Een academisch bedrijf in Twente

De Universiteit Twente werkt aan een imago dat topwetenschappers van elders begint weg te trekken. Is 'Twente', dat zich graag spiegelt aan bedrijven, een betere universiteit?...

De universiteitsprofessor is een bron van academische naijver. Hij ressorteert rechtstreeks onder het college van bestuur en is derhalve geen ruggespraak verschuldigd aan een beroepsdecaan - de gesel van de freischwebende Intelligenz - of aan facultaire letterknechten. Hij is vrijgesteld van bestuurlijke taken en ander corvee, en hij geniet ook nog eens een inkomen waarmee hij de materiële verlokkingen van het bedrijfsleven kan negeren.

Als zo'n goudhaantje uit vrije wil, en met achterlating van zijn begeerde rang, naar een andere universiteit vertrekt, is dat dus opmerkelijk. Zeker als het geen prestigieuze Ivy League-instelling betreft, maar een middelgrote 'ondernemende universiteit' in het oosten des lands. Toch zal dit scenario zich weldra voltrekken met de transfer van universiteitshoogleraar Ad Lagendijk van de Universiteit van Amsterdam naar de Universiteit Twente (UT).

Over zijn beweegredenen heeft Lagendijk zich in extenso uitgesproken. De UT kan het optisch onderzoek waaraan Lagendijk zijn naam verbonden heeft, beter faciliteren dan de UvA. In Enschede zal hij kunnen beschikken over een goed geoutilleerde clean room, in Amsterdam zullen zijn werkzaamheden nog geruime tijd worden gehinderd door de verwijdering van het alom aanwezige asbest. De UT heeft, in de nasleep van de vuurwerkramp in Enschede, weliswaar tweehonderd miljoen gulden uitgetrokken voor het aanbrengen van brandwerende voorzieningen, maar daarvan zullen Lagendijk en zijn companen geen serieuze overlast ondervinden, verzekert een woordvoerder van de universiteit.

Rest de vraag hoe goed de UT eigenlijk is. Wat stelt haar in staat coryfeeën van zusterinstellingen aan te trekken? De UT zelf veinst vooral bescheidenheid. Zij had zich op een deel van het optisch onderzoek toegelegd dat de TU Delft onontgonnen had gelaten. En die mooie clean room was tijdig genoeg ingericht om Lagendijk te kunnen bekoren. Maar zijn komst naar Twente is niet het resultaat van een uitputtend proces van loven en bieden. Hij heeft gewoon voor de beste faciliteit gekozen.

Volgens de Amerikaanse universiteiten-kenner Burton Clark speelt toeval bij dit soort arrangementen echter een ondergeschikte rol. Universiteiten die zich een ondernemende - 'entrepreneurial' - houding hebben eigengemaakt, ontlenen hieraan een wervend zelfbewustzijn. En wat hem betreft, kan de UT doorgaan voor een Europese exponent van academische ondernemingszin. Akkoord: Twente kan de Amerikaanse competitie-ijver bij lange na niet evenaren, maar in de poel van Nederlandse (en Europese) gelijkmatigheid vormt ze een toonbeeld van dynamiek.

Zo onderscheidt haar bestuurscultuur zich van die van de meeste zusterinstellingen. Het dominante 'collegiale model' is in Enschede vervangen door een 'presidentiële structuur'. Dat wil zeggen: de functie van collegevoorzitter en rector magnificus zijn verenigd in één persoon: de bestuurskundige F. van Vught.

Hij spiegelt zich vooral aan zijn evenknieën in het bedrijfsleven. In het vijfkoppige College van Bestuur - ook een unicum in academisch Nederland - treedt hij niet op als primus inter pares, maar als sterke man.

Maar Burton Clark, die in Twente als een goeroe geldt, spoort de UT aan tot nog meer bestuurlijke daadkracht. In een interview met het Enschedese alumni-periodiek stelde hij onlangs de universiteit van Strathclyde (Schotland) ten voorbeeld, waar ondoorzichtige facultaire structuren zijn geslecht door een centraal bestuursorgaan.

De voordelen zijn evident, meent Clark. Zo'n bestuur kan fungeren als bron van een corporate identity en - vooral - als serieus te nemen partner van het bedrijfsleven. En dat is de enige partij die er voor Clark toe lijkt te doen. Getuige zijn schampere opmerking over het triviale karakter van het modale letteren-proefschrift. 'De industrie zit nu eenmaal niet te wachten op de 250ste dissertatie over Jane Austin.'

De UT probeert in de geest van Burton Clark te handelen. Lijkt elders de hoogmis voor het bedrijfsleven ten einde te spoeden, Twente afficheert zich naar hartelust als ondernemende universiteit. Studenten worden op alle denkbare manieren ondersteund bij de vestiging van eigen bedrijfjes, en in de omgeving van de campus gonst het van de IT-nijverheid. Alleen vorig jaar al, ontleenden 29 debuterende ondernemers hun bestaansrecht aan de nabijheid van de UT.

Twente telt relatief veel gesponsorde hoogleraren - ook zo'n klinkend testimonium van ondernemerschap. Rector Van Vught sprak eerder dit jaar het vermoeden uit dat zo'n 15 procent van de (gewone) leerstoelen ten dele door derden wordt betaald. Maar zeker wist hij het niet. 'Bij een cortege zie ik echt niet wie gesponsord is, en wie niet.'

En een paar jaar geleden schoffeerde de UT menig academische fijnproever met de benoeming van ICT-orakel Roel Pieper tot gewoon hoogleraar. Meestal wordt voor een dergelijk eerbetoon een bijzondere leerstoel in het leven geroepen, maar de UT meende daar ditmaal kennelijk niet mee te kunnen volstaan.

De bedding van de UT in het bedrijfsleven komt ook tot uiting in de omvang van de derde geldstroom (inkomsten uit contractonderzoek). Hieruit konden vorig jaar 187 volledige onderzoeksbanen worden bekostigd, tegen 338 'reguliere' (door de overheid gefinancierde) fte's. Met deze cijfers onderscheidt de UT zich overigens niet noemenswaardig van de universiteiten waarmee zij zichzelf pleegt te vergelijken (de TU Delft en de Technische Universiteit Eindhoven). Evenmin is de laatst jaren sprake geweest van een progressie. In 1995 werden nog 234 onderzoekers bekostigd uit de derde geldstroom. In 1990 waren het er 216.

Eveneens is het twijfelachtig of de Twentse ondernemingszin de UT een kwalitatief voordeel verschaft. Wetenschapsvoorlichter Wiebe van der Veen is in elk geval nogal huiverig voor zo'n gevolgtrekking. 'Op onderdelen, zoals het optisch onderzoek, verkeren we misschien in het voordeel. Maar het gaat wat ver om op andere terreinen enig overwicht op te eisen.'

De beschikbare cijfers staven die waarneming. Twente doet het doorgaans redelijk in de rankings waarbij het studentenoordeel de doorslag geeft, maar staat minder goed aangeschreven bij de hoogleraren. Ten opzichte van de technische universiteiten en de instellingen die zich - net als de UT - op hun innovatieve houding laten voorstaan (de universiteiten van Brabant en Maastricht), speelt de UT geen bijzondere rol.

De wetenschappelijke output laat zich even moeilijk registreren. Elke universiteit ordent haar 'productiecijfers' op een andere manier zodat onderlinge vergelijking moeilijk is. Alleen uit het aantal promoties en octrooien zou een en ander op te maken kunnen zijn.

En ook in dit opzicht maakt de UT geen verpletterende indruk. In Twente legden vorig jaar 97 promovendi hun proeve van wetenschappelijke bekwaamheid af, tegen 99 in Eindhoven. Ook met betrekking tot het aantal vergaarde octrooien bleef de UT vorig jaar achter bij de TUE 31 tegenover 35.

Zelfs op de voordelen van de UT als jonge instelling is wel wat af te dingen. De universiteit vestigde zich veertig jaar geleden op een landgoed bij Enschede, en is bij haar expansie nauwelijks gehinderd door bestemmingsplannen en beschermde stadsgezichten. Dat is een weelde die 's lands oudste universiteiten niet kennen. Het gevolg van haar relatieve jeugdigheid is wel dat de meeste gebouwen (die door toedoen van oud-minister Ritzen eigendom van de universiteit zijn) tezelfdertijd toe zijn aan renovatie.

De UT heeft voor dat doel 260 miljoen gulden op de kapitaalmarkt moeten lenen. Maar daar doet ze als ondernemende universiteit ook niet benauwd over. Het gaat welbeschouwd om een bescheiden bedrag, lichtte collegelid Hugo Barbas deze zomer in de Volkskrant toe. 'Particulieren maken het met hun hypotheek aanzienlijk bonter.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.