Column

Een beetje zwart willen zijn, ondanks alles

Parochianen bidden en huilen tijdens een kerkdienst in Charleston. Beeld afp

Nergens is het waarderen van het mengmens zijn zo ingebakken als in bij de creolen in Suriname. Dankzij mijn vader een traditie waar ook ik deels in ben opgegroeid. In het besef dat de wereld in al zijn verrassende uithoeken door je aderen stroomt.

Die bruine pikkelsproetjes op je okerbruine huid: druppels Chinees. Hoge jukbeenderen: typisch indiaans. Net als naar buiten wijzende borsten. De slag in je haar: gelukkig dat je hindoestaans of indiaans bloed hebt. Of blank, want dat is nog altijd het beste en een blijvende Caribische obsessie.

Nee, van geïnternaliseerd racisme is dit etnisch labelen van lichaamsdelen niet gespeend. Een ingebakken minderwaardigheidscomplex uit de slavernij. De enige pré aan wat Afrikaans bloed is dat je dan hopelijk een goede volle hoge ronde kont hebt. Want och, als je bil plat is, zet je beter even vulkussentjes...

Mijn moeder is de Hollandse kant. Hoewel, ook met een gemengde twist. Kind van een Friezin en een Afro-Amerikaanse jazzmuzikant en geadopteerd door een gereformeerd echtpaar. Als bruin meisje opgegroeid in het Nederland van de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw, waar iedereen op en omkeek van een gekleurd kind.

Toen ik op mijn 19e voor het eerst in de Verenigde Staten kwam, een zomer in Los Angeles, werd ik door willekeurige Afro-Amerikanen op straat met een warm 'hi sister' begroet. Ik mocht meteen bij deze 'familie'. Men labelde mij 'black', 'from Europe' of niet. Ik werd meteen uitgenodigd voor barbecues en meegeloodst naar een zwarte kerk vol Aretha's. Geweldig was het om meteen in zo'n hechte gemeenschap te worden opgenomen.

Maar als ik in plaats van hiphop of R 'n B eens U2 opzette, of Mozart, of salsa ('hispanic') of eruitflapte dat ik net zo lief met zwarte als blanke jongens of wie dan ook uitging, was dat niet slechts 'weird' maar ook 'sellin' out'. Als ik probeerde uit te leggen dat ik 'black' was met ook heel wat laagjes en stroompjes Caribisch en Europees, en dat ik me daarom wereldburger voelde, keek men mij glazig aan.

In de Verenigde Staten gold tijdens de Jim Crow segregratiewetten de 'one drop of black blood'-regel. Een druppel zwart bloed classificeerde je als zwart. In theorie maakt het niet uit hoe donker of licht je uitvalt als je gemengd bent. In de praktijk wel. Mariah Carey - blanke moeder, zwarte vader - ziet er zo 'blank' uit dat ze er voor kan doorgaan ('passing', een populaire traditie uit de slavernij omdat het vrijheid binnen handbereik bracht).

Ze worstelde er lang mee dat zij niet 'black' was maar in een etnisch niemandsland leefde, tot ze, veel creoolser, aanvaarde wie ze was; Iers en Venezolaans zwart. Iets wat voor Alicia Keys, Halle Berry of Barack Obama vanzelfsprekend was, die waren ondanks hun blanke moeders donker genoeg uitgevallen.

Vorige week zette Rachel Dolezal de wereld op stelten door 'passing' in tegengestelde richting. Ze fascineerde mij. Ook zij komt uit een gemengd gezin; Haar identificatie met haar zwarte geadopteerde broers en zus schoot iets te ver door.

Maar als je in een gemengde familie opgroeit, vloeit de identiteit van de ander ineens over in je eigen leven. De ervaring van de ander is zo dichtbij. Een blanke ouder met een zwart kind ervaart op een veel intiemere manier hoe kleur speelt in iemands leven. En andersom ook.

Toch is 'een beetje zwart willen zijn' op zich niet zo heel verrassend, ondanks het diepgewortelde en virulente racisme. Sinds het ontstaan van de populaire cultuur, de jazz in de jaren twintig, zijn zwarte Amerikaanse popculturen wereldwijd dominant. 'Appropriation', het willen toeëigenen van (delen van) de zwarte cultuur, is al heel lang onderdeel van de popcultuur. Van de jazz tot de soul en de hiphop: een blanke artiest die 'zwart' klinkt of oogt staat garant voor wereldfaam. Van Al Jolson in 1927 tot Iggy Azaelea in 2015.

De reactie op de tragische racistische aanslag in Charleston maakte weer duidelijk hoe bijzonder die zwarte Amerikaanse cultuur is. Die diepgevoelige spirituele veerkracht van de zwarte kerk, die al eeuwen intense pijn het hoofd biedt. Die de prachtigste gospel voortbracht, de bakermat voor jazz, soul, blues en R 'n B, maar ook de morele inspiratie voor de Civil Rights Movement.

Onbewust dacht ik dat Dolezal zich misschien die sterke en veerkrachtige creatieve cultuur en die hechte gemeenschap had willen toe-eigenen. Want dat wil ik stiekem ook een beetje.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden