Een Amerikaanse maaltijd en een Brits weekrantsoen

JE MAG HET, met enige verbreding van de gangbare betekenis, wel degelijk ook een bezetting noemen. Tussen 1942 en 1945 herbergde Groot-Brittannië een groot aantal Amerikaanse militairen....

Vrijwel onmiddellijk na Pearl Harbor, 7 december 1941, was het begonnen. Deze Japanse aanval op de Amerikaanse vloot was een keerpunt in de oorlog. Die avond, zo herinnerde Winston Churchill zich, 'ging ik naar bed en sliep de slaap der geredden en dankbaren'. De Britten stonden niet meer alleen. Op 26 januari 1942 werden de eerste GI's in Belfast ontscheept.

De Amerikaanse 'bezetting' van Groot-Brittannië werd een culture clash van jewelste. Neem alleen al zoiets eenvoudigs als tafelgewoonten. Er is een beroemd voorbeeld van de Amerikaanse generaal Omar Bradley, die in september 1943 met zijn hele staf rechtstreeks uit Sicilië naar Schotland vloog om zich daar voor te bereiden op de invasie in Normandië. In Glasgow bestelden Bradley en zijn mannen hun eerste ontbijt in het Grand Hotel. De serveerster bood hun in onverstaanbaar Schots de keus uit twee mogelijkheden. 'Geef mij maar het tweede', zei Bradley nonchalant. Ze kwam aanzetten met gestoomde vis en gekookte tomaten - hadden de Amerikanen nog nooit gezien, zo vroeg op de dag. Bradley had ook worstjes kunnen krijgen, als hij maar voor het eerste gerecht had geopteerd.

De militairen vroegen vervolgens om een kan water, maar nu was het de beurt van de serveerster om verbaasd te kijken. Ze kwam terug met een theepot vol kokend water. Het duurde een paar minuten voordat haar duidelijk werd dat de heren koud water, liefst met ijsblokjes, wensten. Dat kon. Maar pas toen er daarna ook glazen bij werden besteld, ging het meisje een licht op: 'Oh, you want to drink it, do you?'

Veel Britten 'adopteerden' GI's door steeds dezelfden bij hen thuis uit te nodigen. Een liefhebber van Thomas Hardy was tot zijn grote geluk herhaaldelijk te gast bij een familie die in het oude huis van de schrijver woonde. Maar het kon ook flink mislukken, zoals blijkt uit een ongetwijfeld apocrief, maar daarom niet minder tekenend verhaal. Een deftige oude dame stuurde de commandant van de nabijliggende basis een uitnodiging voor drie willekeurige Amerikaanse soldaten. Ze had één restrictie: het mochten geen joden zijn. 's Avonds werd keurig op tijd aangebeld en daar stonden drie zwarte GI's. De dame hakkelde dat het een misverstand moest zijn. Maar één van de soldaten zei: 'O nee, mevrouw, kolonel Cohen vergist zich nooit.'

Tot op het hoogste niveau werd angstvallig gewaakt over de verhouding tussen gasten en gastheren. Eisenhower stuurde eens een officier terug naar huis omdat deze een Brit had uitgescholden. Toen de Brit kwam vertellen dat het allemaal zo erg niet was en dat de desbetreffende officier alleen maar 'son of a bitch' had gezegd, wierp de opperbevelhebber tegen: 'Volgens mijn informatie heeft hij British son of a bitch gezegd. En dat is een kardinaal verschil.'

Generaal Carl Spaatz onderscheidde drie zware misdrijven voor de mannen van zijn luchtmacht: moord, verkrachting en het verstoren van de Anglo-Amerikaanse relaties. Spaatz: 'De eerste twee kunnen worden vergeven, het derde nooit.' Toch werden tussen 1942 en 1945 zeven GI's in Groot-Brittannië geëxecuteerd: één wegens moord en zes wegens verkrachting.

De Amerikaanse GI's kwamen in een uitgeteerd land. Al gauw heetten ze oversexed, overpaid and over here. Deze GI's kregen nauwgezette instructies mee hoe met de Britten om te gaan. Dat begon met een filmpje, waarin Hollywood-acteur Burgess Meredith voordeed hoe het moest. In dit A Welcome to Britain kwamen de adviezen zeer rechtstreeks: lach ze niet uit, steek niet de gek met Schotten over hun rokjes, flirt niet met serveersters, en als je bij hen thuis wordt gevraagd, eet dan niet te veel. Eén goede Amerikaanse maaltijd is voor hen hetzelfde als een weekrantsoen. En denk er bovenal aan dat deze mensen een beroerde tijd hebben gehad. Dat ze, anders dan jij, al vechten sinds 1939. Kom dus niet zomaar binnen en smijt niet met geld. Verwacht ook niet dat iedereen je als held en overwinnaar verwelkomt. En vooral: heb nooit kritiek op de koning.'

Die waarschuwingen waren nodig. Want het kwam vaak genoeg voor dat de jonge GI's door hun ontvangst in Groot-Brittannië volslagen het hoofd op hol werd gebracht. Ze vingen gemiddeld drie keer zoveel soldij als hun Britse collega's. Aan voedsel en drank was geen gebrek. Ze waren ook daarom zeer in trek bij de dames, 'tenzij je er nog erger uitzag dan Quasimodo', zoals een GI observeerde.

Neem William Stock, GI uit Milwaukee: 'We waren opscheppers. We waren Yankees. Een heleboel Engelse meisjes dachten dat we uit Hollywood kwamen. Ik zei dat ik uit Californië kwam. Kende ik Clark Gable? O ja, die woonde naast mij. Het was natuurlijk idioot, maar iedereen deed het.' De Britse soldaten waren stinkend jaloers en niet ten onrechte. Uiteindelijk trouwden zeventigduizend Britse meisjes met Amerikaanse soldaten.

De commandanten zagen deze huwelijken niet graag. Er bestaan veel gevallen van GI's die ver weg werden overgeplaatst zodra ze een verzoek indienden om te trouwen. De voornaamste reden was dat het leger het onaangenaam vond dat echtgenotes dicht bij de bases woonden en aldus de aandacht van de soldaten afleidden. Bovendien kleefde aan dit soort 'lokale' huwelijken oneerlijkheid, omdat immers al in de Verenigde Staten gehuwde militairen hun echtgenotes thuis hadden moeten laten.

VRIJWEL vanaf het begin vormde in de ogen van beide regeringen 'sex' de bron van alle fricties tussen Amerikanen en Britten. Het gaf ook puur praktische problemen. In 1942 waren de GI's niet alleen voor hun voedselvoorziening afhankelijk van Britse leveranties, maar ook voor hun condooms. Die bleken, aldus een officiële klacht, 'totaal ongeschikt', want ze waren te klein. Pas een jaar later kwamen de zendingen uit de VS goed op gang.

Buitenechtelijke verhoudingen vormden minder een probleem dan een huwelijk, tot zelfs hoog in de hiërarchie. Het was geen geheim dat de geallieerde opperbevelhebber Eisenhower een verhouding had met zijn Britse chauffeuse Kate Summersby. Veel van soortgelijke affaires koelden af wanneer de dag van terugkeer naderde. Eisenhower loste zijn probleem op met een formele ontslagbrief aan Summersby, waaraan hij toevoegde: 'Persoonlijk vind ik het zeer pijnlijk dat een verbintenis die voor mij zo waardevol is geweest, op deze manier beëindigd moest worden.'

Toch vormde medio 1946, dus een jaar na de oorlog, volgens een officieel rapport, 'de enige activiteit van het Amerikaanse leger in Groot-Brittannië de verscheping van oorlogsbruiden'. Maar ook: tot op de dag van vandaag zijn er Britse mannen en vrouwen op zoek naar hun Amerikaanse vaders.

David Reynolds: Rich Relations - The American Occupation of Britain, 1942-1945.

Random House, import Van Ditmar; ¿ 65,60.

ISBN 0 679 42161 0.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden