Een asbakje van Saddam als aandenken

Er zijn geen Amerikanen in Bagdad, bezweert de woordvoerder van het Iraakse regime. 'Volgens mij is deze hele klotenstad van ons', roept een Amerikaanse militair....

AP en AFP

Maar vrijwel op het zelfde moment rijden Amerikaanse colonnes in de richting van het grootste en nieuwste presidentiële paleis, aan de oever van de Tigris. Dit paleis ligt niet ver van het inmiddels verwoeste hoofdkwartier van de Ba'ath-partij. Kennelijk is het eerder gebruikt voor bewoning dan om er te werken.

De kruispunten op de wegen die naar de presidentiële paleizen voeren worden bewaakt door groepjes mannen met de meest uiteenlopende kledij en bewapening. Sommigen dragen een spijkerbroek, anderen een camouflagepak. Sommigen dragen een legerpet, anderen een keffieh. Hier en daar hebben ze zich verschanst achter een barricade van meubilair.

Als de Amerikanen het presidentieel complex bereiken, worden ze beschoten vanuit een klokkentoren. De toren wordt door de Amerikaanse tanks verwoest.

Terwijl de tanks zich dreigend rond het paleis opstellen, gaan de mannen van het Derde Bataljon Infanterie binnen op onderzoek uit. Ze neuzen in documenten die ze er vinden en nemen asbakjes, kussens en goudgerand Arabisch glaswerk mee als aandenken. Het vergulde namaak-Franse antiek is overdekt met een laag stof. Sommige ramen bieden een weids uitzicht over de Tigris.

Het souterrain en de begane grond van het hoofdgebouw - een paleis van zandkleurige baksteen met blauwe tegels - staan blank. De rest van het gebouw is grotendeels verwoest, misschien door kruisraketten, misschien door laser-geleide bommen. Door de kracht van de explosies zijn de gordijnen van de ramen gerukt, die liggen in slordige hopen op de grond.

'Volgens mij is deze hele klotenstad van ons', roept een Amerikaanse officier. Maar zover is het nog niet. De Amerikanen willen de inwoners van Bagdad alleen laten zien dat ze kunnen gaan en staan waar ze willen. Uitdagend omsingelen ze korte tijd het ministerie van Informatie.

De journalisten in het Palestina-hotel krijgen dat echter niet te zien. Militieleden van Saddam Husseins fedajien zorgen ervoor dat ze niet naar buiten kunnen. Pas later mogen ze het hotel weer uit. Dan rijden de bussen van het ministerie van Informatie voor, waarmee ze hun dagelijkse uitstapje mogen maken.

De gewapende mannen achter de zandzakken bij de kruispunten maken een V-teken als ze langskomen. In de cafés zitten mannen een waterpijp te roken, anderen zitten voor de deur van hun huis triktrak te spelen. Een stel jongens schopt een voetbal over straat. De rode stadsbussen rijden hun route alsof er niets aan de hand is.

Maar bij de Rashid-brug, niet ver van het paleis, knielt een militielid neer op straat, zijn raketwerper over de schouder. Klaar om te schieten op iedere Amerikaan die het waagt de brug over te steken.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden