Column

Een columnist dicht de Volkskrant een vaarwel

De eerste verzen die ik schreef waren sinterklaasgedichten. Zonder rijmwoordenboek; dat bestond nog niet in de barre jaren vijftig. Pas in mijn puberteit kreeg ik er een (met Sinterklaas), maar toen haalde ik er mijn neus voor op, want een beetje dichter schreef rijmloze poëzie zonder hoofdletters en interpunctie.

Beeld Thinkstock

Later, weer bij zinnen, werkte ik bij de VPRO, waar ik mocht meedoen aan een soort cabaretprogramma. Voor mijn eerste radio- en, al spoedig, televisieoptredens maakte ik, zoals door de eeuwen heen usance op bruiloften en partijen, parafrasen van bestaande liedjes. Daarbij kwam dat rijmwoordenboek goed van pas.

Zo zette ik Annie Schmidts evergreen Op een mooie Pinksterdag destijds naar mijn hand. Want met de muziek van Harry Bannink kun je alle kanten op. Hoewel... sinterklazerige stoplappen liggen op de loer.

Op de vrije zaterdag heette mijn schrijnende versie die, in tegenstelling tot de vertederende tekst van Annie Schmidt, niet ging over een vader die zijn dochtertje kwijtraakt, maar over het omgekeerde:

Op de vrije zaterdag / één keer in de week stond - bescheten - pappa / bij het schooltje toen je klein was / liet hij mamma in de steek.

Maar laat ik de lezer niet langer lastigvallen met mijn jonge jaren. En ook niet met mijn oude. Noch met mijn wel, wee, lief, leed, (klein)kinderen, ergernissen, theatervoorstellingen en geraniums.

Hier volgt nog één parafrase van die pinksterdag. Annie Schmidt ligt ongetwijfeld te tollen in haar graf, want sommige lettergrepen maken flinke hinkstapsprongen. Maar vergeef me: een 'gewone' column zit er vandaag niet in.

Op een mooie donderdag
Als het effe kan,
stop ik met mijn kollum
om nu eindlijk
es te kuieren in het parkie met mijn man.
Gaan we verre reizen maken,
Netflix kijken, eindeloos.
'n Onbezorgde oude dag,
geen werkdruk meer. Pluk een roos.

Vijf jaar ben ik mooi geweest.
Vijf jaar, dat is veel.
Vijf jaar mocht ik schrijven over Hárry Mulisch, zómerkousen, óuderdom, La Pálmen en toneel.
Dat was Remarquabel en aimabel
en geen betere Buur dan Chris.
't Redigeren van een krant is geen kattenpis.

Maar nu ik mijn biezen pak
Met die stukkies stop
roepen vast van alle kanten alle kranten:
Oster, kom maar hier en kom maar op.
Denk je wel goed na, Chris Buur, en u, Philippe,
weet u wel wat u doet?
Wie schrijft straks op donderdag even leuk en goed?

d' Volkskrant is een volle krant.
Voornaamlijk in de V
staat op ied're bladzij wel een hoogstpersoonlijk
stukje en soms staan er zelfs twee.
Welke columnist mag blijven schrijven?
Wie krijgt zijn congé?
Welke columnist heeft pech en moet straks weg.
Wie doet nog mee?

Morgen zal ik pleite zijn
Eig'lijk al vandaag.
Ik zal niet vol verwijten zijn
Maar wel een beetje spijtig zijn;
ik deed het errug graag.
'k Hoop dat ik nog af en toe een stukje voor
de Volkskrant schrijven mag
in een ander bijvoegsel, op een andere dag. (bis)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden