigheden en wat handigheid een fortuin vergaart. Depp is een begaafd acteur, maar beter op zijn plaats in rollen waarin zijn charisma vrij spel heeft. Een groot aantal lelijke pruiken en andere attributen kunnen niet verhullen dat Depp weinig overeenkomsten vertoont met Jung, die zijn populariteit bij de vrouwen uitsluitend dankte aan zijn rijkdom en drugsvoorraad.

Blow toont de levensloop van Jung in chronologische volgorde. Regisseur Ted Demme wilde zowel een tijdsbeeld als het persoonlijke drama schetsen, en het is niet moeilijk te bedenken wat zijn inspiratiebronnen waren. Zoals Boogie Nights van Paul Thomas Anderson handelde over de opkomst en ondergang van een pornoster, en Martin Scorsese in Goodfellas liet zien hoe een eenvoudige jongen verzeild raakte in de maffia, zo toont Blow zonder veel omhaal wat er voor nodig is om drugsdealer te worden.

Het zal geen toeval zijn dat Ray Liotta, hoofdrolspeler in Goodfellas, in Blow de vader van George Jung vertolkt. En voor de jaren zeventig- en tachtig-aankleding werd de kostuumontwerper Mark Bridges aangetrokken, die ook alle acteurs van Boogie Nights in de hippe kleren stak. Toch ontbreekt het Blow aan de kwaliteit van beide voorbeeldfilms.

Omdat het scenario zich volledig richt op de ontwikkeling van Jung, blijft de in potentie interessante sfeertekening van een periode en een subcultuur beperkt tot uiterlijke clichés. Tegelijkertijd worden Jungs beweegredenen, anders dan een oppervlakkige zucht naar snel verdiend geld, nauwelijks verklaard.

Waar in Boogie Nights vooral het tijdsbeeld en het ensemblewerk overtuigden, en Goodfellas een integere en geloofwaardige biografie bood van een gangster, verruilt Blow psychologisch en historisch inzicht voor kinderlijke verkleedpartijen. De acteurs, hoe getalenteerd ook, kunnen daar duidelijk niet mee uit de voeten. Vooral Franka Potente en Penélope Cruz komen, als de opeenvolgende vriendinnetjes van Jung, niet uit de verf.

George Jung had beter verdiend, want zijn dubieuze prestaties zijn wel degelijk interessant. En alleen daarom is Blow nog wel de moeite waard. Het is grappig te zien hoe Jung een vliegtuigje charterde om eigenhandig kilo's coke Amerika binnen te vliegen, en hoe zijn kleine appartement al snel daarna uitpuilde van de dozen met dollarbiljetten.

Zoveel overmoed wordt natuurlijk bestraft. Erg moralistisch is Blow gelukkig niet, al is het einde tenenkrommend sentimenteel. Eén les is duidelijk: wie Amerika's meest beruchte drugsdealer wil worden, zal nooit een goede huisvader zijn.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden