Een doodgewone band

Radiohead zegt het zelf op de nieuwe cd 'Amnesiac': de bandleden voelen zich als sardientjes in een blik. De roem, de gekte, de hooggespannen verwachtingen....

Amnesiac, de titel van het Radiohead-album dat na het Pinksterweekeinde officieel verschijnt, lijkt haast een antwoord op die veel geanalyseerde vraag van het vorige album Kid A (2000): How To Disappear Completely? Hoe zonder je je als wereldberoemde, door iedereen bewierookte band af van de gekte? Antwoord: door de harde schijf in je hoofd te wissen. Domweg te vergeten wat er allemaal is gebeurd en wat het publiek van je verwacht.

Zo houdt Radiohead, wereldband te Oxford, zich tegenwoordig op de been. Ze moeten wel, want de druk is groot. Tussen 1995 en 2000 werden drie opeenvolgende albums (The Bends, O.K. Computer en Kid A) tot 'meesterwerk' gebombardeerd. Maandag is de groep hoofdact op Pinkpop. Als de verwachtingen zo hooggespannen zijn als bij Radiohead, kun je alleen nog met enig plezier aan een nieuwe plaat werken als je je hoofd leeg maakt.

En dan nóg valt het allemaal niet mee. Ook Amnesiac vertelt weer een verhaal van paranoia en claustrofobie: Packt Like Sardines In A Crushd Tin Box (sic) en Life In A Glass House - geen songtitels van een band die zich op zijn gemak voelt. Ze komen uit de koker van zanger Thom Yorke, zegt gitarist Ed O'Brien: 'Thom heeft het het moeilijkst met onze status. Vind je het gek? Hij is de man die met fucking John Lennon wordt vergeleken. Wat moet je daarmee? Hij heeft geen flauw idee hoe het voelt om John Lennon te zijn. Thom zingt voor enorme zalen vol mensen, maar schaamt zich ervoor dat hij er dan op kickt een rockster te zijn. Dat vindt hij stiekem onjuist van zichzelf. Kurt Cobain-emoties. Ja, zo mag je het gerust noemen.'

Juist door zulke gevoelens ging Radiohead allengs beklemmender klinken. Amnesiac, met restmateriaal van de Kid A-sessies, klinkt iets lichtvoetiger dan zijn voorganger en kent in Pyramid Song een typische, klassieke Radiohead-single met piano. Desondanks zal de plaat, dankzij een ondoordringbaar experiment als Pull/Pulk Revolving Doors, waarschijnlijk worden ontvangen als wéér zo'n moeilijke plaat. Van een voormalige gitaargroep, die steeds elektronischer en steeds obscuurder wordt.

Popsingle

'Zelf hebben we dat gevoel nooit gehad', zegt O'Brien, naar Amsterdam gekomen om over de nieuwe plaat te praten. 'Toen The Bends verscheen, kregen we van iedereen te horen: goede plaat, maar er staat geen single op. Street Spirit werd een wereldhit. Hetzelfde gebeurde met O.K. Computer. Pas na een tijdje hoorde het publiek dat Karma Police een zuivere popsingle was. En tijdens optredens merken we dat het publiek steeds meer nummers van Kid A gaat meezingen. Everything In Its Right Place is toch weer een popsong voor ze geworden. Onze nummers hebben gewoon tijd nodig. Vooral de geluiden maken van Kid A en Amnesiac obscure platen. Niet zozeer de songstructuren.'

Misschien zegt hij het ook een beetje om zichzelf gerust te stellen, want muzikaal lijken O'Brien en Thom Yorke elkaars volmaakte tegenpolen te zijn. Yorke gaf in recente interviews steevast te kennen dat de progressieve elektronische muziek van Britse labels als Warp hem de weg hadden gewezen in de doodlopende straat van het rock-idioom. Hij had de hele catalogus van het label aangeschaft. Verder luisterde hij naar de onstuimigste platen van John Coltrane en Charlie Mingus.

Yorke vond medestanders in met name de broers Jonny (gitaar) en Colin Greenwood (bas), een ontwikkeling die O'Brien - de traditionele rock 'n' roller van Radiohead - moet hebben verontrust: 'Ik geloof heilig in de discipline van de rocksong van drieënhalve minuut. Ik ben dol op pop. Met rare Duitse elektro kan ik helemaal niets. Ik moet muziek kunnen begrijpen.'

Vader

Misschien zijn die muzikale verschillen ontstaan omdat de bandleden persoonlijk verder van elkaar af staan dan voorheen. Toen O'Brien en Yorke samen Radiohead oprichtten, had de groep iets weg van een commune. 'We waren altijd samen. Luisterden naar dezelfde platen, lazen dezelfde boeken.' Maar toen werd drummer Phil Selway vader. Onlangs kreeg zijn vrouw een tweede kind. Ook Yorke heeft inmiddels een kleine. De prioriteiten van de bandleden veranderden. De wereldtournee ter promotie van O.K. Computer werd te lang bevonden, met langere vakanties als gevolg. Het ging, zegt O'Brien, ten koste van de chemie. 'Het kost ons steeds meer moeite voldoende muzikale overeenkomsten te vinden voor een nieuwe plaat.'

En zo zijn er meer verschillen. Yorke vond het heerlijk dat er van Kid A geen singles werden getrokken, zodat Radiohead nauwelijks op de radio te horen was - eindelijk eens niet je eigen band horen. O'Brien, daarentegen, vond het maar niets ('Er is niets mooier dan in je auto je eigen nummers horen'). Yorke en de broers Greenwood koesteren argwaan jegens de platenindustrie. O'Brien vindt dat het wel meevalt met dat boze systeem: 'Het is zorgwekkend dat de mondiale muziekindustrie door maar vier grote maatschappijen wordt geregeerd. Maar er is nog altijd plaats voor figuren met een laag showbizz-gehalte, zoals wij. Je kunt nog altijd de muziek maken die je wilt. Dat brengt alleen commerciële verplichtingen met zich mee.

'Er is vreselijk veel veranderd in de afgelopen vier jaar. Na het verschijnen van O.K. Computer hebben we nog in Top Of The Pops gespeeld. We weken eigenlijk nauwelijks af van wat mainstream was: gewoon een gitaarband, in klassieke rockbezetting. Wat mij betreft past Radiohead daar nog steeds: we hebben nog altijd meer met groepen als Coldplay of Travis gemeen dan je denkt. We zijn alleen wat langer bezig.'

Hij benadrukt het graag: Radiohead is een gewone band. De mensen moeten niet gaan denken dat ze op weg zijn 'een of ander avant-gardistisch collectief' te worden. Maar de verwachtingen zijn hoog, weet hij: commercieel (Radiohead is zo ongeveer de enige Britse band die in de VS nog flinke albumverkopen realiseert), maar vooral ook artistiek. Het hangt er alleen van af wat je als het artistieke summum beschouwt. O'Brien: 'Laatst speelden we tijdens een tv-sessie Cinnamon Girl van Neil Young. Vier akkoorden, heel rechtlijnig. Een dijk van een song, die na dertig jaar nog net zo levend is als toen. Ik dacht: beter dan dit kun je ze niet maken.'

Maar ja, leg dat de anderen maar eens uit. 'Met de druk van buitenaf valt het wel mee', zegt O'Brien over zijn band. 'De druk van binnenuit, die is veel groter.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden