EEN AMERIKAANSE TOEKOMST?

MET grote gretigheid volg ik altijd de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Vanaf de voorverkiezingen, via de conventies, naar de echte verkiezingen in november....

Telkens weer kwam ik in de grootste verwarring terug. Aan de ene kant vol bewondering voor de manier waarop men tienduizenden, vooral jonge mensen weet te mobiliseren om zich belangeloos uit sloven om hun kandidaat in het Witte Huis te krijgen. Aan de andere kant vol afkeer van de gelikte en soms doortrapte manier waarop door professionals alle methoden van beïnvloeding worden gebruikt om de eigen kandidaat te promoten en de andere kandidaat te bevuilen. Dat alles voor de verkiezing van de machtigste man van de wereld door nog niet de helft van het Amerikaanse electoraat. De andere helft blijft thuis, omdat ze ieder vertrouwen in het politieke proces hebben verloren.

Sinds de Tweede Wereldoorlog vormen de Verenigde Staten niet alleen politiek de machtigste natie van de wereld, maar ook cultureel. De culturele veramerikanisering van de wereld is al decennia aan de gang. En sinds in de jaren tachtig de informatietechnologie is doorgebroken verloopt dat proces alleen maar sneller. De vraag wordt steeds relevanter of ook de Amerikaanse manier van politiek bedrijven door ons zal worden overgenomen.

Wie het debat over het politieke debat in Nederland volgt, moet het ergste vrezen. De kritiek op het functioneren van politieke partijen en de rol die zij in het politieke discours spelen is heel groot. En terecht. Politieke partijen, wellicht met uitzondering van enkele vleugelpartijen, spelen in de politieke meningsvorming van de burger nauwelijks nog een rol. Hun ledental loopt terug, door jonge mensen worden ze gemeden als de pest en een aantal critici voorspelt dat ze een langzame dood zullen sterven. Maar dan? Daarover is niemand helder.

Lees bijvoorbeeld wat Lennart Booij, ex-kandidaat-voorzitter van de PvdA daarover te vertellen heeft in NRC Handelsblad van jongstleden dinsdag. Zijn stelling luidt dat politieke partijen als ledenorganisaties verdwijnen. Hij betreurt dat niet, want ze zijn toch maar een rem op maatschappelijke ontwikkelingen. Ze reageren alleen maar defensief. Wat dan wel? Politieke partijen zoals in Amerika volgens het 'business firm-model' waarin partijen opereren als ad hoc verkiezingsmachines voor kandidaten?

Booij heeft geen bezwaar als er maar een visie achter zit. Maar ook met beginseldiscussies is hij gauw klaar. Want die gaan in feite alleen maar over individuele vrijheid versus collectieve verantwoordelijkheid. Het is volgens Booij de taak van moderne partijen (ik neem aan dat hij daarmee bedoelt de ledenloze partijen) om beginselen te vertalen naar herkenbare begrippen en praktische politiek. Neem bijvoorbeeld het beginsel gelijke kansen: 'Gelijke toegang tot onderwijs, arbeidsmarkt, zorg, nieuwe media. Als je dat beginsel onderschrijft, is de rest een kwestie van uitvoering. Dan zeg je tegen partijgenoten: kom maar op, hoe krijgen we het voor elkaar dat zwarte scholen geen achterstandsscholen zijn?'

En zo simpel is de oplossing voor alle problemen. 'Want moderne burgers hebben helemaal geen zin in theoretische debatten. Die zeggen: oké, wat is het probleem, hoe gaan we het aanpakken, en dan willen ze het ook aanpakken'.

Het is van een verbijsterende eenvoud en de diepgang van een dubbeltje. Het schijnt Booij te zijn ontgaan dat de oorzaak van de ongelijke toegankelijkheid van onderwijs, arbeidsmarkt en zorg nu juist ligt in het feit dat de moderne burgers hun individuele vrijheid hebben laten prevaleren boven hun collectieve verantwoordelijkheid. Toen er naar hun zin te veel allochtone kinderen op de school van hun kinderen kwamen, hebben ze inderdaad gezegd; oké, dat is een probleem en dat pakken we aan door onze kinderen naar een witte school te sturen.

De essentie van het Amerikaanse politieke model, het 'business firm model', is juist dat de optelsom van individuele keuzes van de burgers leidraad is voor het politieke programma van de kandidaten en hun partij. Met uitgekiende onderzoeksmethoden wordt nagegaan wat de opvattingen van de burgers zijn. En met uitgekiende propagandamethoden wordt geprobeerd de verschillende doelgroepen er van te overtuigen dat de kandidaat er net zo over denkt als de te werven kiezer.

Is de kiezer voor de doodstraf, dan is de kandidaat voor de doodstraf. Blijkt de doodstraf soms wel eens onschuldigen te treffen en beginnen burgers dan te twijfelen over de doodstraf, dan begint de kandidaat ook te twijfelen. Ook in ons land vindt deze manier van politiek bedrijven steeds meer ingang. Zogenaamde focusgroepen van kiezers maken uit wat de politieke partijen er van moeten vinden. In plaats van dat de politieke partijen uitmaken wat de kiezers er van zouden moeten vinden. Om op basis daarvan aanhang te verwerven.

Het politieke debat in Nederland is vermoord, omdat politici geen opvattingen meer hebben waarover je kunt debatteren. In de VS hebben ze het vacuüm dat daardoor is ontstaan gevuld met ballonnen. Die is Booij voor Nederland nu alvast aan het opblazen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden