Een betrokken zondagskind

Dinsdagprofiel Jet Bussemaker..

Een enkele keer laait de smeulende passie op. Neem zo’n ontvangst bij het Europees Kampioenschap voetbal, waar ze als staatssecretaris voor de sport acte de présence geeft. Daar wordt ze samen met andere bobo’s ontvangen. Dan gebeurt het dat een internationaal bestuurder haar over het hoofd ziet en haar totaal negeert. Hoewel, Michel Platini, voorzitter van de Europese voetbalbond, kent haar inmiddels. Jet Bussemaker is dan ook als blonde vrouw een opvallende verschijning in het pakkenlegioen.

Het gaat haar om het ons-kent-ons-mannenwereldje waar een nieuweling, en zeker een vrouw, genegeerd wordt. Niet dat ze het aan die geborneerde mannen zal laten merken. Maar achteraf, op het ministerie, om te laten zien dat er nog een wereld te winnen valt.

Zeehondjes
Dat zit er al vroeg in. ‘Jet was zo’n vrolijk kind. Al jong heel sociaal, meelevend met andere kinderen’, vertelt haar moeder. Betrokken bij het leed in de wereld, zoals dat een kind in de jaren zeventig betaamt. Op haar tiende zijn het de zeehondjes die door gemene Canadezen worden afgeslacht. De kleine Jet verkoopt briefkaarten. Met de opbrengst worden acties tegen ‘de moordenaars’ gefinancierd. In haar tienerjaren werkt ze in de wereldwinkel. En natuurlijk is ze in die jaren tegen de neutronenbom.

Het leidt tot heftige discussies thuis. Vader Bussemaker bracht zijn kinderjaren in Jappenkampen in Indië door. Grootvader sneuvelde toen zijn marineschip door een Japanse mijn naar de kelder ging. Jets vader dankt zijn bevrijding in 1945 aan de overgave van Japan na de atoombommen op Nagasaki en Hiroshima. Eind jaren veertig kwam vader Bussemaker als 17-jarige naar Nederland. ‘Zonder een jaar middelbare school’, vertelt Jets moeder. Met tomeloze studiedrift haalt hij dat in. Hij studeert civiele techniek in Delft, werkt bij verschillende bedrijven, en beëindigt zijn loopbaan bij de Rijksdienst voor het Wegverkeer.

Oorlog
‘De oorlog’ is thuis overigens geen gespreksonderwerp. Jet vergelijkt het later met de verhalen uit Tralievader van Carl Friedman over een gezin waar het ongezegde een stempel op het gezinsleven drukt. Tot Jet Bussemaker als puber tegen ‘de bom’ ageert en vader repliceert dat hij de oorlog zonder de bom niet had overleefd, en zijzelf er dan niet geweest zou zijn. ‘Ik was een onmogelijke puber’, realiseert Jet zich later. Ze gaat met haar vader naar Indonesië, langs de kampen waar hij gevangen zat.

Zoals thuis profileert Jet zich ook op de middelbare school, het keurige Rijnlands Lyceum in Oegstgeest. Ze wordt als eerste meisje voorzitter van de leerlingenraad. Onder haar leiding komt er een leerlingenkamer, als tegenhanger van de docentenkamer. Met haar klasseleraar en leraar Nederlands Lidie Cohen, de echtgenote van de huidige Amsterdamse burgemeester, organiseert ze een ‘feminisme-week’. Daar wordt gedebatteerd over mannen- en vrouwenberoepen. ‘Mariëtte heette ze toen’, herinnert Lidie Cohen zich. ‘Ze was erg maatschappelijk betrokken.

‘Een keer kwam ik vroeg op school en vond Jet bleek in de fietsenstalling. Ik vroeg of ze ziek was, maar ze had die nacht niet geslapen omdat ze, tegen de zin van haar ouders, naar Pinkpop was geweest.’

Gefronste wenkbrauwen
Het activisme wordt Jet Bussemaker niet echt met de paplepel ingegoten. Hoewel het in Den Haag en het land stormt rond de PvdA van Joop den Uyl, de VVD van Hans Wiegel en het CDA onder Dries van Agt, blijft het gezin Bussemaker verschoond van splijtende politieke discussies. Ook het feministische blad Opzij wordt er niet gelezen. Toch gaat moeder weer werken, als medisch analist, als haar jongste naar school gaat. In die tijd vrij uitzonderlijk, dus levert het wat gefronste wenkbrauwen op. Jet vindt het prachtig.

Bij de studiekeuze twijfelt Bussemaker tussen bouwkunde en politicologie. Het wordt het laatste. In Amsterdam uiteraard, want daar gebeurt het dan, vanuit Oegstgeest gezien. Jet vliegt uit, in tegenstelling tot haar iets oudere broer, die vrijwel zijn hele studie rechten in Leiden van huis uit doet en ambtenaar wordt. Haar andere, acht jaar jongere broer studeert in Nijmegen geschiedenis, en verdeelt nu zijn tijd tussen werken in Nederland en het maken van fietstochten, zoals nu van Noordwest-Canada naar Zuid-Chili.

Vrouwenstudies
In Amsterdam komt ze in een kraakpand terecht, het oude gebouw van het Algemeen Handelsblad achter het Paleis op de Dam. Niet alleen uit sociale overwegingen, ook omdat ze geen reguliere kamer vindt. De studie politicologie staat in de jaren tachtig, zeker voor meisjes, in het teken van het feminisme en ‘vrouwenstudies’. Het is de serieuze Bussemaker op het lijf geschreven. Ina Sjerps, nu cao-onderhandelaar van de Nederlandse gemeenten, die tegelijk met Jet politicologie studeerde: ‘We zijn in die jaren ook veel uit geweest, hoor. Dansen bij Jansen, vrouwencafés. Dat hoorde bij die tijd.’ Het moet een apart uitgaansduo zijn geweest. Sjerps, een forse, nogal aanwezige vrouw, naast de frêle, zeker twee koppen kleinere Bussemaker.

Ze specialiseert zich in sociale zekerheid. Na haar afstuderen, cum laude, voltooit ze haar dissertatie in 1993 bij hoogleraar sociologie Kees Schuyt. ‘Dat ging over het toen actuele onderwerp van individualisering in de sociale zekerheid. Jet was bij haar onderzoek bijzonder betrokken en ambitieus. Ze stelde erg hoge eisen aan zichzelf’, zegt Schuyt. Ze werkt dan als wetenschappelijk medewerker aan de Vrije Universiteit. Tot haar aantreden als staatssecretaris in 2007 blijft ze lesgeven.

Vriend
In 1990 vinden vriendinnen het tijd voor een ware vriend voor Jet. De kennismaking met de 15 jaar oudere Garth, geboren in Suriname, mondt uit in een huwelijk en in 2000, op haar 39ste, in het moederschap. Hij werkt dan als psycholoog bij het UWV, maar raakt bij een reorganisatie zijn baan kwijt. Nu zorgt hij veel voor hun dochter en is verdienstelijk schaker. Marjory van den Broeke, hoofd persdienst van het Europees Parlement, leert Bussemaker begin jaren negentig kennen als docent aan de VU. ‘Ze is geen enorme lolbroek. Haar man zegt vaak: je moet meer lachen op tv.’

Na haar promotie in 1993 woelt het in haar om verandering. In het ‘activistisch-feministische’ circuit heeft ze Andrée van Es leren kennen, dan Kamerlid voor GroenLinks. ‘Mijn partner, PvdA-Kamerlid Maarten van Traa, en Garth waren vrienden. Jet was een heel stevig meisje, geen partijtijger. Niet dogmatisch maar met een open visie. Heel inhoudelijk gedreven.’

Kamer
In die jaren is Bussemaker ook lid van GroenLinks, en betrokken bij het wetenschappelijk bureau van die partij. Ze hoopt daar met open blik de ideeën te bundelen van de vier partijen die samen GroenLinks vormden. Dat schiet niet op en in 1995 neemt ze afscheid van de partij. Van Traa heeft haar inmiddels herkend als potentieel PvdA-talent. ‘Ze hebben het veel en vaak over het Kamerlidmaatschap gehad’, zegt Van Es.

Bij de verkiezingen van 1998 komt Bussemaker als nummer 44 op de PvdA-lijst. Na het doorschuiven van Kamerleden naar het kabinet-Kok II, wordt zij lid van de Tweede Kamer. ‘Toen heeft ze een zware periode gehad’, zegt Van Es. ‘Ze dacht: hoe vind ik hier ooit mijn draai? Dat is haar goed gelukt, juist door haar kennis van de inhoud van de sociale zekerheid.’

Khadija Arib, die in 1998 op plaats 12 voor de PvdA direct in de Tweede Kamer komt, noemt haar ‘een zondagskind’. Ze kennen elkaar goed, want in Amsterdam-West zijn ze nu buren. De achtergrond van Arib staat haaks op die van Bussemaker. Arib, opgegroeid in Marokko, zat in de gevangenis voor ze naar Nederland kwam. Vergeleken met zo’n achtergrond is opgroeien in Oegstgeest en studeren in Amsterdam een zondagsgeschiedenis. Maar Arib doelt vooral op de manier waarop Bussemaker zich in de PvdA-fractie wist te handhaven. ‘Door haar kennis van zaken en analytische manier van denken.’ Met die analytische manier van denken kan Bussemaker de boosheid over onrecht de baas.

Ontnuchtering
In 2002 krijgt de PvdA verschrikkelijk klop bij de verkiezingen. De partij wordt in de Tweede Kamer gehalveerd. Maar Bussemakers ster is zo hoog gestegen dat zij toch wordt gekozen. Eveline Tonkens, nu hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam, Kamerlid voor GroenLinks geweest en studievriendin: ‘Dat was een erg zware tijd voor Jet. Zij werd binnen en buiten de partij geassocieerd met Ad Melkert (in 2002 de partijleider tijdens de verkiezingen, red.). Dan kun je hoog of laag springen, maar dan voert beeldvorming de boventoon. Dat heeft ze knap verwerkt.’

Zelf ziet Bussemaker 2003 als haar politieke ontnuchtering. In dat jaar zijn weer verkiezingen, waarna het CDA met de PvdA een formatiepoging doet. Bussemaker is secondant van PvdA-leider Wouter Bos. Tot frustratie van de PvdA mislukt de formatie, en wordt een kabinet CDA-VVD-D66 gevormd. ‘Zure Jet’, kopt NRC Handelsblad boven een reconstructie. Haar wordt arrogantie verweten. ‘Het ziet ernaar uit dat jullie het met ons mogen gaan doen’, zou ze CDA’er Joop Wijn hebben gezegd. ‘Jet was feller, agressiever, zuurder’, herinnerde CDA’er Gerda Verburg zich destijds. Vriendin Van den Broeke: ‘Die periode is een harde leerschool voor haar geweest. Ze zag hoe politiek op zijn naarst kon zijn.’

Staatssecretaris
Voor de verkiezingen in 2006 gaat Bussemaker bij vrienden te rade of zij zich opnieuw kandidaat moet stellen. ‘Ik heb toen gezegd dat ze niet te gauw weg moest gaan’, zegt voormalig promotor Kees Schuyt. ‘Dat het belangrijk was dat ze ervaring als Kamerlid had opgebouwd. Belangrijk voor de Kamer, maar mogelijk zou ze ook ambtsdrager kunnen worden. Dan kan ze daarna altijd terug naar de wetenschap.’

Bij de verkiezingen in 2006 staat Bussemaker vijfde op de PvdA-lijst. Arib is nummer 44. De rollen zijn omgedraaid. Nu slaagt de formatie CDA-PvdA, met de ChristenUnie.

Tot haar verrassing vraagt Bos Bussemaker niet voor Sociale Zaken maar voor Volksgezondheid. Daar zitten ook de intellectuele kanonnen van het CDA – minister Ab Klink van Volksgezondheid – en van de ChristenUnie – minister André Rouvoet voor Jeugd en Gezin. Die moet Jet aankunnen, denkt Bos. ‘Eigenlijk is ze nu gewoon minister, als je naar haar portefeuille kijkt. Met de AWBZ alleen al is ze verantwoordelijk voor 23 miljard’, zegt Tonkens. Maar ook ethische kwesties, zoals de embryoselectie, vallen onder Bussemaker. Sport is de grote afleiding in haar portefeuille. Niet alleen het Europees Kampioenschap voetbal. Ook de Olympische Spelen in China waar ze in functie heen moet. Tussendoor wil ze per se de herdenking van de Tweede Wereldoorlog in Azië, 15 augustus, leiden. Voor haar ook een eerbetoon aan haar vader. ‘Maar sport blijft leuk. Het is eens wat anders dan zorgelijke toestanden met bijvoorbeeld de AWBZ’, zegt Andrée van Es.

CV Jet Bussemaker

1961

geboren op 15 januari 1961 in Capelle aan den IJssel

1986

doctoraal politicologie, cum laude, Universiteit van Amsterdam

1993

promotie in de sociale wetenschappen, Universiteit van Amsterdam: Betwiste zelfstandigheid: individualisering, sekse en verzorgingsstaat.

1987

1993 baan bij de Universiteit van Amsterdam

1991

2007 baan bij de Vrije Universiteit

1998

2007 lid van de Tweede Kamer voor de PvdA

2007

staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden